kris2.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
Laatste artikelen
 
Op deze pagina staat het tweede deel van de lijst met casussen die ik heb bestudeerd. De resultaten van mijn analyses staan in:
En hier is het eerste deel van de lijst met casussen:
 
#224:Dagblad van het Noorden, 'Loverboys gijzelden meisjes', 15-10-2006. Twee meisjes van 16 en 18 zijn geruime tijd tegen hun wil vastgehouden in een bovenwoning in de stad Groningen. Politie Groningen is druk bezig met het afronden van een onderzoek naar de twee loverboys van 19 en 28 jaar die beide meisjes hadden opgesloten in een bovenwoning in het Oosterpark. De meisjes waren aanvankelijk smoorverliefd op de jongemannen. Maar na verloop van tijd mochten ze de bovenwoning niet zomaar meer verlaten. Ze werden ernstig mishandeld en bedreigd. Na verloop van tijd moesten ze mannen ontvangen in de bovenwoning. Ook werden ze geregeld met de auto naar mannen toegebracht. bron
#225:AD, 16-10-2006, 'Verkracht door gemaskerde mannen'. Bij het oprollen van een hennepkwekerij in Rotterdam werd in juli een 35-jarige Bulgaarse bevrijd. Ze vertelde de politie een maand lang herhaaldelijk te zijn verkracht door gemaskerde mannen. Vandaag stonden de vermeende verkrachters terecht. bron Zie ook Reformatorisch Dagblad, 16-10-2006, 'Telefoontaps openbaren duistere wereld' bron
#226 & 227:RotterdamVeilig.nl (van de gemeente Rotterdam), 20-10-2006, "Escortcontrole door vreemdelingenpolitie weer succesvol". Personeel van de Eenheid Vreemdelingenpolitie van de politie Rotterdam-Rijnmond heeft, in overleg met het Openbaar Ministerie, vrijdag 13 oktober jl. een escortcontrole gehouden waarbij vier prostituees zijn gecontroleerd. Personeel van de Eenheid Vreemdelingenpolitie heeft vrijdag 13 oktober vanuit een woning in Rotterdam vier escortbureaus benaderd. Door de bureaus werd een prostituee geleverd, waarna deze vrouwen, in leeftijd variërend tussen de 27 en 31 jaar oud, zijn gecontroleerd. De vrouwen waren afkomstig uit Rusland, Thailand, Kroatië en Tsjechië. De Russische vrouw maakte gebruik van een Hongaars vervalst paspoort. Zij kreeg hiervoor een proces-verbaal en wordt uitgezet naar Rusland. De Thaise vrouw werkte als au pair in Nederland en werkte onder dwang van haar familie in de prostitutie. De Kroatische vrouw bleek, na onderzoek, het slachtoffer van mensenhandel te zijn en de Tsjechische vrouw werkte vrijwillig in de prostitutie. Geen van de vrouwen had een vergunning om te werken. (ik bedoel met 226 en 227 de Thaise en Kroatische vrouw). bron
#228: Op www.vermist.nl wordt Michaela B. beschreven, geboren te Nitra in Slowakije, 1980. Werd in 2001 (?) vanuit Slowakije naar Nederland gehaald door een vrouwenhandelaar naar de Rotterdamse animeerbar “Mon Chery”, (Westzeedijk 68, 3081PA, KVK-nummer: 24150423 0000)
#229: AD, 'Ik deed het met zijn vrienden', 16-11-2006. Marloes (20) was 16 toen ze verkering kreeg met Djon. Ze ging bij hem wonen en moest met zijn vrienden naar bed (in het huis). Ze was een jaar geleden van hem ontsnapt. bron
#230: Uit het boek “Tippelen voor dope”(1987) door Ton van de Berg en Maria Blom, op pagina 58: Een andere vrouw vertelt daarentegen dat ze door haar vriend in de auto werd meegenomen: »En toen op de snelweg zegt hij, we gaan je naar een club brengen en als je geen zin hebt om te werken, dan loop je maar terug. Nou, daar had deze dame dus geen zin in, dus ging deze dame werken.«
#231: Uit hetzelfde boek als #230. Op pagina 82. Ze werd voor haar 14de (nu 16) gepushed door haar aan herïone-verslaafde vriend op straat te werken voor de heroïne, voor hem en voor zichzelf.
#232: Omroep Max, Max en Katrien(?), donderdag 12 oktober 2006, 17.35-18.25 uur, Ned 2. Een paar loverboy-slachtoffers te gast. Eén is Lotte, hogerberoep loopt nog. Wertke op de Wallen en Zandpad. Opgehaald door de politie, loverboy gearresteerd. Lotte denkt van de 100 meisjes er 2 vrijwillig en de rest gedwongen, niet alleen Nederlandse meisjes moor ook buitenlandse, ze heeft het gezien. bron
#233: Zelfde programma als #232. Lizette, weggelopen van huis. 16, zwanger, ingeluist. Mocht niet achter het raam. Werkte via Internet-advertenties thuis, escort. Weggelopen met klant, woont daar al 3,5 jaar mee samen.
#234: Zelfde programma als #232. Anita de W. haar dochter door loverboy (lijkt fotomodel). Moeder liet haar in de gevangenis zetten.
#235: De Ochtenden, 'Loverboys ronselen licht verstandelijk gehandicapten', 18-5-2006. Een medewerker van een Amsterdamse instelling vertelde in de uitzending dat een jongen zich al wekenlang voordeed als het vriendje van een meisje, toen bleek dat hij een pooier was. ,,Op een gegeven moment kwamen we er achter dat ze al twee, drie weken niet meer naar school ging maar op de Wallen achter het raam zat. bron
#236: VPRO “De lijn - van de Sint-Pieterspoortsteeg naar het Centraal Station, deel 2"(1983) De (Nederlandse?) prostitutee Petra wordt geïnterviewd in de “La Vie en Rose”. Er werd haar gevraag: “Werk je met een man?” Waarop ze zei: “een pooier. Ik heb 2,5 jaar voor een pooier gewerkt. Totdat ik erachter kwam dat hij me bedroog.” bron
#237: In "Hoerenboek" (1986) door Martine Groen. Margo (Margot Alvarez) wordt beschreven. Ze richtte in 1984 met enkele andere vrouwen de Rode Draad op. Ze is nu 28. Ze leerde haar vriend kennen toen ze 16 was (1974?). De eerste vijf jaar heeft hij haar vaak bont en blauw geslagen. Op een keer heeft hij haar heel erg mishandeld, hij kneep haar keel dicht en sloeg haar dagen achterelkaar. Toen is ze achter het raam gaan werken in Den Haag. De druppel die de emmer deed overlopen was toen haar neus werd verbrijzeld. Ze werkte jaren voor hem. In Live Sex Acts (Wendy Chapkis, 1997) wordt ze ook beschreven. Ze zegt 5 à 6 jaar achter het raam gewerkt te hebben 6 dagen per week 10 uur per dag, ze begon op haar 21ste (dat moet in 1986-7=1979 zijn geweest, trek er nog een jaar vanaf anders kom je in de problemen met de oprichting van de Rode Draad). Ze stopte toen ze haar pooier ontvluchtte, later is ze voor zichzelf gaan werken. In 'A Vindication of the rights of whores' (Gail Pheterson, 1989) vertelt ze (op pagina 161-163) dat ze 4,5 jaar voor die man heeft gewerkt.
In Live Sex Acts (Wendy Chapkis, 1997) wordt ze ook beschreven. Ze zegt 5 à 6 jaar achter het raam gewerkt te hebben 6 dagen per week 10 uur per dag, ze begon op haar 21ste (dat moet in 1986-7=1979 zijn geweest, trek er nog een jaar vanaf anders kom je in de problemen met de oprichting van de Rode Draad). Ze stopte toen ze haar pooier ontvluchtte, later is ze voor zichzelf gaan werken.
#238: In “Hoerenboek” (1986) door Martine Groen. Prostituee Rebecca beschrijft dat een collega van haar in de raamprostitutie voor een pooier werkt.
#239: In “Hoerenboek” (1986) door Martine Groen. Ans is 58 jaar. Ze heeft 29 jaar in de prostitutie gewerkt. In het begin deed ze het voor een pooier. Ze tippelde voor hem op de Damrak (werd opgepakt na de tweede keer) en werkte achter het raam (Singel). Na enkele maanden kwam de grote desillusie, ze kwam erachter dat hij meerdere vrouwen voor zich had werken. Het eerste jaar dat ze werkte gaf ze al het geld aan hem, daarna niet meer. Ze is tien jaar met hem getrouwd geweest.
#240: In “Hoerenboek” (1986) door Martine Groen. Marga heeft een 9 jarige carriere in de prostitutie erop zitten. Ze was achttien toen ze door geldproblemen in een privéhuis ging werken. Ze kreeg een relatie met de baas, hij was 24 jaar ouder. Hij was ook getrouwd maar later trouwde hij met haar. Op begon het niet met dwang maar: “Hij vond me stom en dom en vaak kreeg ik slaag. Aan de ene kant gaf hij me het gevoel dat ik niks kon en aan de andere kant paradeerde hij met me. Zolang het inkomen stabiel bleef, was ook onze relatie stabiel. Maar was het wat stiller, dan moest ik het vaak ontgelden. Menig Blijf van Mijn Lijfhuis heb ik van binnen bekeken. Ooit heeft iemand mij eens gezegd: je man houdt van geld, dan van zichzelf en daarna kom jij pas. Hij heeft gelijk gekregen. Mijn huwelijk werd net als zijn vorige. Uit zakelijke overwegingen bleven we bij elkaar. Goede tijden zijn er natuurlijk ook wel geweest. Een paar prettige vakanties en we gingen vaak lekker uit eten. Maar jaren gekleineerd worden en vrijwel zonder sociale contacten leven, breekt een mens. Een goede vriendin bestempelde het als vrijwillige dwang, dat is de juiste term. Je laat je vrijwillig dwingen. Na acht jaar had ik er genoeg van.”
 
#241: Volg Crush op www.werkplekforum.nl, ze heeft achter de ramen voor een loverboy gewerkt. Dat duurde een half jaar en dat was “2 jaar geleden” (2 jaar voor 12-1-2007)
#242: Poolse op pagina 64 in Rode Draad rapport “rechten van prostituees” (2006). bron
#243: Een prostituee in “wiens lijf eigenlijk” (Ine Vanwesenbeeck, 1986) vertelt op pagina 17 dat een pooier meisjes in clubs had werken, zelf ook, moet een Nederlandse zijn:
Een vrouw die net in een vorige vriend teleurgesteld was, zegt: "En toen dacht ik, ach, wat is een leuk gezicht, als iemand maar goed voor je is, dat houden van dat leer ik later wel. Hij kocht elke dag bloemen voor me, m'n hele kamer vol bloemen en ik dacht, zo, die jongen is hartstikke gek op me." En diezelfde vrouw: "Ik denk, dat hij gedacht heeft, ok', die kan ik zo inpakken". Zij beschrijft de stap tot prostitutie als volgt: "Na een paar weken, heel ongemerkt, praatte hij steeds over ex-vriendinnen die in clubs hadden gewerkt en dat die wel 500 gulden per avond verdienden. Niet dat het iets voor jou is, daar ben jij helemaal geen type voor, zei hij dan. Maar de volgende dag begon hij er weer over en ik werd wel nieuwsgierig. Hij gaf me het idee van jij zou hartstikke veel geld kunnen verdienen. Op een gegeven moment zaten we zo in geldnood dat ik dacht, weet je wat, ik ga hem verrassen, terwijl de hele idee me eigenlijk tegenstond, maar ja, hij had zo vaak gezegd dat het zo makkelijk was en ik dacht, dan kan ik wat voor hem terugdoen".
#244: in “Verkocht” zorg na mensenhandel van PMW (December 2003), casus Katia: Bulgarije, nu 22 jaar, 4 jaar geleden, 2 jaar gedwongen in de straatprostitutie.
#245: in “Verkocht” zorg na mensenhandel van PMW (December 2003), casus Bianca: Litouwen, datum onbekend
#246: Op NOS-journaal van 1-3-2007 over de illegale prostitutie in Rotterdam, Nederlandse Petra (22) die in Rotterdam wordt gedwongen om in het illegale circuit te werken. Er werd van alles bij haar uitgevreten, ook illegale abortussen. Van 2 uur ’s-Middags tot negen uur ’s-Ochtends moest ze werken. 50 euro, 20 klanten per dag, 9000 euro per week.
#247: (waarschijnlijk Nederlandse) Sanne wordt door een Marokkaanse loverboy gedwongen in een club en achter het raam (op de Wallen) te werken. Het begon in de zomer van 2004. Ze was 19. De nachtmerrie duurde een jaar. Ze deed aangifte.
#248: Wendy Chapkis, ‘Live Sex Acts’ (1997), Grazyna, Poolse, geïnterviewd in 1993 (ze was toen 30). Het begon in September 1991. Ze werd gedwongen achter het raam te werken. Na een aantal weken ontsnapte ze. Een klant hielp haar en ving haar op, maar twee weken later bezweek hij onder de bedreigingen. “I pretended to submit. I worked, I laughed, and I hoped that my captors would relax their guard. I was still determined to escape”. Ze ontsnapte weer in een onbewaakt moment. Ze deed aangifte.
#249: Wendy Chapkis, ‘Live Sex Acts’ (1997), Luisa, Colombiaanse, geïnterviewd in 1993 (ze was toen 23). Ze werkte als prostituee in Panama en later in Aruba. Een man beloofde haar gouden bergen in Nederland om daar als prostituee te werken. De man vertelde dat hij er 2 seksclubs had. Ze moest in clubs werkte en moest schulden terugbetalen. Na acht weken meende ze dat ze haar schulden had afbetaald. Ze had immers minstens 250 klanten ontvangen voor 150 gulden per klant, dus ze had allang haar 15.000 gulden schuld afbetaald. Ze ontsnapte.
#250: In "Vrouwenhandel – onderzoek naar aard en omvang en de kanalen waarlangs vrouwenhandel naar Nederland plaatsvindt" (1985), Drs. H.W.J. Buijs and Mr. A.M. Verbraken.
op pagina 12-13. Rosa en Carmen uit de Dominicaanse Republiek ontmoetten 4 Nederlanders en trouwen begin 1982 met twee van deze mannen. Ze moesten in Nederland achter de ramen werken. "De handelaren zijn door de rechtbank wegens vrouwenhandel veroordeeld.  In hoger beroep zijn zij vrijgesproken: het Hof was er niet van overtuigd dat de vrouwen niet al eerder als prostituée hadden gewerkt."
#251: Zelfde boek als #250. pagina 13-14: Monique en Evelyne. De éen werkte als garderobe-juffrouw in een discotheek in Lissabon. De andere werkte als serveerster in een dorp in Portugal. Zij werden afzonderlijk benaderd om in Luxemburg te gaan werken. Ze werden naar een sexclub in (waarschijnlijk uit het verhaal af te leiden) Nederland gebracht waar ze tegen hun zin als prostituee werkten. "De vrouwen wisten 's nachts te ontvluchtten en hielden een surveillancewagen aan. Van een vrouw, die ook in die club werkte, hadden zij gehoord, dat twee van de Portugezen terug waren naar Portugal en waarschijnlijk over een week met nieuwe meisjes naar Nederland zouden komen. Van de vier daders zijn er twee veroordeeld wegens vrouwenhandel."
#252: Zelfde boek als #250. pagina 14-15: "Edith. In 1981 ontmoette zij in Chili een Argentijnse man die een vriend van een vriendin van haar was. Hij bood haar een goed betaalde baan aan in Nederland in dezelfde branche (administratief werk) waarin ze al werkzaam was. Het ging om een contract van zeven maanden; haar man ging ermee akkoord. In Frankfurt werd ze met vier andere Chileense vrouwen door de douane geloodst. Vandaaruit ging ze rechtstreeks naar een bordeel in West-Duitsland. Toen ze weigerde te werken, stompte en sloeg hij haar. Ze verklaarde: "Hij vertelde mij, dat hij lid was van een grote misdaadorganisatie. Als ik mij niet voor hem prostitueerde, zou hij mij doden en mijn lichaam in een sloot gooien. Hij zou er ook voor zorgen dat mijn familie iets zou overkomen. Dus stemde ik toe. Na een week moest ik samen met hem en een andere Chileense vrouw mee in de auto naar Nederland. In eerste instantie weigerde ik dat werk weer. Maar nadat hij mij bedreigd en mishandeld had en omdat ik bang was, dat hij voor een soort maffia werkte, heb ik er in toegestemd. Ik moest achter een raam zitten, de andere Chileense vrouw moest in een sexclub werke. Vaak wilde ik vluchten. Hij zei, dat hij mij altijd zou vinden. Op een keer had ik het verhaal gehoord, dat hij bij een ander meisje hetzelfde gedaan had als bij mij. Toen die vrouw weigerde, ontvoerde hij haar kind naar het buitenland. Hij had ook haar ribben gebroken. Hij had haar gedwongen om in Gibraltar met een Nederlander te trouwen. Hij wilde, dat ik haar identiteit overnam om onder valse naam legaal in Nederland te verblijven. Hij zei ook, dat hij als ik zou vluchten of door de politie het land uitgezet zou worden ervoor zou zorgen in hetzelfde vliegtuig te zitten". Op een gegeven moment heeft zij een brief durven sturen naar een landgenoot, wiens adres in Nederland zij had. Deze heeft haar meegenomen en op zijn aanraden is zij naar de politie gegaan. De dader is veroordeeld."
#253: Zelfde boek als #250. pagina 15-16: "Mirjam en Sandra. Eén van beide meisjes, beiden uit Indonesië afkomstig, had een klant duidelijk weten te maken, dat zij onvrijwillig in het betreffende sexhuis werkte en dat zij werd vastgehouden. Deze klant lichtte de politie in, die een onderzoek ter plaatse instelde. Dit was begin 1979. Op het bureau vertelde één van hen via een tolk het volgende: "In Indonesië werkte ik in de dans- en muziekschool van mijn vader. In dezelfde kampong woonde ook een vriendin van mij evenals haar zwager. Deze zwager vroeg ons, of wij naar Nederland wilden gaan om te werken. Wij zouden als serveerster in een restaurant gaan werken. Per maand zouden wij f 400,-- verdienen, voor Indonesische begrippen is dat veel. Wij voelden er veel voor en bespraken het plan met onze ouders. Zij hadden er gaan bezwaar tegen en stelden die zwager verantwoordelijk voor ons. Daarop heeft hij alle papieren voor ons in orde gemaakt, hij zorgde voor paspoorten en vliegtickets". De vrouwen werden door een vrouw, die een kennis van de zwager was, van Schiphol opgehaald en bij haar ondergebracht. Een Indonesisch sprekende man, die deze vrouw kende, vertelde hen dat het beloofde werk niet doorging en dat ze zich moesten prostitueren. De vrouwen weigerden dit aanvankelijk maar onder druk stemden ze toe. Ze moesten eerst de reiskosten terugverdienen, aldus de vrouw bij wie ze in huis woonden. De vrouwen werkten in een gehuurde woning. De vrouw vervolgde: "Wij kregen 5 à 6 klanten per dag. Wij werkten van 's morgens 11 uur tot 's avonds 11 uur. Ook moesten wij schoonmaakwerk en ander huishoudelijk werk doen. Wij werden nooit geslagen, maar die vrouw deed altijd lelijk en boos tegen ons. In principe moesten wij in de woning blijven. Wij hebben niet geprobeerd de woning te verlaten. Zij wilde niet, dat wij weggingen; voor ons was dat genoeg. Wij waren bang voor haar. Wij wilden wel weg, maar zij hadden onze paspoorten en wij hadden geen geld. Wij durfden niet naar de politie te gaan. In werkelijkheid waren wij aan dat bordeel gebonden, zonder dat sprake was van geweld of bedreiging met geweld. Wij hadden geen keuze en wij waren erg arm". Eén vrouw was bedreigd dat ze doorverkocht zou worden aan een souteneur in een andere stad, omdat ze vermoedelijk zwanger was. De vrouw was hier erg bang voor en had daarom een klant haar verhaal verteld. Beide vrouwen wilden zo snel mogelijk naar huis terug. De drie daders zijn door de rechter wegens vrouwenhandel veroordeeld."
#254: Vrouwenhandel (1984), Marga de Boer. Pagina 17: In januari 1981 werden drie illegaal in ons land verblijvende Thaise vrouwen in seksshops in Enschede en Hengelo aangetroffen.Ze waren hierheen gehaald door een seksklubhouder en twee pooiers,waarvan er één met een Thaise vrouw is getrouwd. Twee van hen waren ook in Thailand in de prostitutie werkzaam en zij verklaren dat ze uit vrije wil naar Nederland zijn gekomen. Ze hadden zelf hun paspoorten geregeld; ze waren niet via een tussenpersoon, die hun reis betaald had, in kontakt gekomen, maar ze waren bevriend met de man, die getrouwd was met een Thaise vrouw. De derde vrouw was echter onder valse voorwendselen naar Nederland gehaald. De zuster van haar ex-vriend had haar gevraagd om mee naar het buitenland te gaan om haar gezelschap te houden, ze zou daar dan ook een salaris mee verdienen. Er was haar nooit verteld dat ze al s prostituee zou moeten werken. Eén van de mannen heeft haar paspoort opgehaald; zij veronderstelde dat dit was om haar zo vast te kunnen houden. Ze moest geld verdienen voor de terugreis. Het werk in de seksshop is onregelmatig; ze werkt 2,3 of 4 dagen. Ze heeft 225 gulden gespaard (ze verdient 100 gulden per dag). Als ze niet werkt, slaapt ze of komt ze beneden kijken. Meestal bleef ze binnen. Als ze van te voren geweten had dat ze dit werk moest doen, zou ze niet zijn meegegaan. Ze kon in Bangkok ook geld verdienen, want daar werkte ze als masseuse in een badhuis. Niemand heeft haar bedreigd, maar omdat ze naar huis wil, moet ze tegen haar zin werken. Inmiddels zijn de drie vrouwen Nederland uitgezet.
#255: Vrouwenhandel (1984), Marga de Boer. Pagina 18-19: In januari 1982 werd een groepje van vijf Filippijnse meisjes zonder reisdokumenten bij de Belgies-Nederlandse grens aangetroffen. Het bleek een balletgroep te zijn,die op terugreis was van Luik naar Nijmegen.In overleg met de piketambtenaar van Vreemdelingenzaken en Grensbewaking van het Ministerie van Justitie werden de vrouwen aangehouden op grond van de Vreemdelingenwet. In een gesprek dat iemand van de Rijkspolitie die Filippijns spreekt,met één van de meisjes, kwam het  volgende naar voren: Omstreeks 1 mei 1981 was zij in kontakt gekomen met een Filippijnse vrouw,die een dansschool leidde in Manilla. Die vrouw wekte de indruk,dat zij getrouwd was met een nachtklubeigenaar/impressario in Nederland. Via hem zou zij het meisje een goede baan aan kunnen bieden in Nederland en Europa.Ze zou volksdansen moeten opvoeren in een groepje;ze zou optreden in betere gelegenheden, nachtklubs, Pasar Malams en dergelijke. Er werden haar hoge verdiensten in vooruitzicht gesteld,evenals een gratis heen-en terugreis.Ze zou een kontrakt voor twee jaar krijgen. In juli ondertekende ze het kontrakt samen met haar ouders, omdat ze nog minderjarig was. Ze hadden niet de tijd gehad om het kontrakt, dat in het Engels gesteld was, te lezen, omdat die vrouw erg veel haast had om het paspoort,de reisdokumenten enz. te regelen.Ze zou echter een kopie van het kontrakt krijgen. In augustus kwam ze aan op Schiphol, waarvandaan ze naar Nijmegen werd gebracht om in een nachtklub te werken. Daar kwam ze tot de ontdekking, dat de vrouw, die haar meegebracht had, helemaal niet met de eigenaar getrouwd was, maar dat ze slechts voor hem ronselde in Manilla. In Nijmegen zag ze haar retourticket, paspoort en kontrakt niet meer terug. Het toegezegde werk, het dansen, nam maar een deel van haar werkzaamheden in beslag. Ze moest ook de klanten aansporen tot een hoger alkoholgebruik en ze moest zelf ook meedrinken. Daarnaast moest ze ook nog afwassen en schoonmaken. Ze trad met haar groepje ook op in België en Duitsland. De verdiensten vielen tegen (slechts 700 gulden in de maand). Er werd hun verteld dat ze eerst de tickets moesten terugbetalen, daarna zouden ze meer gaan verdienen. Een groot gedeelte van het geld stuurde ze naar haar familie, zodat ze weinig overhield. Het liefst zou ze met dit werk willen stoppen, maar zonder paspoort, verblijfsvergunning en geld kon ze geen kant op. Ook wilde ze voor haar omgeving niet eerder terugkeren, iedereen wist immers dat ze naar Europa gegaan was om veel geld te verdienen. Door bemoeienissen van het impressariaat en de Filippijnse ambassade werden de meisjes met spoed teruggestuurd naar de Filippijnen.
#256: Vrouwenhandel (1984), Marga de Boer. Pagina 19-21: Begin Januari 1984 deed een Chileense vrouw aangifte van vrouwenhandel bij de Haagse zedenpolitie. Ze ontmoette in Augustus 1983 een man in Santiago die een baan voor haar had in in Nederland. Ze werd opgehaald (op 2 September) in Brussel en er werd haar verteld dat ze als prostituee moest werken. Ze werd op 27 September gedwongen te trouwen. Tot 31 December werd ze gedwongen in de Poeldijksestraat te werken (Den Haag, raamprostitutie). Ze kwam erachter dat de politie hier anders was als in Chili en durfde aangifte te doen.
#257: Vrouwenhandel (1984), Marga De Boer. Pagina 21-23: Een Colombiaanse vrouw ontmoette op 27 November 1983 in Colombia in een discotheek een landgenoot die haar vroeg in Nederland in een fabriek te werken. Ze werd op 7 December 1983 naar Brussel gevlogen en een dag later naar de Poeldijksestraat gebracht. Op 11 December moesten ze eerst nog nog in Denemarken met Nederlanders trouwen, bij terugkomst moesten ze als prostituee werken. Ze moest eerst 75.000 gulden verdienen, daarna kon ze voor zichzelf beginnen.
#258: In het rapport "Duurzaam Attractief Erotisch Fungebied — Scriptie mastercitydeveloper — Erasmus universiteit Rotterdam — De duurzaam naar een duurzaam attractief raamprostitutiegebied" (2006) door Ivar van de Drift, wordt beschreven op pagina 103 hoe een inval wordt gedaan in een Chinese kapperszaak op de hoek van de Westersingel/Kruiskade. 25 illegale prostituees werden opgepakt. Het bleek dat de meeste dames gedwongen werden. bron
#259: Vriendin – Nr. 3 – 17 t/m 23 Januari 2007. ‘Cecilia is prostituee’. Ze werkte sinds haar 17e 3 jaar voor Tobias (in de escort) die ook meerdere meisjes voor zich had werken, waarschijnlijk Nederlandse. Ze ging ervandoor met een klant. Na acht jaar samen met hem ging ze weer de prostitutie in, ze kregen een kind. Dit moet een paar jaar geleden zijn gebeurd (het kind is nog jong).
#260 en 261: "Cel voor pooier van tienerhoertjes". Bron: Haarlems Dagblad, 19-4-2007. Twee Roemeense meisje (15 en 17) werden tot prostitutie gedwongen door een 37-jarige man. Ze werkten in een bar aan de Jansweg in Haarlem. Ze moesten ook hun paspoort inleveren. bron
#262: "Jaren cel voor pooiers", AD, 20-4-2007. Bulgaarse mannen die opereerden vanuit de bar Johnny's place op de hoek Schalk Burgerstraat-Hoefkade dwongen zeker 7 vrouwen tot prostitutie. Ze ronselden die vrouwen vanuit Bulgarije en beloofden hen vaak 'een goede baan'. bron. Zie ook "Haagse bar spil vrouwenhandel", AD, 24-4-2007. bron
#263: "Meiden vaker in ban lovergirls", 3-5-2007, Metro. De 16-jarige Chayenne wordt gemanipuleerd door een ander meisje (Tiffany) om als prostituee te werken. Dat gebeurde 2 jaar geleden. De klanten werden door Tiffany geregeld. Ze moest een deel van het verdiende geld inleveren by Tiffany als beschermgeld. Er zijn twee jaar verstreken en ze werkt nog steeds voor Tiffany. Ze kwam erachter dat Tiffany 5 meisjes voor zich had werken. "Ze heeft me duidelijk gezegd dat wanneer ik vertrek ze de hele school zal vertellen wat voor hoer ik ben. Ook slaat ze me af en toe in het gezicht als ik niet doe wat ze zegt. Ik kan geen kant op." bron
#264: "Bende vrouwenhandel voor rechter", 12-5-2007, AT5. Een bende haalt 3 jonge Roemeense vrouwen naar Amsterdam waar ze onder bedreiging van geweld in de prostitutie werken. Dat gebeurde in de escort, één zou als oppas werken (maar werd bedrogen). bron
#265: "Politie houdt zeven 'loverboys' aan", Volkskrant, 16-5-2007. De 17-jarige Angelique wordt gedwongen in de prostitutie te werken, dat gebeurde in diverse woningen (er staat ook in clubs, maar dat geloof ik niet) in Rotterdam. bron Zie ook "Vrouwelijke loverboy blijkt slachtoffer", 17-5-2007, NRC. bron "Vier verdachten in loverboys-zaak vrij", nu.nl, 21-5-2007, bron. "Vier verdachten loverboyszaak vrij", 20-5-2007, AD, bron "Twijfels over verhaal Angelique", 29-8-2007, AD, bron
#266: "Zeeuwse politie pakt 3 loverboys op", 18-5-2007, Bron: Teletekst Omroep Zeeland. De politie heeft drie loverboys uit de gemeente Goes opgepakt. De drie mannen zijn 19, 20 en 30 jaar oud. Ze zouden twee vrouwen van 18 en 22 jaar uit de gemeente Goes in Antwerpen in de prostitutie hebben gedwongen. De zaak kwam aan het rollen doordat de 18-jarige vrouw aangifte deed. Ze vertelde dat ze werd gedwongen tot het verrichten van seksuele handelingen tegen betaling. De verdachten zijn voorgeleid en ze zitten vast in gevangenis Torentijd in Middelburg.
#267: "Toch weer verliefd op een pooier", 19-5-2007, Volkskrant. Ex-prostituee vertelt hoe ze op haar 17de door twee jongens (waarvan ze met één een relatie had) werd gedwongen in Antwerpen achter de ramen te werken (op haar 18de verjaardag gebeurde dat).  Na tweede maanden werd ze bevrijd door de andere jongen (waar ze verliefd op werd), voor wie ze ook weer moest werken. Daarna werd ze weer bevrijd door een prostituee, die ook voor een pooier werkte, en toen kwam zij onder invloed weer van hem (waar ze verliefd op werd). Ruim een jaar heeft ze voor hem en een vriend gewerkt. Ze verhuisde met hem naar Utrecht waar ze achter het raam moest werken. Ze moest ook een gedwongen abortus ondergaan en kreeg als troost een jackrussel. Daarna werkte ze een half jaar op de Wallen, waar ze werd bevrijd door haar ouders. Ze deed aangifte, de daders zijn veroordeeld. Volgens haar werkt op de Wallen veel vrouwen gedwongen. Maar twee kende ze die vrijwillig werkten (dit verhaal heeft iets weg van #232).
#268 en 269: "Politie arresteert 2 loverboys", 25-5-2007, Spits. GRONINGEN (ANP) - De politie heeft twee mannen van 20 en 25 jaar uit Groningen en een 22-jarige inwoner van Schiedam gearresteerd wegens mensenhandel en verkrachting. Dat heeft de politie vrijdag bekendgemaakt. Twee vrouwen deden tegen het drietal aangifte van deze misdrijven. De verdachten opereerden als loverboys. De twee slachtoffers zijn een 20-jarige Groningse en een 22-jarige vrouw uit Vlaardingen.Nog eens zeven vrouwen jonge vrouwen deden aangifte van oplichting. Alle vrouwen vielen voor de charmes van de verdachten. In deze zaak heeft de politie behalve de twee hoofdverdachten nog vier verdachten aangehouden, die onder andere meeprofiteerden van de oplichting. De zaak kwam aan het rollen doordat een 20-jarige vrouw uit Groningen in maart 2006 aangifte deed. Zij verklaarde slachtoffer te zijn van haar vriend, de 25-jarige Groninger, en diens broer en vriend. De verdachten dwongen haar in de prostitutie te werken. Het geld dat ze ermee verdiende moest ze aan haar vriend afstaan. Een van de overige vier verdachten, een 22-jarige inwoner van Den Haag, verleende haar onderdak in de prostitutie. Na circa twee maanden beëindigde ze de relatie, waarna ze aangifte deed tegen de drie verdachten. De politie begon daarop een onderzoek, waarin de politie nog een slachtoffer van deze mannen wist te traceren. Een 22-jarige vrouw uit Vlaardingen bleek op dezelfde manier slachtoffer van hen te zijn. Ook zij deed aangifte van mensenhandel en verkrachting.
#270: "Saskia en haar loverboy: 'Je bent alleen bezig te overleven'", Noordhollands Dagblad, 30-5-2007. Vijf jaar was Saskia in de greep van een loverboy. Saskia is 29. Totale afhankelijkheid, waarin chantage en geweld liefde verdringen, Saskia heeft er een boek over geschreven. Het verschijnt eind dit jaar. Negentien was zij toen ze hem leerde kennen, in Hoorn. ,,Liefde op het eerste gezicht.'' bron
#271: Op het ijsberenforum.nl vertelt een ijsbeer over een artikel in het Belgische maandblad Menzo (nr 78?) waarin een reportage staat over het Antwerpse Schipperskwartier (Skw): Intro van de reportage : Nederlandse loverboys storten zich steeds nadrukkelijker op de Belgische prostitutie markt. Van de 561 hoeren die in Antwerpen staan geregistreerd , hebben er liefst 202 de Nederlandse nationaliteit. Menzo trok de stoute schoenen aan en ging in het beruchtte Skw op onderzoek uit. Daar tekenden we het ontnuchterende verhaal van Mandy een achttienjarige Rotterdamse die zich uit angst voor represailles laat exploiteren door haar Nederlands - Marokkaanse loverboys. Soms denk ik aan zelfmoord , snikt ze.
#272: "Thaise vrouwen slachtoffer van mensenhandel", Blik op nieuws, 5-6-2007. Rotterdam - De politie van Rotterdam-Rijnmond heeft zes verdachten aangehouden die worden verdacht van mensenhandel. Dit maakt de politie vandaag bekend. In oktober 2006 kwam de zaak aan het ligt, toen de politie een 28-jarige vrouw, die geen Nederlands sprak, aantrof in een pand in Rotterdam-Zuid.  De woning bleek ingericht voor het geven van Thaise massages. Uit verder onderzoek bleek dat verschillende verdachten zich bezig hielden met het uitbuiten van Thaise vrouwen.  De vrouwen werden onder valse voorwendselen naar Nederland en Duitsland gehaald. Vervolgens werden ze te werkgesteld in seksinrichtingen en massagesalons. De slachtoffers waren schulden aangegaan met de ronselaar in de veronderstelling dat ze de schuld zouden kunnen aflossen met het geld dat ze verdienden bij massages. Daarna zouden zij geld voor zich zelf mogen verdienen. Eenmaal hier ging het heel anders, ze werden doorverkocht aan mensenhandelaren. Hun schuld moesten ze op dat moment afbetalen aan de handelaren door gedwongen prostitutie. bron Andere bron: Politie Rijnmond, 5-6-2007, bron
#273: "Bulgaarse mensenhandelaren actief op de Weaze", Blik op nieuws, 4-6-2007, Leeuwarden - Het Prostitutieteam van politie Fryslân heeft vrijdagavond 1 juni drie Bulgaarse mensenhandelaren aangehouden in Leeuwarden. De drie worden ervan verdacht dat zij in Leeuwarden diverse Bulgaarse vrouwen in de prostitutie op de Weaze te werk hebben gesteld. Het gaat om drie mannen van 35, 34 en 25 jaar. Eveneens zijn twee Bulgaarse vrouwen, van 24 en 25 jaar, aangehouden. Zij worden verdacht hand- en spandiensten voor de drie mannelijke verdachten te hebben verricht. (...) Ook na deze aanhoudingen zal het prostitutieteam de vinger aan de pols houden wat betreft Bulgaarse prostituees en pooiers. (...) Het Prostitutieteam van politie Fryslân houdt sinds 1 januari van dit jaar de Bulgaarse mensenhandel extra in de gaten. Sinds die datum is Bulgarije toegetreden tot de Europese Unie. Er werd door het Prostitutieteam een toename geconstateerd vanaf 1 junuari 2007 van Bulgaarse prostituees en pooiers. Daarom was de politie sinds begin van dit jaar extra alert om de werksituaties van de prostituees te volgen. bron
#274: Een man op hookers.nl vertelt dat hij in een club een jonge (Nederlandse vertelde hij me) vrouw leerde kennen die door haar vriend gedwongen werd. 9-7-2007, bron
#275: "En verder zouden de klanten haar wel het nodige leren...", Parool, 23-9-2006, Andere bron is "Hoerenlopen is niet normaal — Twijfels bij een liberaal prostitutiebeleid" door Karina Schaapman (2007), pagine 22-26. Een jonge Nederlandse vrouw wil bij een escortbureau werken en komt bij een illegaal bureau terecht. Ze wordt gedwongen een wurgcontract te tekenen met een schuld en wordt min of meer gedwongen om met de escortbaas naar bed te gaan. Ze houdt het maar een paar dagen vol als escort te werken. Ze vraagt Karina Schaapman om hulp.
#276: "Politie houdt elf Bulgaren aan in prostitutiezaak", 10-6-2007, De Pers, De politie heeft in Rotterdam elf vermoedelijk illegale Bulgaren aangehouden voor prostitutie. Dit meldt de politie zondag. Naar aanleiding van een melding deed de politie een onderzoek in een pand aan de Schieveenstraat. Zeven mannen en vier vrouwen werden daar aangetroffen en zijn meegenomen naar het politiebureau. Daar onderzoekt de politie of de elf illegaal in Nederland verblijven en of zij zich bezighouden met illegale prostitutie. Welke rol de verdachten in de prostitutiezaak hebben gespeeld, maakte de politie niet bekend. bron
#277: "Haagse ontvoerd voor prostitutie", 14-6-2007, AD. Drie Turkse broers uit Den Haag hebben in maart een Haags meisje ontvoerd en opgesloten in een woning in de Van der Lissestraat. De mannen wilden haar tot prostitutie dwingen. Dat blijkt uit de dagvaarding van justitie. De drie broers, die samenwerkten met twee andere verdachten, verschijnen maandag voor de Haagse rechtbank. Uit de dertig pagina’s tellende dagvaarding blijkt dat de verdachten (17 tot 27 jaar oud) de jonge vrouw opzochten en haar met een vuurwapen bedreigden. Zij moest zelf de taxi bellen die het gezelschap naar de Van der Lissestraat bracht. Daar pakte de ontvoerders haar telefoon af en sloten zij haar op. Ook kreeg ze te horen dat ze ’hun meisje’ was en dat ze ’samen geld gingen verdienen’. Eén van de verdachten (24), haalde het meisje, vermoedelijk zonder medeweten van de anderen, diezelfde dag weer uit de woning en sloot haar op in een huis aan de Pasteurstraat in Leiden. Daar zei hij tegen haar dat ze ’een raam’ moest regelen, om in de prostitutie te kunnen werken. Waarschijnlijk leidde de onverwachtse verplaatsing van het slachtoffer tot ruzie binnen de groep. De 25-jarige kennis van de broers zocht de 24-jarige Hagenaar die het meisje naar Leiden had overgebracht op en bedreigde hem met een pistool. „Blijf staan hoerenzoon. Ik pak je, ik maak je dood,’’ zou hij hebben gezegd, terwijl hij schoten loste in de lucht. Hoe het meisje uiteindelijk is ontsnapt is onduidelijk. Wel blijkt dat zij in totaal twee dagen (2 en 3 maart) opgesloten heeft gezeten. De verdachten staan niet alleen terecht voor de ontvoering in maart. Sinds 2004 zouden zij nog zeven vrouwen hebben gedwongen tot prostitutie, allemaal in loverboy-achtige constructies. De vrouwen werden eerst verleid met cadeautjes en beloften van een mooi leven met veel geld en leuke kindjes. Vervolgens werden ze door bedreiging en brute mishandeling tot prostitutie gedwongen. Het geld dat ze daarmee verdienden moesten zij afstaan aan de loverboys. De vrouwen, die moesten werken in Den Haag, Leiden en Amsterdam, hebben aangifte gedaan van vrouwenhandel. Ook dat leidde weer tot bedreigingen vanuit de verdachten. bron
#278: "Bulgaar verdacht van handel met vrouwen", AD, 13-6-2007. Een 39-jarige Bulgaar die zondag is opgepakt in het Liskwartier wordt verdacht van mensenhandel.  Een vrouw heeft aangifte gedaan van het haar dwingen tot prostitutie. Ze moest werken in clubs en op straat. Het voorarrest van de Bulgaar is gisteren verlengd met twee weken. Na een tip zijn elf Bulgaren opgepakt in een pand in de Schieveenstraat: vier vrouwen en zeven mannen.  Na verhoor zijn tien van hen heengezonden. Gebleken is dat een tweede vrouw in de prostitutie werkzaam was. Maar zij ontkent te zijn gedwongen. Het pand is volgens een politiewoordvoerder een kamerverhuurbedrijf. Justitie ontkent dat het diende als bordeel. bron
#279 en 280: 'De zaak "Handel in Letlandse vrouwen"', Oppertuun, Maart 2007 (door Thea van der Geest). ‘Deze zaak werd me in de schoot geworpen,’ vertelt Martijn Kappeyne van de Coppello, officier van justitie in Leeuwarden die zich bezig houdt met de bestrijding van mensenhandel. Hij reisde naar Letland en legde een internationaal opererende organisatie bloot. Maar de rechter verklaarde het OM voor geweld in het buitenland niet ontvankelijk. ‘Daarin stonden we machteloos.’ Op 1 december 2005 hield het prostitutieteam dat toezicht houdt in de rosse buurt van Leeuwarden een man op heterdaad aan. Deze had een vrouw, Katja Brilova, bedreigd met de dood, het afnemen van haar telefoon en het opeisen van een paar duizend euro. Ze was erg overstuur, maar kon haar belager, die nog ter plaatse was, aanwijzen. ‘We namen de man in verzekering en hadden een gesprek met het slachtoffer.’ Daaruit kwam al snel naar voren dat zij, samen met andere vrouwen, gedwongen werkte in de prostitutie. Ze deed aangifte van ernstig geweld, verkrachting en uitbuiting. Alle vrouwen bleken afkomstig van het platteland, uit de regio Jebakpils in Letland. Het is een arm district in het zuidoosten en grenst aan Litouwen. De werkloosheid is hoog. De mensen zijn er arm en hebben weinig opleiding. Vanuit een slechte sociaal-economische positie worden de meisjes naar Nederland gelokt. In Letland is het verboden om in de prostitutie te werken, daarom willen de meisjes dat het geheim blijft, ook voor de familie. Daarmee kon de pooier dwang uitoefenen. De vrouwen waren financieel afhankelijk van hem. Ze moesten hun verdiende geld volledig afstaan. Begrijpelijk, in eerste instantie, omdat de pooier allerlei kosten -voor papieren en de reis naar Nederland voor ze had gemaakt. Daarbij kregen de meisjes de toezegging dat ze bij vertrek vijftig procent van de opbrengst uitbetaald zouden krijgen. Sommige vrouwen moesten hun paspoort inleveren, werden ondergebracht in een huis waar ook anderen prostituees verbleven, werden bedreigd met de dood of met het feit dat hun familie iets werd aangedaan. Er werd soms ernstig geweld tegen hen gebruikt. Martijn Kappeyne van de Coppello: ‘Katja wist dat ze in Nederland als prostituee zou komen werken. Ik vind het een hardnekkig misverstand dat zij en de andere meisjes daarmee geen slachtoffer meer zouden zijn. Juist het feit dat wij prostitutie als een legaal beroep zien maakt dat we moeten optreden. Mannen die profiteren van de afhankelijke positie van vrouwen die als prostituee werken in Nederland moeten strafrechtelijk worden aangepakt.’ Bij nader onderzoek bleek dat de verdachte nog twee jaar gevangenisstraf moest uitzitten voor mensenhandel. De uitspraak van dat hoger beroep bij het Hof Den Haag uit 1994 werd hem direct uitgereikt en de verdachte stelde cassatie in. Ook lag er een aangifte tegen dezelfde verdachte van een andere Letlandse mevrouw en lagen er nota bene rechtshulpverzoeken vanuit Letland, die mogelijk relevant waren voor het onderzoek naar ‘onze’ verdachte. ‘We hebben beet’, wist de officier. ‘Met twee aangiftes, een vluchtgrond – immers hij was al tien jaar op de vlucht voor het vonnis uit 1994 – geen vaste woon- of verblijfplaats en een onbekende nationaliteit konden we hem in voorlopige hechtenis houden.’ In Letland was het onderzoek, waarvan de Friese verdachte onderdeel was, al in volle gang. Afstemming met de Letlandse autoriteiten werd een prioriteit om te voorkomen dat er dubbel onderzoek plaats zou vinden en dubbele vervolging. Daar lag een groot risico. Immers, een verdachte kan niet twee keer voor hetzelfde feit worden veroordeeld. Als Letland het onderzoek zou doorzetten is de officier in Leeuwarden niet ontvankelijk. ‘Ik ben op 1 maart 2006 afgereisd naar de Letlandse hoofdstad Riga met twee rechercheurs van ons prostitutieteam en een tolk. Onze missie was praten met getuigen -met familie van de meisjes-, uitwisselen van politiegegevens en afstemmen met de officier van justitie aldaar.’ ‘Het bezoek was succesvol. Met de Letlandse officier zijn afspraken gemaakt en schriftelijk vastgelegd. De Letlandse autoriteiten gaven aan dat zij slechts onderzoek zouden verrichten naar ronselaars en slachtoffers voor zover die in Letland te werk waren gesteld. Faciliteerders en uitbuiters in het buitenland vielen niet onder hun onderzoek. De toezegging werd gedaan dat er geen vervolging ingesteld zou worden naar mijn verdachte.’ Na één rechtshulpbezoek wisselden de politieteams over en weer makkelijk verdere gegevens uit. Zo kreeg de officier onder andere de beschikking over tapes met verklaringen van familie van de meisjes. ‘Tijdens dit bezoek werden onze meegebrachte OM-pennensetjes, klokjes en stropdassen dankbaar aangepakt,’ herinnert de officier van justitie zich nog. ‘Hoewel een politieagent in het vervallen dienstlokaal ons fijntjes wees op de laptop en Volkswagen Sharan die door Duitse collega’s waren achtergelaten.’ ‘We kwamen terug met namen van meer slachtoffers, die we -soms met veel moeite hebben opgespoord en benaderd. Daaruit kwamen twee extra aangiftes, waarvan een door een Engels meisje. In de aangiftes kwam naar voren dat twee vrouwen steeds werden verplaatst of doorverkocht tussen Denemarken, Oostenrijk, Spanje en Nederland. De verdachte pleegde in die landen ook inbraken en handelde in drugs. Zijn nationaliteit konden we niet vaststellen. Hij was Joegoslaaf of Albanees. De zaak had een sterk internationaal karakter.’ ‘Ik moest alert blijven op wat essentieel bewijsbaar was en me concentreren op de mensenhandel,’ aldus de zaaksofficier. ‘Wel heb ik getracht de strafbare feiten met betrekking tot mensenhandel die in het buitenland waren gepleegd ten laste te leggen. Immers, alle gewelddadige handelingen in het buitenland resulteerden in het gedwongen prostitueren in Nederland.’ Maar de rechtbank wees die redenering af. ‘Dat was zuur,’ zegt Martijn Kappeyne van de Coppello. ‘Daarmee ontspringen zulke verdachten altijd de dans.’ En, pleit hij: ‘Eigenlijk zou er een Europese politie en Europese rechterlijke macht moeten bestaan waarin verdachten als de mijne aangepakt kunnen worden.’ De verdediging verzocht om verhoren van negen getuigen, waaronder slachtoffers, familieleden en een medeverdachte die vastzat in Letland. Daarop zijn in november de rechter-commissaris, een griffier, een tolk en de advocaat van verdachte opnieuw naar Letland gereisd. Uiteindelijk was de zaak afgerond voor de inhoudelijke zitting op 19 december 2006 – een goed jaar na de aanhouding. ‘Dat is lang. Maar tijdens de rechtszaak kon ik heel goed uitleggen waarom deze tijd nodig was. Daar heb ik wel van geleerd. Als er nu aangiftes binnenkomen en verklaringen afgelegd worden vraag ik gelijk een rechter-commissaris erbij. Bij die verhoren is ook een advocaat aanwezig als de verdachte al is aangehouden. Zo verkort je het proces aanzienlijk. Niemand hoeft meer te reizen en de vrouwen zijn makkelijk vindbaar.’ Martijn Kappeyne van de Coppello kwam tot een eis van dertig maanden en ontneming van twintigduizend euro voor de mensenhandelaar. Het vonnis van de rechter was twintig maanden en ontneming van voordeel (“plukken”) van dertienduizend euro. Alle buitenlandse feiten werden niet meegenomen. Hoewel niet is bewezen dat de vrouwen zijn gedwongen tot prostitutie, zijn ze volgens de rechtbank daar wel toe bewogen. En ook dat is strafbaar gesteld als mensenhandel. In januari 2007 zou de mensenhandelaar in aanmerking komen voor vervroegde invrijheidsstelling. Maar de twee jaar gevangenisstraf uit 1994 stond nog steeds open en de uitspraak van de Hoge Raad over zijn cassatiemiddel was nabij. Om hem toch vast te houden schakelde de officier de vreemdelingendienst in en werd hij direct na invrijheidstelling in vreemdelingenbewaring genomen in afwachting van zijn uitzetting als ongewenst vreemdeling. Maar op 20 februari 2007 werd het cassatieberoep verworpen. De mensenhandelaar werd in zijn vreemdelingendetentie aangehouden om de andere straf alsnog uit te zitten. Martijn Kappeyne van de Coppello: ‘Daar kon ik me wel in vinden.’ bron
#281: "Loverboys vechten felle strijf uit om prostituée", AD, 19-6-2007. Dit verhaal lijkt heel erg op #277 maar het gaat toch om verschillende gevallen (in #277 gaat het om een Haags meisje in #281 om een Arnhems meisje, ik denk dat de bende hetzelfde is). Vijf Turkse loverboys hebben in maart een gewapende strijd geleverd om één prostituée in de Hunzestraat in Den Haag. Het 21-jarige meisje uit Arnhem werd slechts uren nadat zij zich in Den Haag had gevestigd en een ’raam’ had gehuurd onder schot genomen door één van de loverboys, die haar daarna ontvoerde. Dat stelde het Openbaar Ministerie maandag tijdens de rechtszaak tegen de vijf verdachten. Loverboy ’Baran’ (25) deed zich voor als klant. Toen het gordijntje van haar peeskamertje dicht ging, nam hij de prostituée onder schot en zei haar dat ze ’zijn’ meisje was, dat ze zich moest aankleden en dat ze met hem moest meekomen. Daarna werd ze door drie van de vijf mannen meegenomen naar een huis in de Van der Lissestraat in Den Haag. Eén van de andere mannen (waaronder drie broers) wilde de prostituée voor zichzelf hebben om meer geld te kunnen verdienen. Broer Engin (24) vertelde haar daarom dat ze snel weg moesten omdat Baran haar wat wilde aandoen. Om die reden gingen de 17-jarige Suleyman en Engin er met het doodsbange meisje vandoor naar Antwerpen. Daar overnachtten ze in een hotel, waarna ze naar de Pasteurstraat in Leiden vertrokken. Omdat Baran onderwijl telefonisch dreigde de familie van de drie broers wat aan te doen, spraken ze af op Station Hollands Spoor. Daar nam Baran Suleyman onder schot met een gaspistool en schoot hij in de lucht, omdat hij wilde weten waar het meisje was. Dankzij het feit dat toezichthouders van de ploeg commerciële zeden van de politie één van de mannen al direct in de Hunzestraat/Geleenstraat had herkend als een eerder veroordeelde loverboy, en door een telefoontje van een verontruste vriendin uit Arnhem, kon de vrouw binnen een dag worden bevrijd uit haar benarde postitie. De officier van justitie sprak gisteren tijdens de rechtszaak schande van de manier waarop het meisje behandeld is door de mannen: als een stuk vlees dat geld voor hen zou gaan verdienen. Zonder dat zij ook maar enige relatie hadden tot het meisje, werd zij door hen toegeëigend, waarna een onderlinge strijd uitbrak over het ’bezit’.
De officier rekende Baran en Engin aan dat het niet de eerste keer was dat zij op loverboypraktijken werden betrapt. Ook haalde zij een getuigenis van een andere prostituée in de Geleenstraat aan, die de politie tijdens een verhoor vertelde dat Baran dezelfde werkmethode had toegepast bij haar. Ook zij werd in haar peeskamertje onder schot gehouden en verteld dat ze ’zijn meisje’ was. Zij was echter niet onder de indruk van de man en stuurde hem weg. Het Openbaar Ministerie eiste dan ook 42 maanden cel tegen Baran, met aftrek van voorarrest. De zaak tegen Suleyman (inmiddels 18) vond achter gesloten deuren plaats, omdat hij ten tijde van het delict nog minderjarig was. Uitspraak in de zaak volgt over twee weken. De rechtszaak tegen de drie broers is uitgesteld omdat de officier van justitie nog slachtoffers wil horen (de broers zouden verschillende meisjes hebben uitgebuit). bron
#282: "Bende mensensmokkelaars opgerold in Rotterdam", 19-6-2007, De pers. Met de aanhouding van elf verdachten is in Rotterdam een bende opgerold die zich bezighield met mensenhandel en grootschalige fraude met identiteitspapieren. Dat heeft de politie dinsdag bekendgemaakt. De hoofdverdachten in de zaak, een 52-jarige Surinamer en een 26-jarige Roemeense vrouw, werden in maart al opgepakt. De man zou zich met zowel de fraude als mensenhandel hebben beziggehouden. Hij zou de leider zijn van een internationaal netwerk dat onder meer opereerde in Nederland, Thailand, Pakistan en India. Het netwerk zou zich bezighouden met mensensmokkel, drugshandel en het handelen in vals geld. De politie kwam de verdachten op het spoor toen een 14-jarig meisje aangifte deed van mensenhandel. Ze was in handen gevallen van een loverboy, een van de verdachten, en gedwongen zich te prostitueren. Naast de Surinamer zijn in de mensensmokkelzaak nog vijf verdachten aangehouden. Zij worden allen verdacht van mensenhandel, verkrachting, ontucht met een minderjarige en het dwingen tot prostitutie van het 14-jarige meisje. Voor de grootschalige fraude hield de politie naast de Surinamer en de Roemeense vrouw nog vier verdachten aan. Zij variëren in leeftijd van 35 tot 44 jaar en zijn afkomstig uit Pakistan, Suriname en Irak.
De zes worden ervan verdacht Nederlandse paspoortstickers te hebben vervalst. Met een dergelijke sticker in een paspoort kan iemand tijdelijk legaal in Nederland verblijven. Bij een inval in een Rotterdamse woning vond de recherche een stempelmachine waarmee de vervalste documenten konden worden gemaakt. De vervalste stempels werden speciaal in Thailand vervaardigd. De politie zegt te hebben ingegrepen voordat de valse documenten in omloop kwamen. Het onderzoek naar de fraude loopt nog en politie verwacht nog meer arrestaties te verrichten. Daarnaast verwacht de politie nog meer aangiften tegen de bende. Zeven verdachten zitten nog vast; zij moeten 11 juli voor de Rotterdamse rechtbank verschijnen. bron Volgens RTV Rijnmond (19-6-2007) komt het 14-jarig meisje uit Zeeland (dus Nederlands). bron
 
en hier is deel 3 van de lijst met casussen:
 
Lees meer...   (1 reactie)
 
 
 
Over Thaise prostituees is weinig informatie. Feit is wel dat er veel Thaise prostituees in Nederland zijn (het is waarschijnlijk de meest voorkomende nationaliteit na de Nederlandse), maar ze komen weinig voor op de lijsten van de STV, en het zijn vaak wat oudere vrouwen. Hoewel..... wat voor de Latijns Amerikaanse prostituees zou kunnen gelden kan ook gelden voor de Thaise. M.a.w. ze zijn hier misschien via schijnhuwelijken en worden door hun legale status niet opgemerkt. (En aan de andere kant komen Poolse prostituees ook zelden voor op de lijsten van de STV, maar als het inderdaad zo is dat 90% van de Oost-Europese prostituees onder controle staat van een pooier, madam of mensenhandelaar - zoals TAMPEP zegt - dan kun je veronderstellen dat veel Poolse prostituees dit kennelijk ook zijn.)
 
Thaise prostituees zijn gemiddeld zo rond de 30 en werken vaak in Thaise massagesalons.
Er worden een paar geïnterviewd in het rapport Illegaliteit, onvrijwilligheid en minderjarigheid in de prostitutie (2002). Zie pagina 27-29. Die zijn met Nederlandse mannen getrouwd en werken naar eigen zeggen vrijwillig.
 
De Rode Draad beschrijft Thaise massagesalons:
ABC van de rode draad (onder "massagesalon") 
Veel massagesalons dragen een naam die naar Thailand verwijst. Daar zijn er veel van te vinden in bijvoorbeeld Rotterdam. Incidenteel kunnen we met een Thaise veldwerker deze bedrijven bezoeken.
In dat geval treffen we veelal oudere Thaise vrouwen aan die nauwelijks Nederlands spreken. Ze zitten in alle treurigheid te wachten op klanten die hooguit 20 euro betalen. In enkele van deze bedrijven is in Rotterdam loondienst opgelegd. Dit betekent dat ze oproepcontracten hebben waarbij ze – in tegenstelling tot het wettelijk vereiste minimum van drie uren- slechts één uur uitbetaald krijgen. Ze zijn zodanig verkleefd geraakt met de (Thaise) bazin dat ze hun rechten niet op willen eisen om haar niet verder in de problemen te brengen. Hierin valt een restant van patronagepatronen te ontdekken die door diverse onderzoekers in Thailand zijn geconstateerd: een ongelijke relatie waarin een baas diensten ter beschikking stelt in ruil voor politieke of andere invloed. Dat houdt in dit geval in dat het werknemerschap ook verplichtingen naar de baas toe in de privé-sfeer schept.
De Rode Draad beschrijft Thaise prostituees in haar rapport (in Hoofdstuk 9 van pagina 86 t/m 91):
Rechten van prostituees (Oktober, 2006)
Een van de meest opmerkelijke conclusies uit ons veldwerk is de opvallende groei van het aantal Thaise massagesalons in ons land. (Een zesde van de bij ons bekende seksbedrijven is Thais. (...)
Medio jaren tachtig werd Nederland geconfronteerd met de tweede golf mondiale vrouwenhandel. De eerste was rond het jaar 1900. Die tweede golf kwam onder de aandacht door de opkomst van het sekstoerisme, vooral naar Thailand. Na afloop van de Vietnamoorlog zocht men een nieuwe bestemming voor de rust en recreatievoorzieningen - lees Red Light Districts - die voor Amerikaanse militairen in Thailand in het leven waren geroepen. Daar werden de eerste Thaise vrouwen voor de Europese seksindustrie gerekruteerd. Reeds in 1976 waren de eerste Oosterse ’verwenprinsessen’ in Nederlandse seksclubs aan het werk gezet. In sommige clubs kregen klanten ze gratis bij een fles champagne, alsof de vrouwen een bakje borrelnootjes waren. Zij zijn de eerste generatie slachtoffers van mensenhandel. (...)
Wij komen tijdens ons bedrijvenbezoek vaak vrouwen tegen die in deze periode in Nederland zijn gearriveerd. Ze vertellen ons, dat ze vroeger schulden moesten afbetalen en er jaren over hebben gedaan om zich vrij te kopen. Velen onder hen zijn ooit getrouwd geweest met een Nederlander, waardoor ze wel een verblijfsvergunning hebben, maar ook in een echtscheiding zijn terechtgekomen. Zij konden immers alleen via een huwelijk een verblijfsvergunning verkrijgen. (...)
Mensenhandel komt nog wel eens ter sprake. Een bazin vertelde dat ze erachter was gekomen, dat ze strafbaar was toen ze vrouwen naar Nederland wou halen (356). De exploitant van een ander bedrijf (281) klaagde erover, dat hij als bordeeleigenaar zijn Thaise vriendin niet naar Nederland kon laten overkomen. Om die reden kon hij ook al geen geld lenen. Sommige slachtoffers van mensenhandel uit Thailand, die in de jaren tachtig naar Nederland zijn gekomen, spelen een rol in deze handel. Ze zouden familiecontacten aanboren om nieuwe vrouwen naar de salons te halen. De vrouwen die naar Nederland komen, worden geronseld met het argument, dat ze alleen hoeven te masseren en niet aan seks hoeven te doen. In veel van deze bedrijven wordt dan ook ontkend, dat er erotische dienstverlening plaatsvindt. Eén zo’ n eigenaar zei dat hij er niet verantwoordelijk voor is, als ze het wel doen en dat hij de vrouwen die zich daar schuldig aan maken onmiddellijk zal ontslaan (319). (...)
Wij hebben de indruk dat vrouwen in het merendeel van de Thaise salons ook wonen. Bijna overal treffen we ze al kokend aan. Ze doen soms in hun pyjama open. (...)
De Thaise vrouwen zijn voor hun huisvesting afhankelijk van de exploitant of van zijn vrouw, meestal ook een Thaise. Hierin valt een restant van patronagepatronen te ontdekken die door diverse onderzoekers in Thailand zijn geconstateerd. Het gaat om een ongelijke relatie, waarin een baas diensten ter beschikking stelt in ruil voor politieke of andere invloed. Dat houdt in dit geval in, dat het werknemerschap ook in de privé-sfeer verplichtingen jegens de baas schept. Dit speelt mogelijk in de loyaliteit aan het bedrijf, vooral in deze moeilijke tijden, waar de Belastingdienst loondienst constateert.
Klanten op hookers.nl vertellen in een topic veel gedetailleerde informatie over Thaise prostituees (helaas, het is verwijderd), maar gelukkig heb ik het opgeslagen. (.... ik sta op het punt het kopierecht te schenden..... ):
informatie van een klant (3-11-2006):
Thai dvp’s inside…
Ik heb in de loop der jaren door met een aantal Thai dvp dames een vertrouwensband op te bouwen inzicht gekregen hoe Thai dvp’s tot hun 'keus' gekomen zijn in Nederland aan de slag te gaan. Alhoewel er genoeg informatie is in de vorm van studies of andere mensen die op dit forum hun ervaringen delen wil ik toch een licht werpen op de schaduwkant. Ik wil zeker geen oordeel vellen of generaliseren. Ik wil alleen mijn verhaal doen over mijn ervaringen met een aantal thaise vrouwen/ dvp's.
Zoals (misschien) bekend bestaat de groep NL-thai dvp’s veelal uit, naar Thai maatstaven, wat oudere vrouwen (28+) uit het noorden en noordoosten (Isan). Een veel gehoord verhaal is deze: Er is sprake van een onstabiele gezinssituatie die veelal ook compleet spaak loopt. Pa en ma drinken, pa slaat door zijn alcoholisme en uit onmacht moeder en de kinderen. Ook worden de zoons voorgetrokken (matriarchale samenleving). De moeders houden dit ondanks (of juist dankzij) hun eigen jeugd in stand. De dochter vervalt vervolgens in de rol van Assepoester, Thai style. Helpen in het huishouden...
Voor diegenen die niet zo bekend zijn met de ins and outs van de thai samenleving een voorbeeld van een vrouwenleven ; op je 16e uitgehuwelijkt, op veel te jonge leeftijd een aantal kinderen gebaard die verzorgd worden door je ouders, je school niet afgemaakt, een man (waarvan je niet houd en hij niet van jou) die regelmatig geen werk heeft, je slaat en neigt naar alcoholisme. Of geen man meer omdat hij je heeft verlaten. En dan je eigen baan waarmee je een slordige 6000tbt per maand verdient. Dat is echter niet genoeg om het hele gezin te onderhouden. Zelfs al verdient je man ook een redelijke ‘kom kleefrijst’, is het nog sappelen om je kinderen naar een fatsoenlijke school te sturen. En als je man er vandoor is, is een farang aan de haak slaan geen optie. Die zijn op zoek naar je dochter.
Gelukkig is er altijd wel een ‘goede vriendin’ in de buurt die in Europa in 'the business' veel geld verdient. En daarmee haar familie een hogere status heeft bezorgd. Mannen die willen zorgen voor een verblijfsvergunning in ruil voor sex en/ of geld zijn er genoeg te vinden. En als Thai heb je gelukkig geen TWV nodig. Die status voor de familie overigens in de materialistische vorm; auto’s, bromfietsen, tv’s, DVD spelers, feesten, inwijdingen in het boeddhisme voor je zoon(s) en broer(s) en deze een periode laten spenderen als monnik levert meer status op voor de familie (er moet flink geld geschonken worden aan de betreffende tempel of monniken die deze ceremonies houden), fatsoenering of nieuwbouw van het huis van je ouders en naaste familie. En als er vragen worden gesteld waar deze plotselinge welvaart aan te danken is weet niemand wat die verdwenen dochter of moeder aan het doen is. Imago is #1… Men praat er niet over. Niet te vergeten 'mai pen rai'.
En dan zitten ze in Nederland; in een privéhuis vol mentaal onstabiele types (vooral de ladyboys zijn veelal border line), in de kern doodongelukkig, neigend naar (beginnende) depressiviteit, ondanks de boeddhistische overtuiging soms neigend naar zelfmoord of al een aantal pogingen daartoe ondernomen. In het begin worden er door de seksuele onervarenheid en weinig tot geen kennis van het eigen lichaam (geen tot weinig opleiding) veel fouten gemaakt. Geen condoom gebruiken (niet te verwarren met het later wel aanbieden van deze diensten), niet goed wassen of juist veel te veel met de verkeerde producten. Als er een keer cervicitis (een soort ontsteking van de baarmoedermond die eigenlijk alleen optreed bij veel wisselende partners) optreedt van het nzc en ze voor het eerst naar een westerse arts gaan worden ze gewezen op de mogelijkheden om hun eigen lichaam beter te beschermen. Speciale tampons, reinigings- en ontsmettingsproducten voor de vagina en baarmoeder.
Dan worden er om überhaupt, fysiek in staat te zijn, te kunnen werken veelal softdrugs gebruikt en/ of medicamenten misbruikt. Prima op te sturen vanuit Thailand en vrij te koop zonder recept. Gaat nog wel eens fout want zelfmedicatie door ongeschoolden is vragen om problemen. Niet te vergeten het alcoholmisbruik en het roken. Alles om zich mentaal af te sluiten voor de pijn en stress van dit bestaan. Pijn en stress die wordt veroorzaakt door eenzaamheid, de overtuiging dat je werk vanuit je geloofsovertuiging wordt veroordeeld, dat je status in de thaise samenleving tot 0 is gereduceerd, meestal slecht nieuws van het thuisfront over ontsporende dochters door het ontbreken van mama en/ of zoons die niets van hun leven maken, ouders of je man die vragen om nog meer geld. En omdat je daartoe van huis uit door je cultuur gedwongen bent doe je in het openbaar en op je werk je vrolijke masker op en gedraag je, je als de ideale sexy en promiscue exotische vrouw.
Maar als je een dergelijke vrouw wat beter kent als vriendin; en haar op de vrouw af vraagt; of als ze alleen is wel eens huilt, of ze gelukkig is? Dan kom je er achter dat die altijd lachende en vrolijke vrouw diep ongelukkig is. Het veelal zelfde antwoord die ik van verschillende vrouwen op deze vragen gekregen heb hebben mijn leven radicaal veranderd... Ik denk overigens wel eens 'ignorance is bliss'...
Ik ben er van overtuigd dat de (twijfelachtige) keus om als dvp in NL te kunnen werken, niet een keus is maar een laatste uitvlucht. Er is altijd sprake van een achterstand in ontwikkeling, financiële noodzaak en culturele dwang.
Er zijn binnen elke maatschappij grove misstanden maar als je persoonlijk geconfronteerd wordt met om het even welk geval besef je pas weer hoe goed wij het hier hebben. Het is clichématig en ik vertel voor veel mensen niets nieuws maar toch…
Ik veroordeel niemand; de wandelaar niet en zeker niet de Thai vrouwen die deze keus gemaakt hebben. Ik heb enorm respect gekregen voor deze Thai vrouwen; vrouwen die zich op een manier wegcijferen voor hun familie die getuigt van een grote mate van (misplaatste) loyaliteit. Het ergste is dat ze daarmee in veel gevallen hun persoonlijkheid compleet verwoesten. Zich daarbij vastklampend aan de boeddhistische overtuiging dat het volgend leven beter zal zijn…
 
(...)
 
Ik wil er nog even bij vermelden dat ik ook een blik heb mogen werpen op het mensenhandel traject. De mensen die ervoor zorgen dat de vrouwen voor veel geld (10-25.000 euro) naar Nederland worden vervoerd waar een Nederlandse 'partner' wacht. Veelal een lokale loser c.q. drop out met een predatorische instelling.
Tevens heb ik een aantal dames die ik ken onafhankelijk van elkaar letterlijk horen zeggen dat toen hun 'schuld' nog niet afbetaald was er van ze verwacht wordt dat ze zelfs indien ongesteld door werkten. Dit mogelijk gemaakt door speciale tampons. (Van die grote roze nappy's.)
Overigens kun je als succesvolle Thai dvp veel geld verdienen. Zeker zonder condoom. Er is dusdanig veel vraag dat er dames zijn die (zwart) ruim meer als 100.000euro per jaar verdienen. Ze staan namelijk voor het merendeel part time op de loonlijst als masseuse of een of andere bull shit titel. Dit geld wordt overigens net zo rap uitgeven in het casino, opsturen naar hun familie/ partner waarmee de mannen in sommige gevallen vrolijk rondneuken. Ook de achtergebleven kinderen gaan naar de verdommenis. Want met die steady supply of money is er geen druk om wat van je leven te maken. Want leven als parassiet is veel makkelijker.
Er is zeker bij de Thaise dames geen sprake van fysiek geweld tijdens die schuldperiode maar weldegelijk van mentale intimidatie. Meestal door een mamasan die door ervaring in the business zelf compleet de weg kwijt is. En altijd is er die dreiging van een paar (betaling in natura) kleerkasten die af en toe een lastige klant naar de tandarts verwijzen.
Je moet niet denken dat het allemaal kommer en kwel is. Er zijn altijd lichtpuntjes of dingen waaraan deze dames plezier ontlenen. Maar bedenk eens voor jezelf als vent dat jijzelf door omstandigheden, en druk van je familie je zelf verkopen als enige uitweg ziet? Dat je mentaal moet omschakelen als er een onaantrekkelijke persoon wat met jou wil en je eigenlijk moet (en dus tegen je wil!). Dat is toch verschrikkelijk? Maar mijn ervaringen hebben er bij mij toe geleid dat ik echt onpasselijk wordt van het idee prostitiutie, en de rol van westers kapitalisme en de invloed daarvan op samenlevingen daar (Z.O. Azie).
Ik ben van mening dat een normaal ontwikkelde vrouw zich nooit aan prostitutie zal wagen. Let wel dat ik besef dat er aan mij ongetwijfeld ook een steek los zit omdat ik mij willens en wetens stort in de gevoelswereld van zeer fragiele en tegelijk sterke, harde vrouwen. Misschien ben ik wel een soort maatschappelijk werker wannabe al beschouw ik mijzelf toch als weldenkend mens die probeert deze vrouwen met welgemeend goed advies na te laten denken hoe hun leven op de rails te krijgen. Maar als je net als ik een paar keer hebt meegemaakt dat een vrouw ineenstort in je armen, je dingen verteld waardoor je niet trots bent om man te zijn, en diezelfde vrouw verwordt tot een zielig hoopje mens en zichzelf compleet blootgeeft dan kun je niet anders als constateren dat er toch veel te veel klootzakken rondlopen die onze prachtige wereld en haar inwoners naar de verdommenis helpen. Het is echt om te janken en geloof me; dat heb ik plenty gedaan. Want het is gewoon hartverscheurend als je er persoonlijk mee wordt geconfronteerd.
Je hoort wel eens Nederlanders zeggen 'het leven is hard'. Ze moesten eens weten...
Er is ook en studie over Thaise prostituees in Thaise massagesalons in Nederland, geschreven door een Thaise zelf ("Thai Massage in the Netherlands - A study of a group of Thai migrant women" door Panitee Suksomboon, 2004). Ze interviewde 14 Thaise masseuses die in 4 verschillende massagesalons werkten (Sunflower Thai Massage, Mai Thai Massage, North Thai massage en de [traditionele Thaise massagesalon] Phaen Boran), onder wie een aantal vrouwen die traditionele Thaise massage deden (6 vrouwen), geen prostituees dus. Het beeld is positief, de vrouwen zijn niet misleid en lijken redelijk behandeld te worden, hoewel ze het werk niet leuk vinden.
 
pagina 11:
The data show that the ages of the interviewed Thai migrant women fall into the category of thirty-five to fifty-five. Only two women, Wong and Mon, are younger than thirty. Most of these Thai migrant women --ten out of fourteen -- came from the Northeast of Thailand and the rest of them are from Bangkok and Northern Thailand. Considering from a macro level, several scholars have explained that the Northeast of Thailand is the poorest of the four major regions of Thailand (Pasuk1982; Cook 1998; Jeffrey 2002).
pagina 84-85:
On the topic of women's migration I present four arguments. Firstly, some academic researchers have frequently considered that women are dependent and passive agents following the migrant men or left behind. Many of these Thai women, rather, moved to the Netherlands as initiating, independent migrants and left their families behind in Thailand. It should be stressed that the social networks providing migration generally involve women relatives and women friends. Pioneer migrant women play a key part in giving information, providing the migration opportunity or helping the migration process. This shows the specific role and active social actors of women who build the social networks in supporting international and chain migration.
 
Secondly, the migration of the interviewed Thai migrant women was a multi-step migration from a village in Thailand to Bangkok or other big cities and later to the Netherlands. As a consequence of their experience in internal migration, it makes these women's adaptation easier in international migration. I also argue transnational migration is not necessary being the last phase of the many steps of Thai women's migration. They still move back and forth within the European Union whereas others expect to move back to Thailand in the future.
 
Thirdly, the lives and experiences in international migration of these Thai women challenge the anti-trafficking discourse which viewed women as naïve, passive and forced/lured to migrate. The Thai migrant women in contrast intended to migrate, knew what their work would be and adapted themselves to the new society. Making a decision to work in Thai massage parlors demonstrates these women's adaptation and role as an active agent. They evaluate themselves that because of their limitations of low-working skills, low education and lack of proficiency in English or Dutch, the working in a Thai massage parlor offers them a certain degree of autonomy and independence. They can earn their own (large sum of) money which they are unlikely to experience in other forms of employment. One should not  generalize that all Thai women migrating overseas face hardship and finally end up as victim of trafficking.
 
Fourthly, international migration is not only involved with geographical movements of people  from the sending country to the receiving country. It is significantly related to the social  and cultural reconstruction, interpretation and negotiation of gender and sexuality of both  sending and receiving countries. On the one hand, the bodies of these women are related to  Thainess, Thai gender and sexuality. Owing to a discourse of Thailand as a place for  westerners to search for sexual service and prostitution, some clients have such stereotypes  that they think they can have sex with all Thai migrant women in massage parlors in the  Netherlands and look down upon them if they refuse their request. These women negotiate with  these customers that they should not apply this label to every Thai woman and that there are  many beautiful and attractive places in Thailand. On the other hand, Dutch culture and 'Western' gender and sexuality are also reconstructed by these Thai women to negotiate with  their farang [Western] husband on the issues of working in Thai massage parlors. Their farang husband  does not give them money is defied as the irresponsibility, so they have to work in Thai  massage parlors. Some assume that their farang [Western] husband is openminded and can tolerate their work in erotic massage parlors.
pagina 85:
Thai migrant women have to work many hours per day, 12 hours and they have a day-off only on Sundays. The income of masseuses bases on the agreement with the parlors' owners, the type of the massage, and the number of clients they get. Having a prior experience with work in a massage parlor is not a sufficient factor to explain why these Thai migrant women choose to work in massage parlors in the Netherlands, especially in the case of the erotic ones. Economic incentives, influence of social networks, the popularity of erotic massage and extra income from offering sexual service are other important factors why these Thai migrant women choose and keep working in erotic massage parlors.
pagina 59:
Wong explained her feeling when she started working: "Before I did it, I thought a lot. I cried and thought of my son and my mom. If they knew what my work here was, how would they feel? Maybe, they would think that I am not a good daughter and mother." I also asked Mon what she thought about her job. "Don't ask me how I feel when I have to take off my clothes while I give massages to clients. If you were me and you had to be naked in front of a male stranger, what would you feel? Would you feel ashamed? I feel the same.", Mon replied.
pagina 49:
The work rules and the kind(s) of services the masseuses have to give are also established by the owners. The women who would like to work in the parlors have to agree with these rules. The strictness of the rules depends on the relationship between the owners and employees as well as the size of the establishment. If a parlor has many masseuses working there and the relationship between the owner and employees is formal, the working-rules are stricter than in the parlors with fewer masseuses.
pagina 71:
Interesting enough, both traditional and erotic masseuses also consider the client's touching their body as an act of sexual harassment. Although the women in erotic massage parlors take off their clothes, give body to body massage or hand jobs, they feel uneasy if the client always keeps touching their bodies, especially their private parts.
pagina 71:
"Before I take off all of my clothes some clients already touch my body. Some clients stare at me when I am naked. I was shy, especially with the young and handsome farang [she means Western] clients. Very often some old or crazy customers always touched my breasts and hips. If I faced this situation again, I thought I was unlucky. Sometimes I was very angry, but I had to be patient and try to control my emotion. If I exposed my anger to the clients, it would damage the reputation of the parlor".
pagina 75:
Some masseuses tried to enjoy their work telling themselves that it is their job, similar to people of other professions, and that they also have a responsibility to do their job. Wong explained how she felt about her job: "I am sometimes ashamed to take off my clothes, but I think, it is my work. Whenever I meet nice and polite clients, I feel that I enjoy my work". Mali is another example: "When I took off my clothes the first time, I was shy. Sometimes I have to give showers to the clients. I don't like it. Anyhow, this is my work".
pagina 79:
Son has nearly finished paying her debt of 6,520 EURO to an agency and a bank after one and a half years.
De Werkgroep Prostitutietoerisme en Handel in vrouwen over Thaise prostituees in het boekje "VOGELVRIJ - prostitutietoerisme en vrouwenhandel" (1984) door Els Bransen, Liet Gaikhorst en Gery de Wolf (op pagina 64):
Op grond van informatie die wij verzamelden over Thai-klups in Amsterdam kunnen we stellen dat er vrouwen (bijvoorbeeld Thaise) worden geworven voor werk in de sexindustrie in het westen. De betreffende vrouwen zijn daarbij min of meer op de hoogte van de inhoud van het werk.
Uit 'De buitenlandse prostituée' door Licia Brussa in "Beroep:Prostituee" door Frank Belderbos en Jan Visser (red.) (1987):
pagina 98-102:
De vrouwen uit Zuidoost-Azië vormen de tweede grote groep buitenlandse prostituées. Het gaat voornamelijk om Thaise vrouwen. Er is een kleinere groep Filippijnse vrouwen en een aantal vrouwen van verschillende nationaliteit (onder andere Maleisisch, Indonesisch en Taiwanees).
Ongeveer tien jaar geleden kwamen de eerste vrouwen naar Nederland. De laatste jaren is met name het aantal Thaise vrouwen in de stad gestegen. Het werk van Filippijnse gogo-danseressenen combo-bands in het entertainmentcircuit in de stad is acht jaar geleden begonnen.
De Zuidoost-aziatische vrouwen zijn moeilijker te bereiken dan de Zuidamerikaanse vrouwen. Ze zijn minder zichtbaar door het besloten karakter van hun werkplek: bars en gesloten clubs verspreid over de hele stad. Er is een grote roulatie van club naar club, van stad naar stad en van het ene Europese land naar het andere. Door deze situatie hebben ze geen contact met hulpverleningsinstellingen en veldwerkers. Zij leven minder in groepsverband dan de Zuidamerikaanse vrouwen. Een groot deel van hen is illegaal in Nederland of illegaal geworden. Tot een goede schatting van het aantal illegalen onder hen zijn we in het onderzoek niet gekomen.
Wel is gelukt een globaal beeld te krijgen van de situatie waarin de vrouwen verkeren en van de diverse manieren waarop zij naar Europa of Nederland kwamen. De handel in vrouwen uit Zuidoost-Azië zit ingewikkeld in elkaar. Er zijn verschillende connecties met Europa, die de stroom van vrouwen uit Zuidoost-Azië bepalen. De handel in Zuidoost-aziatische vrouwen is meer over heel Europa verspreid. De indruk bestaat dat Nederland slechts een zijdelingse rol speelt bij deze Aziatisch-Europese stroom.
Als we ons beperken tot de handel in Thaise vrouwen blijkt, dat het knooppunt van de Thais-Europese connectie zich in West-Duitsland bevindt. De voornaamste reden hiervoor is dat West-Duitsland, in tegenstelling tot andere Europese landen, geen visumverplichting kent voor reizigers uit Azië. Eenmaal in de Bondsrepubliek is het dan gemakkelijker andere Europese landen binnen te komen.
De recrutering van Thaise vrouwen, hun reis naar Europa en hun overbrenging naar een bepaalde club, wordt door verschillende agenten en/of handelaren binnen bovengenoemde kanalen geregeld. De Duitse handelaren hebben zich grootschalig georganiseerd, terwijl de Nederlandse agenten vermoedelijk op veel kleinere schaal opereren. Vaak worden de vrouwen aan een clubeigenaar verkocht en rouleren ze gedwongen tussen verschillende clubs. Nadat hun visum verloopt, worden zij 'illegaal'. Ook verlopen ronselpraktijken via zogenaamde artiesten- of uitzendbureaus. Een andere wijze van handel gebeurt via vrienden, kennissen, verwanten of illegale huwelijksbureaus.
 
De vrouwen die via een huwelijk de Nederlandse nationaliteit krijgen, komen vaak rechtstreeks naar Nederland. De Nederlandse huwelijkskandidaat wordt meestal in Thailand gevonden onder verslaafden, toeristen of Nederlanders die in Thailand wonen. Het huwelijk wordt door de agent geregeld en de vrouwen blijven van hen afhankelijk. Andere vrouwen komen binnen via Schiphol met een man, die enkele vrouwen 'begeleidt'. Ze krijgen een toeristenvisum omdat ze voldoende geld en een retourticket in hun bezit hebben.
Een ander circuit met diverse kanalen recruteert met name Filippijnse gogodanseressen en bands om in Europa in de entertainment-industrie in nachtclubs op te treden. Vaste agenten op de Filippijnen engageren de vrouwen. Er wordt hen een contract aangeboden onder meestal valse voorwendsels en beloften voor zes maanden of een jaar.
Volgens verschillende respondenten worden deze vrouwen gedwongen tot prostitutie en in ieder geval tot het animeren van klanten. Verzet is onmogelijk. Na drie of zes maanden is men illegaal. Het contract verliest zijn geldigheid en de vrouwen zijn zonder onderdak en inkomen.
Een kleine groep Zuidoost-aziatische vrouwen kwam als zelfstandige naar Europa via vrienden, kennissen of verwanten die hier legaal verblijven. Ze gingen daarna in de prostitutie. Voorts zijn er Zuidoost-aziatische vrouwen naar Amsterdam gekomen na ontvlucht te zijn uit bordelen in West-Duitsland, Zwitserland, Belgie of Frankrijk.
Interessant is overigens dat Amsterdam een grote aantrekkingskracht heeft op Thaise vrouwen. Dit kwam in verschillende gesprekken met respondenten naar voren. In Thailand bestaat bij vrouwen die contact hebben met Europese mannen het idee dat Nederland een betere plek is om te wonen en te werken dan andere Europese landen en zeker beter dan de Bondsrepubliek. De Thaise respondent-prostituée wist niet precies waarom, maar bevestigde dat veel vrouwen die weg willen uit Thailand om te werken (al of niet als prostituée) graag naar Nederland willen. Dit maakt het de agenten die vrouwen recruteren voor handelaren veel makkelijker.
 
Werkplek en werkomstandigheden
De Zuidoost-aziatische vrouwen werken in verschillende takken van de prostitutie, zoals seksclubs, bars en bordelen. Daarnaast werken zij in peepshows en sekstheaters met live-shows. Ook vinden ze emplooi als escortguides en als call-girls in gesloten huizen. Slechts enkele Zuidoost-aziatische vrouwen werken als raamprostituée.
De werkomstandigheden en het inkomen van de vrouwen zijn sterk afhankelijk van niet alleen het seksbedrijf waar zij werken, maar ook van de goede of slechte wil van de clubeigenaar. In sommige clubs krijgen vrouwen een percentage van tien tot twintig procent van de opbrengst van de consumpties. Voor de seksuele prestatie geven goede clubs vijftig procent en slechte tien tot dertig procent van hun dagomzet.
In bedrijven waar de vrouwen optreden als danseres of deelnemen in een show, krijgen ze een vast salaris van 300 tot 500 gulden per week. Hiervan moeten ze een percentage aan de clubeigenaar betalen voor onderdak en onderhoud.
De verdiensten staan in schrille tegenstelling tot de inkomsten van de bar- of clubeigenaar. In sommige clubs betalen de klanten een vast bedrag van 200 à 300 gulden. Hierin is alles inbegrepen: drank, vrouwen en entertainment.
 
Uitbuiting door clubeigenaren komt vaak voor. De respondent-prostituées en verschillende sleutelfiguren vertelden dat er kleine clubs of gesloten huizen zijn, waar vier of vijf Thaise vrouwen werken en wonen. Zij krijgen een bepaald bedrag per maand (300-500 gulden). Soms wordt dit bedrag niet aan de vrouwen zelf gegeven, maar rechtstreeks naar de familie of een bepaalde bankrekening in Thailand gestuurd. Dit is een subtiele manier om de vrouwen nog afhankelijker te maken. Zij weten immers dat hun familie en kinderen leven van het maandbedrag dat de eigenaar stuurt.
Sommige eigenaren gedragen zich paternalistisch tegenover de vrouwen. Zij vertellen de vrouwen dat zij alles doen om hen te beschermen tegen de 'boze' buitenwereld en dat het in de clubs, waar alles geregeld is, veel veiliger is dan elders. De vrouwen zouden zo beter tegen de politie beschermd zijn. Vaak wordt gedreigd dat ze anders achter de ramen terecht komen. Het feit dat ze niet buiten mogen komen, dat de club-eigenaar hun geld aan de familie of op een bankrekening overmaakt: alles is "voor hun eigen bestwil". Zo overtuigen zij de vrouwen er langzaam van, dat ze het lang zo slecht nog niet bij hen hebben en dat ze als ze genoeg gespaard hebben terug kunnen naar hun eigen land. Intussen leven de vrouwen in een gevangenis, zonder contacten met de buitenwereld, behalve met de klanten.
De werktijden en hygiënische omstandigheden varieren van club tot club. Er zijn vrouwen die in kleine hokjes werken en wonen. Voor het merendeel werken werken de vrouwen van elf uur's morgens tot diep in de nacht. Vaak moeten zij daarna nog zelf hun kamertje en de club schoonmaken.
 
Achtergronden van de Thaise vrouwen
In het algemeen ligt de leeftijd van de vrouwen hier tussen de achttien en vijfentwintig jaar. Er zijn gevallen genoemd van minderjarige meisjes, hoewel niet van kinderprostitutie. De Thaise regering bestrijdt de laatste jaren dit verschijnsel.
Over de lichamelijke conditie van de vrouwen is tot nu toe weinig bekend. Ze komen niet naar het consultatiebureau van de GG & GD voor controle op geslachtsziekten (die vaak tevenseen controle is op de algemene lichamelijke conditie van prostituées). Wel is er een arts, die naar een aantal van de clubs toe gaat. Deze controleert de vrouwen en laat laboratoriumonderzoek bij de GG & GD doen.
 
De werving van prostituées vindt plaats in de grote steden of in provinciestadjes in Thailand, niet op het platteland. De motieven van de vrouwen om naar Nederland te komen zijn van economische aard. Veel vrouwen hebben kinderen in het eigen land. Daarnaast willen ze een stuk land kopen voor de familie, of willen ze geld verdienen om broers en zusters te laten studeren of geld sparen voor een eigen zaak.
De plicht om als oudste dochter de familie te onderhouden is een zwaarwegend element in de Thaise cultuur. Sociaal gezien is de economische verplichting van de oudste dochter ten opzichte van de ouders belangrijk. De families kennen een strikte gezinshiërarchie: de grootouders en ouders vormen de top van de piramide, waarna de kinderen volgen in volgorde van leeftijd. De onderlinge band is gebaseerd op plichten van de kinderen ten opzichte van ouders en grootouders. Wanneer in zo'n familie niet genoeg te eten is, gaat de oudste dochter naar de stad om werk te vinden.
De mogelijkheden voor vrouwen om werk te vinden in de stad zijn niet groot. Ongeschoolde meisjes vinden werk in de groeiende toeristensector, die vaak sterk verbonden is met de seksindustrie. Ze werken in hotels als serveersters, kapsters, masseuse, danseres en eventueel call-girl.
Niet alle Thaise vrouwen in Nederland werkten in hun eigen land in dit circuit. Er zijn ook geschoolde vrouwen die ander werk hadden. Toch, de eerste indruk is dat met name in Thailand Europese agenten vooral vrouwen ronselen in bedrijven en beroepen binnen het toerisme en specifiek het sekstoerisme.
 
Thaise prostituées spreken slecht Engels en Nederlands. Door het taal probleem, het feit dat zij in het meer verborgen deel van het prostitutiecircuit werken en hun juridische positie leeft deze groep zeer geïsoleerd. De vrouwen gaan weinig uit, zijn geheel onbekend met de manier van leven hier en hebben weinig contact met Nederlanders. Hun leven speelt zich vaak dag en nacht af in de clubs.
Er bestaat onderling geen groepsverband. Sociale contacten blijven vaak beperkt tot een paar vriendinnen (landgenoten-collega's).
De nieuwe Thaise tempel in Amsterdam en een paar Thaise restaurants zijn de ontmoetingsplaatsen voor alleen die vrouwen, die nog enige vrijheid hebben om uit te gaan. Ontmoetingen tussen vrouwen in de tempel ervaren clubeigenaren niet als gevaarlijk of schadelijk.
Verschillende informanten die contacten hebben met Thaise prostituées, brachten naar voren dat de vrouwen leven onder grote geestelijke en lichamelijke spanning. Het zware lichamelijke werk en het leven en werken onder heel andere omstandigheden dan in het eigen land maakt hen zeer depressief en lichamelijk uitgeput. Ze lijden erg onder hun isolement, de scheiding van hun familieleden, het racisme en het voor het eerst in hun leven ervaren van dwang in de prostitutie. Ze mogen hun klanten niet zelf kiezen of weigeren. Dit geldt ook voor de vrouwen die reeds in Thailand prostituée of semiprostituée waren. Daar waren zij vrijer, minder geïsoleerd en werden zij minder uitgebuit. Ze werkten in Thailand freelance en gingen de weekends naar huis.
Ook in Thailand geldt het stigma van prostitutie, maar in een andere context. In een dorp weet bijvoorbeeld iedereen dat meisjes die in de stad werken en goed verdienen vermoedelijk in de prostitutie zitten. Niemand zal er iets van durven zeggen, zolang zij zich als 'goede' dochters gedragen en de band met de familie en de financiële ondersteuning en zorg handhaven. Het laatste is moreel gezien belangrijker dan vorm en inhoud van het beroep. In Nederland zijn hun ervaringen heel anders. Er is dan ook duidelijk sprake van een 'cultuurschok' en schaamte. Dit maakt hen nog afhankelijker van handelaren en clubeigenaren.
***
 
Chinese prostituees (die vaak in kapsalons werken) komen relatief vaak voor in de statistieken van de Stichting Tegen Vrouwenhandel, terwijl er maar weinig Chinese prostituees in Nederland zijn. Ik vermoed dat veel van deze prostituees gedwongen worden door mensenhandelaren.
 
***
 
Over Westerse prostituees uitgezonderd de Nederlandse (Duitse en Belgische enz…) weten ik het fijne niet. Feit is dat Westerse prostituees anders dan Nederlandse zelden opduiken in de statistieken van de STV. In het boek "Ik laat je nooit meer gaan" (2005) van Ruth Hopkins wordt de Ierse Chrissie beschreven die op de Wallen onder controle staat van Turkse pooiers. In het rapport van Frank Bovenkerk (Onderzoeksrapport:Loverboys in Amsterdam, 2004) wordt ook beschreven dat Belgische meisjes op de Wallen door pooiers worden uitgebuit die trouwens ook in de raamprostitutie (Schipperskwartier) in België worden geëxploiteerd naast Nederlandse vrouwen.
 
Liesbeth Venicz beschrijft prostituees uit overige EU-landen in haar rapport "Achter de ramen, veldwerk onder raamprostituees in Groningen" (1998) (ze sprak met 9 EU-prostituees: 2 Belgen, 5 Duitsers, 1 Spaanse en 1 Italiaans):
Zijn met name afkomstig uit de buurlanden Duitsland en België. Ze werken in Groningen vanwege de anonimiteit en soms vanwege de arbeidsomstandigheden. Zo vertelde een Duitse het werken achter het raam te prefereren boven het werken in clubs in Duitsland, omdat ze hier zelfstandiger kan werken en ook de controle op geslachtsziekten hier op basis van vrijwilligheid gebeurt. Dit in tegenstelling tot sommige Duitse deelstaten waar controles min of meer verplicht zijn.
Ze werken net als de Nederlandse meisjes soms met pooier, soms zonder.
***
 
Ik was nog vergeten te vertellen over de thuiswerksters. Mij is opgevallen dat dit vaak wat oudere Nederlandse vrouwen zijn (als je de recencies op hookers.nl en de advertenties op sexsites bekijkt). Er worden eigenlijk maar weinig (of eigenlijk geen) slachtoffers van vrouwenhandel geregistreerd die gedwongen worden om vanuit hun appartement te werken. Een voorbeeld is het artikel: Loverboy draait door na coke, het is het één van de weinige voorbeelden die ik ken waarbij een volwassen Nederlandse vrouw gedwongen vanuit haar woning werkt. Ik neem aan dat vrouwenhandel onder thuiswerksters heel zelden voorkomt. Uitzondering zijn de kindprostituees. Die worden juist vanuit appartementen geëxploiteerd. Maar...... nu ik eraan denk zijn er inderdaad voorbeelden op hookers.nl van gevallen waarin er vanuit appartementen wordt geëxploiteerd (het zijn 2 voorbeelden):
Toch denk ik dat de mensenhandel minder voorkomt in de privéontvangst omdat die vrouwen die dat doen vaak wat oudere Nederlandse vrouwen zijn. (Maar ik denk dan toch weer terug over wat die thuiswerkster mij vertelde; over dat ze regelmatig meemaakte dat huisvrouwen door hun man gedwongen worden om als prostituee te werken)
Meer twijfels:
We hebben verschillende signalen van controle geconstateerd. Hulpverleners treffen bij het bezoeken van thuiswerksters vrouwen die ze voorheen in clubs tegenkwamen. Nadeel in de nieuwe situatie is dat er op de achtergrond een man (partner, pooier?) in het huis aanwezig is, waardoor de onderlinge communicatie tussen prostituee en hulpverlener wordt belemmerd.
Maar ze hebben het hier waarschijnlijk wel over buitenlandse vrouwen.
 
Een paar prostituees adviseerden me om van prostituees gebruik te maken die adverteren op internet.
 
***
 
Het rapport "Er gaat iets veranderen in de prostitutie"(2000) bevat interessante details over prostituees. Wat interessant is is dat erin staat dat kleinere privé-huizen wat beter omgaan met hun prostituees dan grotere clubs. Er komen over het algemeen minder misstanden voor dan in de grotere clubs. Dus er is minder kindprostitutie, minder gedwongen prostitutie, de prostituees staan er vaker positiever tegenover hun werk, gebruiken minder drugs, de exploitanten behandelen er de prostituees vaak beter, etc......
 
Dus een tip voor klanten zou dus ook kunnen zijn om kleinere privé-huizen te bezoeken. Wat niet wil zeggen dat er uitzonderingen zijn. (Denk aan de Afrikaanse wippercelen in de Bijlmer.... maar dat zijn illegale bordelen)
 
Wat ook in dat rapport staat is dat de situatie voor oudere prostituees beter is dan voor de jongere prostituees en de buitenlandse prostituees. Verder schets het rapport een somber beeld van prostituees. Een groot deel gebruikt alcohol of drugs om hun werk uit te kunnen oefenen. En het overgrote deel van de prostitutie-bedrijven houdt niet eens een sollicitatiegesprek. Wat betekent dat slachtoffers van mensenhandel er zo aan de slag kunnen.
 
***
 
Het is bekend dat straatprostituees vaak verslaafd zijn aan harddrugs. Soms heb ik het idee dat dit ook geldt voor prostituees in andere sectoren, maar er zijn weer andere bronnen die dit ontkennen.
 
(...) Bovengenoemde redenen veroorzaakten in 2000 aanvankelijk een daling van het aantal Nederlandse prostituees dat werkzaam was in de Twentse prostitutiebedrijven. Volgens exploitanten en prostituees ging het hierbij echter niet om een groot deel van de Nederlandse prostituees. Veel Nederlandse prostituees zijn volgens deze respondenten drugsgebruiker.
Handel in hartstocht (Sietske Altink, 1995, pagina 134-135)
Bordeelhouder Huub: 'Negen van de elf vrouwen die hier werken komen uit Oost-Europa. Nederlandse en Duitse vrouwen hoef ik niet meer. Dat zijn allemaal verslaafden. (...)
Who the fuck is Daatje Smit? (Metje Blaak, 1997, pagina 353)
We vierden sinterklaasavond in Didi's seksclub. Het was 5 December 1991. Al vier jaar verzorgde ik hier op dinsdag- en donderdagavond voor de wachtende klanten de show. Er zaten tien dames van plezier, maar er waren maar vijf kamers. Dus het entertainment tussen de bedrijven door was niet altijd leuk maar ook noodzakelijk en functioneel.
Zodoende had ik al veel vrouwen en meisjes zien komen en gaan. Het roulerende gedeelte was grotendeels junk en bleef meestal niet langer dan een week of drie. Dan waren er ook nog de zeer trieste gevallen. Ze kwamen met al hun schamele bezittingen in een vuilniszak, en vroegen om werk, kost en inwoning. Deze categorie hoorde eigenlijk in een psychiatrische inrichting thuis...
De vaste kern bestond uit echte meisjes van plezier, die net als ikzelf geld wilden verdienen en ondertussen een hoop lol met elkaar hadden. (...)
op pagina 60, ze vertelt dat een klant haar verslaafd wilde maken, maar.....
Ik had ze in de club zien sterven als ratten.
Rechten van prostituees ..... (Rode Draad, 2006, pagina 62-63)
Het is 2004. De deur van het bedrijf wordt opengedaan door een dame die De Rode Draad vrolijk binnen laat. (...) De eigenaresse wordt ondertussen op de bank gemasseerd door een ander meisje. (...) Ze klaagt dat alle vrouwen aan de coke zitten, ook bij haar in de zaak.
Escort in Amsterdam (2000, Eysink, Smeets & Etman)
op pagina 6:
De escortwereld is een cokewereld, waarin veel klanten èn escorts gebruikers zijn. Bekend is dat cocaïne via clubs en escort tegen aangedikte prijzen te verkrijgen is, samen met de escort: 'de package-deal'. (...)
op pagina 29:
De inkomsten in clubs zijn deels afkomstig uit de seksuele dienstverlening, deels uit de verkoop van de drank. Een informant meldt: "Ik weet niet waar meer aan verdiend wordt". Meerdere informanten wijzen daarnaast op excessief cocaïnegebruik in clubs en escort door zowel klanten als prostitué(e)s zelf. "Je kunt niet ontkennen dat er in deze business veel mensen met hun neus in de poeiers zitten, ook onze meisjes", is een uitspraak van een exploitant die door escorts bevestigd wordt. "In dit werk raak je verslaafd aan geld en coke", aldus een meisje. Cocaïnegebruik vergemakkelijkt het hebben van urenlange seks, wat voor de exploitant en escort inkomsten betekent. Volgens insiders is het mogelijk om zowel escort als coke te bestellen - een 'package-deal' - waarbij de prijs van cocaïne uiteraard boven de straatwaarde ligt.
Quote uit "Power and control in the commercial sex trade" door Wendy Chapkis in "Sex for sale - prostitution, pornography and the sex industry" edited by Ronald Weitzer (2000). Voormalig prostituee Jo Doezema wordt geïnterviewed in 1993 in Amsterdam. Jo Doemema werkte ook voor de Rode Draad:
There is an incredible amount of drug use in the clubs. It's the big hidden drug problem in prostitution. Everyone thinks of drug-addicted prostitutes as heroin-addicted street workers. But there are many more coke-addicted women working in clubs than heroin-addicted women working on the streets of Amsterdam. I am actually convinced that a lot of clubs are covers for coke dealing from behind the bar.
Een jonge ex-raamprostituee vertelt op hookers.nl (2 April 2009)
we zijn allemaal jong en hebben heus wel allemaal wat gebruikt..

Toen ik achter de raam werkte, en dan hele dagen nam ik ook af en toe een snuiffie cocaine hoor....

ben ik heel eerlijk in
 
en ik denk dat heel veel meiden die achter het raam werken cocaine snuiven, dat weet ik 100 procent zeker,toen k achter de raam werkte snoven 90% van de dames....
Een klant vraagt hierop: "Misschien een hele blonde vraag, maar waarom eigenlijk? Gewoon voor de lol, en het werk was om de hobby te betalen. Of gebruiken ze het om het werk te kunnen blijven doen." Zij antwoord:
Nou ik denk als die meiden snuiven dat ze het gewoon langer volhouden, vooral als je de hele dag werkt, en veel klanten krijg, dan kan een snuiffie relax werken begrijp je.
En nee ze werken niet om hun cocaine te kunnen betalen, maar ja, als je lang werkt dan kan het wel helpen hoor een snuifje cocaine.
Dat klinkt allemaal wel heel pessimistisch. Maar er moet gezegd dat in het onderzoek naar de sociale positie van prostituees een jaar na de wetswijziging maar 5% van de 230 geïnterviewde prostituees aangaf regelmatig harddrugs te gebruiken. (zie Ine Vanwesenbeeck, Mechtild Höing and Paul Vennix in "De sociale positie van prostituees in de gereguleerde bedrijven een jaar na de wetswijziging” uit 2002 op pagina 34, tabel 23)
 
Ook hier vraag je je dan weer af. Komt dit omdat zij dit niet willen toegeven, of omdat dit ook echt zo is of omdat prostituees die harddrugs gebruiken minder snel geneigd zijn om aan zo'n onderzoek mee te doen?
 
Het blijft een raadsel.
 
(Ik snap hier echt helemaal niks van)
 
zie vervolg:
 
 
Lees meer...
 
 
 
Over Afrikaanse prostituees
 
Bij Afrikaanse prostituees bestaat er een dubbel beeld. Volgens het ene beeld zijn Afrikaanse prostituees oorspronkelijk onder valse voorwendselen hiernaartoe gelokt en worden door allerlei bizarre voodoo-rituelen onder de duim gehouden. Volgens het andere beeld zijn Afrikaanse prostituees juist zeer sterke en bewuste vrouwen die dingen heel goed zelf kunnen regelen.
Ook Afrikaanse prostituees komen sterk naar voren in de statistieken van de stichting tegen vrouwenhandel. Jarenlang was ruim een kwart van de geregistreerde slachtoffers Afrikaans. Ook bij Afrikaanse prostituees zie je dat verdeling qua nationaliteiten zoals die is in het veld absoluut niet overeenkomt met zoals je die ziet in de statistieken van de STV. Er lijken meer Ghanese dan Nigeriaanse prostituees te zijn in Nederland (dat kun je zien als je prostituees gaat tellen op hookers.nl). Toch zie je veel meer Nigeriaanse slachtoffers van mensenhandel dan Ghanese op de lijsten van de Stichting Tegen Vrouwenhandel.
Misschien dat de paradox is op te lossen door een onderscheid te maken tussen de Ghanese en de Nigeriaanse prostituees. De voodoo en de misleiding lijkt vooral betrekking te hebben op de Nigeriaanse prostituees. Aan de andere kant zijn volgens een aantal veldwerkers ook Nigeriaanse prostituees zeer zelfstandig.
Wellicht is de grote stroom van Nigeriaanse prostituees pas later op gang gekomen (in de STV-statistieken over Nigeriaanse slachtoffers van mensenhandel komen deze slachtoffers pas sterk naar voren in de tweede helft van de jaren 90 van de 20ste eeuw). Volgens het Wikipedia-artikel over het Vodun-geloof (Voodoo) wordt dit geloof vooral in Nigeria aangehangen, maar ook in het oosten van Ghana. Maar in de onderzoeken naar Ghanese prostituees wordt dit geloof niet genoemd. Ik denk dat het niet veel wordt aangehangen onder Ghanezen in Nederland.
 
Er moet trouwens gezegd dat het aantal Afrikaanse prostituees de laatste jaren fors lijkt te zijn afgenomen als je kijkt naar de recencies op hookers.nl. In een onderzoek in 1999 (zie mobiliteit in de Nederlandse prostitutie) was 13% van de prostituees Afrikaans. In 2005 zouden het er veel minder moeten zijn afgaande op hookers.nl. Uit ooggetuigeverslagen (en tellingen op hookers.nl) kan ik dit afleiden. Grappig is dat dit niet terug te vinden is in de statistieken van de Stichting Tegen Vrouwenhandel. Sinds eind jaren 90 schommelt het percentage van de slachtoffers van mensenhandel dat uit Afrika komt op rond de 25%. Hoewel, uit de cijfers van 2005 lijkt het wat minder.
 
Aan de andere kant zijn volgens recentere cijfers van TAMPEP 15% van de prostituees Afrikaans (Zie het TAMPEP 7-rapport uit 2007 op pagina 66.). Dus dan is het percentage Afrikaanse prostituees toch niet afgenomen.
 
Zie het rapport "Illegaliteit en minderjarigheid in de prostitutie een jaar na de opheffing van het bordeelverbod" door Goderie, Spierings en ter Woerds (2002)
Bedreiging van familie kan prostituees die werken voor een pooier treffen als zij te kennen geven te willen stoppen met het werk. De medewerkers van een opvangvoorziening voor jeugdige prostituees merken dat dit signaal met name van toepassing is op Afrikaanse meisjes. De uit Afrikaanse landen afkomstige meisjes hebben een onduidelijk verhaal (ondanks tussenkomst van tolken en deskundigen) en zijn vaak verward. De indruk bestaat dat ze onder grote angst leven, waardoor ze hun niet precies durven te vertellen wat er aan de hand is. Het lijkt erop of deze meisjes een van te voren opgesteld verhaal vertellen. Bij het doorvragen blijken dingen niet te kloppen of onmogelijk te zijn. Wat wel duidelijk wordt is dat zijzelf en hun familieleden zijn bedreigd met van alles mochten zij zich onttrekken aan hun handelaar. Voor de hulpverleners is het heel moeilijk contact met ze te houden. Meestal verdwijnen de Afrikaanse meisjes al vrij snel weer uit de opvangvoorziening met onbekende bestemming.

Zie "Die meisjes zijn slaven" over dominee Tom Marfo die hulp biedt aan Afrikaanse prostituees.

“Het eerste wat ik vanuit mijn christelijke inspiratie voel als ik de meisjes op de straat zie, is compassie. Ik raakte met sommige meisjes aan de praat. Vroeg hoe ze hier kwamen. Waarom ze dat werk deden.” Hij kwam erachter dat de meeste meisjes tegen hun wil in de prostitutie belanden. Ze betalen veel geld aan mensenhandelaren, in de verwachting in West-Europa aan een baan of een studie te komen. “Ze worden erin geluisd. Ik ken een jonge vrouw die hier haar rechtenstudie wilde vervolgen, maar die linea recta op de Wallen belandde.”

Tom Marfo vertelt verder in "Breaking the spell" (in News Confidential, 21-7-2005, door Pete Saywer):

Marfo is typically modest about his achievements. Sitting in his flat with a commanding view overlooking the tower blocks, Marfo gestures towards the window. 'If we walked a bit down there I could show you where the women were marketed, bargained for and sold,' he says. 'The place was an open space-a sports area where people liked to be-but the bulldozers are very busy there now.'
'It was subtle and only those involved knew exactly what it was. For instance, you would see a guy walking [along] with three or four young girls. They would all have one trademark hairdo. Whenever you saw a guy with a lot of chains around his neck, or a woman with three or four girls following her, you knew it was a madam or a pimp.'
The deals were done by nods and whispers. The girls were discreetly paraded in front of prospective buyers, sometimes from Belgium, Luxembourg or other parts of Europe.
'Usually the person who brings them will not put them to work but resell them to a second buyer,' explains Marfo. 'The second buyer may even sell them to a third buyer. But sure, the second buyer will use them.
'The price depends entirely on the physical appearance of the woman. A tall woman with a good figure and nice bone structure will get a good price, perhaps around 30,000 dollars.
'Once she's been "sold" her new "owner" will make her work to earn this money back. She remains a slave for a period of five to seven years. She has to work and she has to make about 60,000 to 80,000 dollars for this person. And until she's finished she remains effectively a slave.'
The girls are 'softened up' to make them more suitable for their new Owners, Marfo says. They are introduced to smoking, drinking and drugs to make them feel high and to lower their inhibitions, as for these girls it is a cultural shock too-they are not used to being naked in front of another person.
According to Marfo, the pimps and madams employ professional torturers and voodoo to scare the girls into submission. 'When the girls are bought they usually have to inculcate into them fear and respect [so that they] take orders, [and] never ask questions.
'It is a culture which is very heavily superstitious, with many gods. They take body parts like fingernails, blood from all parts of [the woman's] body, saliva, hair from her head, armpit and private parts, clothing and underwear. They use these to "conjure up" powers against you if you break any of their "rules". The girls believe that if they go against it they will die, and their parents will die. So [the gangs] keep them perpetually in this bondage.
'Coupled with this voodoo, there is the physical torture that they undergo daily. They are told that if they ever go to the police they are dead.
'But for many the biggest torture is psychological. It is threats against their parents back home in Africa. The girls are told that if they do not cooperate, their parents, brothers and sisters will be killed. The mother will call [and say] that people have come to her and threatened to kill her because she has been misbehaving. The mother will be pleading with her to work obediently.
'They become very pliable. I know of cases where even after they have been rescued they go back to the pimps. They have been so psychologically imprisoned that independence from them is quite a big task.
'Before they are brought here, legal contracts are sometimes signed by the parents, giving out their children to be sold like this. These are illiterate children and parents from the villages. They have never heard the word "dollar" before and they have no idea what it is, let alone how much it is in their currency. They have no idea that it means you have to be a slave for so many years.
'These girls are brought over as teenagers and they never finish paying until they are in their mid-to-late 20s. By the time they have finished paying, their whole womanhood is wasted and their life destroyed.
If the women are unlucky enough to fall pregnant through their work they face the prospect of a botched back-street abortion. 'Some of the girls have even been threatened with having their stomach hacked open and the foetus forcibly removed,' says Marfo.
'All these things put terrible stress on them and I have seen many cases where they have lost their minds.'
 
(...)
 
When the girls come to me I have a network and I call the madam or someone [like that]. If the pimp calls I speak to him politely. 'I say, "Come on let's talk. She is now my child; I am her custodian. She is mine." They respect me very highly within the community. All these girls and these pimps are also very religious. The pastor occupies a very high position. Often we resolve it very peacefully. A few times when they have tried to be stubborn, the perpetrators who have been converted handled the case and not me.
'At least 300 people have passed through my hands. The most exciting thing to me is when I see them put it behind them and get married, and I have the honour of blessing them-acting as both priest and father.'
Helft aangiften mensenhandel vals (De Pers, 2 April 2009)
De helft van de aangiften van mensenhandel is volgens schattingen vals. Dat staat in een rapport van de Adviescommissie Vreemdelingenzaken dat RTL Nieuws donderdag online heeft gezet.

Het aantal meldingen stijgt jaarlijks. In 2007 kwamen er 716 meldingen van mensenhandel binnen, waarvan er 211 tot een aangifte leidden. In de eerste zes maanden van 2008 ging het om 233 meldingen, waarbij in 95 gevallen aangifte werd gedaan.

Edwin Boer van het Landelijk Expertisecentrum Mensenhandel benadrukt dat elke aangifte serieus wordt genomen, maar stelt vast dat rechercheurs steeds vaker op een algemeen verhaal stuiten. Het veronderstelde slachtoffer kan dan geen concrete feiten en omstandigheden noemen, zei Boer in RTL Nieuws.

Vrouwen zouden met de valse aangifte mikken op het verkrijgen van de zogeheten B9-regeling, een tijdelijke verblijfsvergunning voor slachtoffers van mensenhandel. In het rapport staat dat vooral Nigeriaanse vrouwen gedwongen worden de regeling te misbruiken. Het gaat vaak om vrouwen die als prostituee worden uitgebuit. Vorig jaar werden ruim tweehonderd verblijfsvergunningen verleend op grond van de B9-regeling.

De Nationaal Rapporteur Mensenhandel Corinne Dettmeijer-Vermeulen zei donderdag in RTL Nieuws dat het verplicht is om een tijdelijke verblijfsvergunning te verstrekken op grond van slachtofferhulp. Het misbruik van de regeling moet volgens haar op de koop worden toegenomen.

Verklaring over de uitzetting illegale prostituees (Amsterdam, juni 2003 van deelnemers uit het Platform verbetering positie (migranten) prostituees)
Het is algemeen bekend dat veel Nigeriaanse vrouwen door criminele netwerken naar Nederland zijn verscheept. Sommige veldwerkers melden dat veel Afrikaanse prostituees een bange indruk maken. Ook hebben we vernomen dat velen onder hen niet over hun eigen paspoorten konden beschikken. Daarnaast klagen klanten dat veel van deze vrouwen 'duidelijk geen zin in het werk hebben'. Dit zal allemaal zaken die hoog scoren op de lijst van mogelijke signalen van vrouwenhandel. Tevens kan men zich afvragen of die enkele vrouwen die 'samen met hun vriendjes' klanten beroven dit ook geheel uit vrije wil doen.
Op de website van de Rode Draad (www.rodedraad.nl) stond als reactie op het artikel van Menno Van Dongen in de Volkskrant (4 Mei 2007, 'Driekwart raamprostituees uitgebuit'):
Drie kwart van de prostituees op de Wallen zou onder de een of andere vorm van dwang werken. Wij zijn altijd huiverig voor het geven van percentages, maar we weten wel dat er veel mis is in de prostitutie. Wij weten dat in ieder geval veel Oost Europese prostituees onder toezicht van een pooier of een andere crimineel werken. Ook hebben wij twijfels over de zelfstandigheid van Afrikaanse prostituees. Wat wij eraan doen? Wij hebben informatie in vele talen voor vrouwen die hun situatie willen veranderen. We delen dat gemiddeld een keer in de maand uit. Wij zouden dat vaker willen doen, maar wij hebben beperkte middelen. Wij geven regelmatig signalen af van misstanden in de prostitutie en zijn ook een vraagbaar voor prostituees. (...)

Meer over Afrikaanse (en Oost Europese) prostituees in het rapport Tippelen na de zone(2005):

Oost-Europese en Afrikaanse vrouwen komen soms als groep, maar ook als ze individueel naar Nederland komen, blijken ze hier vaak gedwongen onderdeel te zijn van een netwerk dat van bovenaf is opgezet. Vooral Oost-Europese vrouwen zitten niet zozeer vast aan een locatie, als wel aan een zeer mobiel netwerk. De organisatoren besluiten welke locatie (of welke vorm van prostitutie) het gunstigst is op dat moment. Onder druk of dreiging van politieacties verplaatsen dergelijke netwerken zich soepel naar elders in Nederland of het buitenland en prostituees worden snel en vaak vervangen door andere vrouwen.

Zie het onderzoek van Goderie, Spierings en ter Woerds over Afrikaanse vrouwen in clubs in Twente:

Sindsdien zijn vele clubs gesloten en zijn bepaalde groepen prostituees uit de regio verdwenen. Zo is de groep Brazilianen sinds 2000 geheel verdwenen. Aanvankelijk kwamen daar Afrikaanse vrouwen voor in de plaats. Deze vrouwen waren bijna allemaal slachtoffer van mensenhandel en verbleven hier met valse papieren.

Artikel uit de Groene Amsterdammer over Nigeria ("Er is weer stroom", door Joris van Casteren, 16-6-99)

Als Dotun Oladipo klaar is, mag redacteur Mudiaga Ofnoku achter de computer. Zijn stuk gaat over Nigeriaanse vrouwen en minderjarige Nigeriaanse meisjes die in de westerse prostitutie verdwijnen. Ofnoku heeft na intensief speurwerk ontdekt dat Nederland de laatste jaren een steeds populairder bestemming is. Ofnoku: 'De omstandigheden in Nederland zijn goed voor Nigeriaanse prostituees. Beter in ieder geval dan in Italië, waar de meisjes van oudsher heen gingen. Nederlanders zijn veel rustiger in bed dan Italianen. Van de Italianen moesten de meisjes zelfs de liefde bedrijven met honden en gorilla's. Dat gebeurt in Nederland niet. Er schijnt in Nederland zelfs een vakbond voor hoeren te zijn.'
Dat de meisjes tot prostitutie worden gedwongen door criminele organisaties is volgens Ofnoku een misvatting. 'Het zijn in negen van de tien gevallen de ouders of de echtgenoten die de meisjes als slaven verkopen. Vooral in Benin City (een stad driehonderd kilometer ten oosten van Lagos - jvc) gebeurt dat op grote schaal. Mensen uit Benin zijn patsers. Als de één een mooie tweedehands auto voor de deur heeft, koopt de ander een nog mooiere tweedehands. Hij kan het niet opbrengen maar heeft er zijn vrouw of dochter voor over. Zij moeten vanuit het buitenland zoveel mogelijk geld opsturen of na enkele jaren terugkomen met een flink kapitaal.'
Ofnoku is net terug uit Benin. 'Als je door de stad loopt zie je relatief veel duurdere huizen en auto's dan in andere Nigeriaanse steden. Ik heb met vijf meisjes gesproken. Een van hen stond op het punt om naar Nederland af te reizen. Ze vliegen niet meer direct via Lagos naar Amsterdam, maar via Ghana of Ivoorkust.' Het maakt volgens Ofnoku niet uit hoe streng Nederland controleert, de meisjes vinden hun weg toch wel. 'Als ze het land binnen zijn melden ze zich aan als asielzoeker. Of ze verleiden de marechaussees, dat schijnt ook makkelijk te kunnen. In Amsterdam is een netwerk dat ervoor zorgt dat de meisjes uit het centrum worden weggehaald.'

Citaten uit de scriptie van M.D.E. Averdijk ('Prostitutie naar een illegaal en onzichtbaar circuit?', 2002) die mooi refereert naar andere bronnen. Dat doet ze zo mooi dat ik een groot deel overplak. Het begint trouwens over Afrikaanse prostituees in Twente (pagina 85-87):

Uit interviews blijkt dat respondenten over weinig informatie beschikken wat betreft Afrikaanse prostituees. Het BRZ vermoedt dat de meeste Afrikaanse vrouwen slachtoffer zijn van mensenhandel wegens de ongeloofwaardige en gelijkluidende verhalen die zij vertellen. Exploitanten blijken over het algemeen weinig van de Afrikaanse vrouwen af te weten. Een exploitant zei hierover dat de Afrikaanse vrouwen nooit iets over hun achtergrond of hun drijfveren vertellen.
Meestal zwerven zij door het hele land en komen zij alleen (zonder begeleider) naar een club waar ze vervolgens twee of drie dagen werken. Zodra door exploitanten te veel vragen worden gesteld, bijvoorbeeld over hun identiteitsbewijs, verdwijnen ze vervolgens weer. Uit RBS-mutaties blijkt bijvoorbeeld dat indien exploitanten twijfels hebben over de verblijfs- en werkstatus van Afrikaanse vrouwen, de vrouwen weigeren hun identiteitsbewijs bij het BRZ te laten controleren. Een exploitant merkt op dat deze Afrikaanse vrouwen ‘enorm graag willen werken, om welke reden dan ook. (...)
Door Vellinga (1999) is door middel van analyse van rechercheonderzoeken achterhaald dat hetgeen de vrouwen vertellen een geïnstrueerd verhaal is. Veel West-Afrikaanse vrouwen zeggen AMA te zijn en geven een leeftijd van 15 of 16 jaar op. Ze vertellen dat hun ouders zijn overleden en verder niemand te hebben. Ze zijn aan boord van het vliegtuig geholpen door een onbekende man die hen wel wilde ‘helpen’ (Vellinga, 1999). De overeenkomsten met de verhalen die de in Twente aangetroffen Afrikaanse vrouwen vertellen, zijn opvallend.
De verhalen die de vrouwen vertellen zijn echter niet de ware verhalen. Dit ware verhaal is dat de meisjes in het land van herkomst, vaak Nigeria, worden geronseld voor de prostitutie. Deze ronselaars zijn ook vaak vrouwen die zelf in Europa in de prostitutie hebben gewerkt, na een aantal jaren rijk zijn teruggekeerd, en nieuwe jonge vrouwen en meisjes werven om in hun voetsporen te treden. De ouders van het meisje worden benaderd door een ronselaar met de vraag of hun dochter in een Westers land wil werken. Uit armoede geven de ouders hun dochter vaak mee aan de ronselaar. Hoewel meisjes vaak weten dat ze in de prostitutie zullen moeten werken, weten zij vaak niet wat dat inhoudt. Volgens onderzoek (Van Dijk e.a., 1999) is de betekenis van seksualiteit en prostitutie in Nigeria anders. In Nederland komen meisjes vaak in aanraking met geweld en worden ze gedwongen seksuele handelingen te verrichten die ze in Nigeria (mogen en kunnen) weigeren.
De vrouwen zijn hun ronselaars geld schuldig dat zij terug zullen moeten verdienen door te werken. Er wordt een voodoopriester ingeschakeld die de overeenkomst bekrachtigd en ervoor zorgt dat de vrouw haar schulden terug zal betalen. Vrouwen lopen vaak in een fuik, waarbij niet alleen sprake is van torenhoge, nauwelijks aflosbare schulden, maar ook van intimiderende rituele praktijken waar handelaren een grote hand in hebben. Volgens onderzoek (Van Dijk e.a., 1999) gaat het hierbij om voodoo in een manipulatieve betekenis van het woord, waarbij vooral sprake is van allerlei intimiderende praktijken van handelaren die bepaalde rituelen misbruiken om vrouwen angst in te boezemen. Doel van deze rituelen, die ook in Nederland kunnen plaatsvinden, is een bedreigende context te scheppen waarin de vrouwen onder grote druk komen te staan om hun schulden af te betalen. Hiervoor worden ook fysieke bedreigingen en geweld gebruikt.
De Nederlandse asielprocedure wordt gebruikt om West-Afrikaanse vrouwen in Nederland, België, Duitsland of elders in de prostitutie te brengen. In Nederland aangekomen vragen de vrouwen, zoals afgesproken, politiek asiel aan, vertellen een geïnstrueerd verhaal en komen in verband met hun (voorgewende) minderjarigheid in de AMA-procedure terecht. In de meeste gevallen vertrekken de AMA’s binnen enkele dagen ‘Met Onbekende Bestemming’ uit het opvangcentrum. In het opvangcentrum aangekomen bellen zij namelijk een uit het hoofd geleerd telefoonnummer van een handelaar in Nederland. Die haalt hen op en de meisjes worden vervolgens verhandeld aan een ‘hoerenmadam’ voor wie zij moeten werken om de schulden af te betalen (Vellinga, 1999).

Opmerkelijk genoeg is de informatie over Afrikaanse vrouwen in het rapport van Liesbeth Venicz volstrekt tegengesteld aan alles wat ik hiervoor noemde. Zie "Achter de ramen, veldwerk onder raamprostituees in Groningen"(1998). Er staat in dat Afrikaanse (net als Latijns Amerikaanse prostituees) zich op het gebied van pooiers veel onafhankelijker opstellen dan Europese vrouwen. Misschien komt dit omdat de handelaren niet direct zichtbaar zijn. Als je bijvoorbeeld sommige verhalen leest over Afrikaanse (Nigeriaanse) slachtoffers van mensenhandel (zie bijvoorbeeld het boekje "whom to trust" (2003) van het Scharlaken Koord, en het artikel in de nieuwe Revu van 4-10 Januari 2006, nr. 4) dan valt op dat deze vrouwen zich vrij kunnen bewegen. De madam geeft gewoon de opdracht om een bepaald bedrag binnen een bepaalde termijn te verdienen om de schuld af the betalen. Het slachtoffer voelt zich verplicht hieraan te voldoen en regelen de rest zelf. Misschien dat de vrouwen naar buiten toe goed de indruk zelfstandig te werken. Dat wordt ook (deels) bevestigd in het rapport "Handel in Nigeriaanse meisjes naar Nederland"(1999) door Terre des Hommes en de NDMN (De Nigeriaanse Vereniging Nederland), pagina 21:

Bierhuizen van het team Mensenhandel en Prostitutie: "Het lijkt alsof de Nigerianen niet zo'n druk op de meisjes hoeven uit te oefenen. Vaak gaan de meisjes zelfstandig naar hun werkplek en staat er niemand buiten die ze in de gaten houdt. Door het gebruik van voodoo hoef je ze verder niet te bedreigen en kun je ze maanden of jaren uitbuiten." Venicz van het NISSO: "Nigerianen hebben nauwelijks belangstelling voor geweld. Door geweld werken de meisjes niet goed en zien ze er bovendien niet goed uit. Het gaat de Nigerianen niet om seks maar om geld. Een maagd zullen ze dus niet inwijden door haar te verkrachten, maar door haar voor extra geld te verkopen. Je kunt Nigerianen wel de 'soft-maffia' noemen. Oost-Europese maffia bewaken de meisjes, zijn sterker georganiseerd en gebruiken meer seks en geweld."

Meer details over Afrikaanse prostituees in het rapport van Liesbeth Venicz, "Achter de ramen, veldwerk onder raamprostituees in Groningen" uit 1998 (ze had contact met 18 Afrikaanse prostituees: 12 Ghanese, 5 Nigeriaanse en 1 Soedanese):

De meeste Afrikaanse vrouwen komen uit Ghana en Nigeria. Ook zij werken vaak voor familie in het herkomstland. Het is soms moeilijk om de Afrikaanse vrouwen te bereiken. Een probleem dat ook in andere plaatsen in het land gesignaleerd wordt. Zij wisselen net als de Latijns-Amerikaanse vrouwen veel van werk- en woonplaats en zijn niet altijd even toegankelijk. Zeker niet wanneer hun verblijfstitel nog niet helemaal in orde is. Vooral officiële instanties worden gewantrouwd, wat gezien de ervaringen in het herkomstland, niet verwonderlijk is. Ook Afrikaanse vrouwen zijn geneigd om problemen binnen de eigen groep op te lossen.
"Achter het cliché — hulp en dienstverlening aan prostituees in Den Haag — werkmethodiek in ontwikkeling" (1999, Ellie Teunissen [red.], SPP [Stichting Prostitutie Projecten Den Haag])
pagina 32:
De Afrikaanse vrouwen vormen een zeer gesloten groep, die bovendien intern sterk verdeeld is tussen de verschillende nationaliteiten en culturen. Ze blijken veelal niet over een paspoort te beschikken en zijn er vast van overtuigd dat ze door de blanke wereld om hun huidkleur gediscrimineerd worden. De meesten hebben een lange vluchtreis achter de rug. Ze hebben uitstekende overlevingsstrategieen gevonden en zullen deze niet prijs geven. De hulpverlening heeft moeilijk toegang tot deze vrouwen. De Afrikaanse vrouwen kunnen door de kerken benaderd worden en vinden hier steun voor hun geestelijke nood, in hun relatie tot God. Hun relatie met maatschappelijke instellingen is minimaal. Doordat onvoldoende duidelijk is welke nationaliteit ze hebben, is Engels of Frans weliswaar de voertaal, maar maken de gesprekken niet duidelijk waar behoefte aan is. Doordat er zoveel nationaliteiten/stammen zijn, is het ook moeilijk vast te stellen welk soort veldwerkster ingezet zou moeten worden om vertrouwen te winnen. Het verkrijgen van een Nederlandse verblijfsvergunning is de belangrijkste vraag.
zie vervolg op:
 
Lees meer...   (1 reactie)
Ik vind in een boekje zomaar een lijstje met prostitutiemoorden in Nederland 1953-1964. Maar er is nog steeds een groot gat tusen 1965 en 1991, dat wel. Zie het boekje “HET OUDSTE BEROEP geschiedenis van de prostitutie in Nederland” door H.W.J. Volmuller (1966), op pagina 57-59: (trouwens nog beste wensen)
 
Na 1953 heeft de prostitutie in Nederland er een aspect bij ge-
kregen, dat beangstigend genoemd kan worden, nl. moord op pro-
stituées. Terwijl er vóór de Tweede Wereldoorlog ook wel prosti-
tuées werden vermoord, dateert de grote toeneming van 1953 af.
Van dat jaar af kan de volgende lijst opgesteld worden:*
1953 'Dronken Jet' (Henriëtte van der Linden), 29 jaar, in haar
kamer te Rotterdam (Katendrecht) gewurgd door een 22-jarige
Poolse marconist.
'Surinaamse Beppie' (Betty Mentjox), 28 jaar, gewurgd op
haar kamer te Rotterdam (Katendrecht). De dader is nooit gevonden.
1956 'Chinese Annie' (Anna Z.), 32 jaar, gewurgd in een huis aan
de Achterburgwal te Amsterdam. De dader is nooit gevonden.
1957 'Magere Josje' (Johanna S.-Oudes), 33 jaar, gewurgd in een
huis aan de Oudezijds Voorburgwal te Amsterdam. Haar echtgenoot
Joop S., anderhalf jaar later gearresteerd, werd door de
rechtbank tot tien jaar veroordeeld, door het Hof vrijgesproken.
1958 'Finse Henny' (Henny Hijarvinen), 27 jaar, in haar kamer
aan de St. Olofsteeg te Amsterdam met messteken gedood door
een 36-jarige Noorse zeeman.
1959 'Blonde Marietje' (M. G. van Es), 47 jaar, in haar huis aan
de Nieuwe Haven te Den Haag gewurgd door een 26-jarige
huisschilder.
'Zwarte Truus' of 'Zwarte Judith' (Judith Krieger-Buddingh),
45 jaar, gewurgd in haar kamer aan de Bergstraat te Amsterdam.
Een 28-jarige tuinman uit Maarsbergen, na vier jaar gearresteerd,
werd door de rechtbank tot vier jaar veroordeeld, door het
Hof vrijgesproken.
'Blonde Dolly' of 'Donkere Molly' (Sybille Niemans), 32 jaar,
gewurgd in haar huis aan de Nieuwe Haven te Den Haag. De
dader is nooit gevonden.
1960 'Dikke Alie' of 'Blonde Jopie' (Alida Johanna Meyer), 40
jaar, in haar woonschuit aan de Vecht te Utrecht gewurgd door
een 28-jarige chauffeur.
'Tijger-Annie' (Anna van der Spek), 28 jaar, in een hotel te
Rotterdam gewurgd door een zeeman-inbreker.
1962 'Zwarte Jeanne' (Ineke V.-B.), 35 jaar, langs de rijksweg
Amsterdam-Den Haag spoorloos verdwenen. Haar lijk werd
drie maanden later uit de Schinkel opgehaald. De dader is nooit
gevonden.
1963 Sonja Kulsdom-van der Meijden, 18 jaar, gewurgd in een
huis aan de Achterburgwal te Amsterdam door een 47-jarige
bankwerker.
1964 Jennie Deinum-Boomsma, 42 jaar, in haar huis te Leeuwarden
gewurgd door een 26-jarige chauffeur.
Voorts zijn er in de pers een aantal pogingen tot wurging van
prostituées gepubliceerd.
Een kwalijke kant van deze zaak is, dat, terwijl uit de statistiek
blijkt, dat ongeveer 5 procent van de misdrijven tegen het leven,
welke ter kennis van de politie komen, onopgehelderd blijven, dit
percentage voor wat betreft gewelddadig omgekomen prostituées
veel hoger ligt. In die gevallen, waarin de zaken wel opgehelderd
werden, bleek de dader dikwijls tot het milieu te behoren en in
dit verband moet bij de niet opgehelderde zaken aan terreur van
de onderwereld gedacht worden.
 
* Ontleend aan H. van Straten. Moordenaarswerk en aan Prostitutie en Straf-
recht ; zie geraadpleegde literatuur.
Lees meer...
Prostitutie naar een illegaal en onzichtbaar circuit? (Margit Averdijk, 2002, pagina 63)
Bovengenoemde redenen veroorzaakten in 2000 aanvankelijk een daling van het aantal Nederlandse prostituees dat werkzaam was in de Twentse prostitutiebedrijven. Volgens exploitanten en prostituees ging het hierbij echter niet om een groot deel van de Nederlandse prostituees. Veel Nederlandse prostituees zijn volgens deze respondenten drugsgebruiker.
 
Handel in hartstocht (Sietske Altink, 1995, pagina 134-135)
Bordeelhouder Huub: 'Negen van de elf vrouwen die hier werken komen uit Oost-Europa. Nederlandse en Duitse vrouwen hoef ik niet meer. Dat zijn allemaal verslaafden (...)
 
Who the fuck is Daatje Smit? (Metje Blaak, 1997, pagina 353)
We vierden sinterklaasavond in Didi's seksclub. Het was 5 December 1991. Al vier jaar verzorgde ik hier op dinsdag- en donderdagavond voor de wachtende klanten de show. Er zaten tien dames van plezier, maar er waren maar vijf kamers. Dus het entertainment tussen de bedrijven door was niet altijd leuk maar ook noodzakelijk en functioneel.
Zodoende had ik al veel vrouwen en meisjes zien komen en gaan. Het roulerende gedeelte was grotendeels junk en bleef meestal niet langer dan een week of drie. Dan waren er ook nog de zeer trieste gevallen. Ze kwamen met al hun schamele bezittingen in een vuilniszak, en vroegen om werk, kost en inwoning. Deze categorie hoorde eigenlijk in een psychiatrische inrichting thuis...
    De vaste kern bestond uit echte meisjes van plezier, die net als ikzelf geld wilden verdienen en ondertussen een hoop lol met elkaar hadden. (...)
op pagina 60
Ik had ze in de club zien sterven als ratten.
 
Rechten van prostituees ..... (Rode Draad, 2006, pagina 62-63)
Het is 2004. De deur van het bedrijf wordt opengedaan door een dame die De Rode Draad vrolijk binnen laat. (...) De eigenaresse wordt ondertussen op de bank gemasseerd door een ander meisje. (...) Ze klaagt dat alle vrouwen aan de coke zitten, ook bij haar in de zaak.
 
Escort in Amsterdam (2000, Eysink, Smeets & Etman, pagina 6)
De escortwereld is een cokewereld, waarin veel klanten èn escorts gebruikers zijn. Bekend is dat cocaïne via clubs en escort tegen aangedikte prijzen te verkrijgen is, samen met de escort: 'de package-deal'.
Lees meer...
 
 
 
Statistieken over Nederlandse slachtoffers van mensenhandel spreken elkaar sterk tegen. Is in de ene statistiek, ongeveer 5% van de slachtoffers Nederlands, in andere is dat 27%. Ik zal voorbeelden noemen, neem de derde rapportage van de nationaal rapporteur mensenhandel; zie tabel 4.2 op pagina 124 en 125. Het gaat over het aantal slachtoffers waar hulpverleners-instellingen mee in aanraking kwamen in het jaar 2002. Het zijn 56 instellingen die in aanraking kwamen met 625 slachtoffers van mensenhandel waarvan 169 Nederlands, dus 27%. Maar bij de Stichting Tegen Vrouwenhandel was het percentage van de slachtoffers van mensenhandel dat Nederlands was 5% (80/1483, hoewel als je de 'onbekenden' wegdenkt dan is dat percentage 6%, zie pagina 86, tabel 3.1 in diezelfde rapportage). Een dergelijk tabel over hulpverleningsorganisaties staat ook in de eerste rapportage van de nationaal rapporteur mensenhandel voor het jaar 2000. Zie tabel 4.2 op pagina 76. Toen was 23% (138/608) van de slachtoffers Nederlands. Als je kijkt naar de opsporingsonderzoeken in de vierde rapportage (zie tabel 3.1 op pagina 13) dan zie je ook weer dat in de periode 2000-2003 een kwart (43 van de 170) opsporingsonderzoeken betrekking heeft op binnenlandse mensenhandel (Nederlandse vrouwen dus), door de jaren heen schommelt het percentage nauwelijks. Maar daarentegen is in de statistieken van het IKP-S registratiesysteem (zie ook weer de vierde rapportage maar dan op tabel 2.5 op pagina 10) het percentage van de Nederlandse slachtoffer ook weer relatief laag (7%, maar wat hoger in 2003; 12%)
Het percentage Nederlandse slachtoffers dat de Stichting Tegen Vrouwenhandel registreerde is (relatief gezien) nooit echt hoog geweest en schommelde tot 2003 zo rond de 5 procent met soms wat uitschieters naar boven of beneden. In 2004 was het ineens 12 procent en plots had in 2005 23% van de bij de Stichting Tegen Vrouwenhandel geregistreerde slachtoffers van mensenhandel de Nederlandse nationaliteit. Waarschijnlijk komt dat omdat door de media-aandacht rond loverboys Nederlandse slachtoffers van mensenhandel sneller als zodanig herkend worden als vroeger.
Aan de andere kant moet natuurlijk gezegd worden dat de statistieken met betrekking tot slachtoffers van mensenhandel waarschijnlijk niet een representatief beeld geven. Grote groepen komen er niet in voor. En de (59) Nederlandse slachtoffers van mensenhandel werden in 2004 voor het overgrote deel gemeld door 2 hulpverleners-organisaties: Bureau Jeugdzorg Overijssel (51 gevallen) en Prostitutie Maatschappelijk Werk Rotterdam (9 gevallen). Dit geeft aan dat een groot deel van de hulpverleners-organisaties slachtoffers van mensenhandel niet of nauwelijks melden, inclusief zulke belangrijke organisaties als het Scharlaken Koord die veel in aanraking komen met Nederlandse slachtoffers van mensenhandel. De STV zegt ook in haar jaarverslag 2005 (zie www.mensenhandel.nl):
De aandacht voor slachtoffers van loverboys en het groeiende bewustzijn dat het hier ook om (binnenlandse) mensenhandel gaat, veroorzaakt dat er steeds meer loverboy slachtoffers worden aangemeld bij STV. Toch vermoedt STV dat er door een heleboel organisaties nog niet aangemeld wordt. Dit laat ook de tabel van de aanmelders zien. Jeugdzorginstellingen leveren slechts een klein aandeel van de aanmeldingen.
***
 
Het lijkt erop dat de meeste Nederlandse raamprostituees door foute vriendjes in de prostitutie zijn gekomen, maar nu veelal zelfstandig werken. Er zijn 3 onafhankelijke bevestigingen van:
-Een agente in het Spijkerkwartier, uit het boek "Verlicht kwartier, 40 jaar Arnhemse Spijkerbuurt" uit 2003 door Kees Crone:
Als gebiedsagent c.q. sociaal werker heeft zij dikwijls vertrouwelijk contact met de 'meisjes'. Velen van hen zeggen voor zich zelf te werken, maar er blijken dan toch bepaalde mannen om hen heen te hangen. 'Als ik zo iemand vraag hoe zij hier verzeild raakte, hoor ik meestal een zelfde verhaal. Ze werd op achttienjarige leeftijd in de disco verliefd op een donkere jongen, juist toen het thuis niet zo lekker liep. Van het een kwam het ander om uiteindelijk achter het raam te belanden. Dat is dan soms al jaren geleden. Ik kan het niet bewijzen, maar ik denk dat de meeste meisjes zo in de prostitutie raken.'
-Het onderzoek door Frank Bovenkerk (e.a.):
Volgens de eerder genoemde Toos Heemskerk, medewerkster van Het scharlaken koord, zijn loverboys erg actief op de Amsterdamse Wallen. Zij meent op basis van haar praktijkervaring te weten dat een groot deel van de Nederlandse meisjes op de Wallen – vooral wanneer het meisjes betreft in de leeftijd van achttien tot twintig jaar - daar via loverboys terecht zijn gekomen. Zij baseert zich op gesprekken die zij de laatste jaren met de meisjes heeft gevoerd. Overigens betekent het niet dat alle Nederlandse prostituees op de Wallen in opdracht van loverboys werken. Uiteindelijk gaan nogal wat meisjes, wanneer ze wat ouder worden, op den duur immers voor zichzelf werken. Maar bij aanvang zouden de meesten daar via loverboys terecht komen. (...)
Tijdens die derde wandeling met de hulpverleenster op de Wallen luisteren we vooral naar de verhalen die de meisjes vertellen. Het is duidelijk, of het lijkt uit de gesprekken in ieder geval aannemelijk, dat van degenen die we spreken zes van de zeven meisjes via een of andere loverboy constructie in de prostitutie terecht zijn gekomen. Na de eerste avond vragen we ons af of dat toeval is. (.......)
Nu dan de lastige vraag of dit allemaal loverboys zijn volgens onze definitie. Hiervan is sprak wanneer zulke mannen jonge vrouwen via romantische manipulatie in de prostitutie brengen We zien in de loop van ons onderzoek kans dit aan tenminste twintig meisjes voor te leggen. Ja, ze zijn oorspronkelijk wel vaak via een verliefdheidsrelatie in de prostitutie terecht gekomen. De manier waarop dit gebeurt is, maakt een buitengewoon doortrapte indruk. De hoofdpersonen in hun verhaaltjes komen inderdaad erg dicht in de buurt van het loverboystereotype. Ze vertellen ons ook dat Marokkaanse jonge mannen (en trouwens ook wel Turken) daar magische technieken bij gebruiken. De meisjes noemen dit voodoo (........) Veel van de meisjes werken nu echter zelfstandig (met een ander, zelfgekozen vriendje op de achtergrond), ze zijn van souteneur gewisseld of ze zijn van de een op de ander overgedaan. Ze vertellen soms voor ettelijke tienduizenden Euro’s verhandeld te zijn.
-Het manifest Uit het donker opgelicht (manifest van een aantal Christelijke hulporganisaties)
Onvrijwillige prostitutie heeft in Nederland de afgelopen twee jaar een grote vlucht genomen. Er lijkt een verschuiving plaats te vinden in het criminele circuit van de met hoge risico’s omgeven handel in drugs naar het vrijwel risicoloos exploiteren van vrouwen. Juist vanwege het ontbreken van toezicht door de overheid op de enorme jaarlijkse geldstroom in de prostitutie, is het voor criminelen zeer aantrekkelijk over te stappen naar deze lucratieve ‘bedrijfssector’. Het kwam dan ook als geen verassing dat van een steekproef onder 439 Nederlandse raamprostituees op de wallen in 2001 en 2002, meer dan 380 vrouwen aangaven dat ze door een loverboy in de prostitutie terecht waren gekomen (...)
Eén ding snap ik niet in het manifest. Er wordt verderop weer ingegaan op de Nederlandse raamprostituees op de Wallen. Er staat:
Van de 427 Nederlandse vrouwen die het Scharlaken Koord aantrof op de wallen in 2001/2002 en die er door een loverboy in waren gekomen, was er geen sprake van een normale arbeidsverhouding. In 7 van de 10 contacten gaat binnen 2 minuten de mobiele telefoon en heeft de vrouw achter het raam per direct uit te leggen waarom er niet gewerkt wordt en wie er bij haar op bezoek is.
Dat snap ik niet. Er waren toch 439 contacten met Nederlandse raamprostituees en toch niet 427??? En er waren er toch 380 die er oorspronkelijk door een loverboy waren ingekomen? Bij welke groep ging in 7 van de 10 contacten binnen 2 minuten de mobiele telefoon af? Bij die 439? Bij die 427? Bij die 380?? Of bij die vrouwen die nu nog voor een loverboy werken?? Ik snap het niet.
 
Maar als ik het wel goed begrijp dan staan volgens het Scharlaken Koord de meeste Nederlandse raamprostituees (in 2001/2002) nog steeds onder controle van die pooiers.
 
Liesbeth Venicz beschrijft Nederlandse prostituees in haar rapport "Achter de ramen, veldwerk onder raamprostituees in Groningen" (1998) (Ze heeft met 21 Nederlandse prostituees gesproken)
Over Nederlandse prostituees die voor pooiervriendjes werkt zegt ze:
Het gaat om vrij jonge meisjes, van net 18 tot een jaar of 25, die vaak afkomstig zijn uit de volkswijken van de grote steden. De meesten zijn op aandrang van hun vriendjes in de prostitutie geraakt, soms nadat ze samen met hem van huis zijn weggelopen. Een ander deel is hun vriendje op de werkplek tegen gekomen. Het gaat hier niet om meisjes met een gewone liefdesrelatie, maar om meisjes die een liefdesrelatie hebben met jongens die vooral geïnteresseerd zijn in de verdiensten van de meisjes. Om deze verdiensten te verkrijgen, nemen de pooiers hun toevlucht tot emotionele manipulatie en zeker in het begin van de relatie tot fysiek geweld. De relatie is nogal eens enkel tot stand gebracht om het meisje in de prostitutie te krijgen. Sommige jongens houden er meerdere meisjes op na. De combinatie van verliefdheid, bedreigingen en isolement maakt het voor meisjes moeilijk om hier uit te breken.
Het betreft hier met nadruk niet alle Nederlandse meisjes. Er zijn ook meisjes die wel zelfstandig werken, soms na enige tijd voor een pooiervriendje te hebben gewerkt, of die er voor kiezen om hun vriendje te onderhouden en zelf het bedrag bepalen wat ze aan hem af staan. Door het rookgordijn dat vrouwen om zich heen creëren, is het niet eenvoudig om precies te bepalen wie wel en wie niet tot deze groep behoort.
Over zelfstandig werkende Nederlandse prostituees zegt ze:
Deze vrouwen zijn meestal boven de 25. Een deel heeft vroeger voor een pooier gewerkt en wil nu nog een tijdje voor zichzelf werken. Een ander deel werkt deeltijd (bijvoorbeeld in de weekenden) of om een bepaald doel te verwezenlijken (om schulden af te betalen of een studie te financieren bijvoorbeeld) of gewoon omdat dit ze de beste manier lijkt om in hun onderhoud te voorzien.
Wat Liesbeth Venicz zegt over de herkomst van de door pooiers gerecruteerde meisjes is opmerkelijk. Ze zegt dat ze dus voornamelijk uit de volkswijken van de grote steden komen. Volgens Bovenkerk geldt er iets anders voor de Nederlandse raamprostituees in Amsterdam:
Het is opvallend dat geen van deze meisjes uit Amsterdam zelf afkomstig lijkt te zijn. Ze komen uit Groningen, Gouda, Harderwijk, Zwolle enzovoort. Let wel: op zichzelf is dit niets nieuws. De prostituees van Amsterdam in de zeventiende en achttiende eeuw kwamen uit de nabijgelegen provincies en uit Noord-Duitsland (Van de Pol, 1996: 103) en niet uit de stad zelf. (...)
De moderne souteneurs zijn in vergelijking met de oudere generatie ondernemender en ‘outreaching’. Zij gaan er zelf op af om in de provincie meisjes te werven. De nieuwe jeugdige prostituees komen helemaal niet alleen meer uit de laagste maatschappelijke milieus zoals tot in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw het geval was, prostitutie is geen armoedeverschijnsel meer.
Ik heb zelf een aantal prostituees gevraagd (via internet) of inderdaad de meeste Nederlandse raamprostituees door een fout vriendje in de prostitutie zijn gekomen. 3 bevestigden het, maar 2 benadrukten wel dat de meesten zich ook weer losmaken van hun pooier en dan voor zichzelf gaan werken. Eén van die twee zei dat de meisjes die voor een pooier werken vaak wel gewaarschuwd worden door de prostituees die voor zichzelf werken. Interessant is dat ook 1 prostituee zei dat op de Wallen gedwongen prostituees vaak op de Dollebegijnensteeg, Trompettersteeg, Sint Annendwarsstraat en de Stoofsteeg zitten. De laatste zou zelfs bekend staan als pooiersteeg (er is daar ook een café waar veel pooiers verzamelen). Een prostituee die ooit was gedwongen zei ook dat ze inderdaad in die stegen werkte (niet de Stoofsteeg), haar mening was ook dat meer dan 80 procent van de prostituees gedwongen is. Het grappige ook is dat de laatste prostituee die ik bezocht en die me vertelde dat veel meisjes er een pooier hebben naar ik meende in de Dollebegijnensteeg werkte. Ook de berucht Turkse mensenhandelbende zou in de stegen actief zijn geweest. In een artikel in het Parool (zoek "Turks-Duits Netwerk bediende zich van grof geweld", 7 September 2007 op www.parool.nl) worden een aantal stegen genoemd:
Op de Wallen zetten de broers de vrouwen bij voorkeur op populaire plekken zoals de Trompettersteeg, de Sint Annenstraat en de Sint Annendwarsstraat, de omgeving van de Monnikenstraat en de Oude Kennissteeg - plus uiteraard aan de burgwallen.
Twee prostituees waar ik contact mee had ontkenden überhaupt dat er gedwongen prostitutie is. Een ander zei dat jonge prostituees meestal slachtoffer zijn van een pooier, maar ook oudere prostituees zijn het. Lastig........ Volgens een aantal prostituees die ik sprak is er inderdaad een groot vrouwenhandel-probleem in de raamprostitutie, al weten ze niet de precieze omvang. Percentage's die ze noemden (ik hou van percentage's) waren 0%, 15%, 20%, 30% ,50%, 75-80%.
 
De ex-prostituee Metje Blaak schat in haar boek de trukendoos (1998) dat 30 procent van de prostituees wordt aangezet door haar vriend (pagina 173, hoofdstuk 33). Al weet ik niet of ze bedoelt dat ze vroeger door een vriend erin zijn gekomen of dat dit nu nog zo is (waarschijnlijk bedoelt ze het eerste). Merk op dat zijzelf nooit in de raamprostitutie heeft gewerkt (ze zegt dat in het hoofdstuk over de raamprostitutie, ze werkte vooral in de privé-ontvangst, maar ook als stripteasedanseres in een club). Kennelijk komen de bemoeizuchtige vriendjes dus door de hele prostitutie-branche voor (maar wellicht het meest in de raamprostitutie). Metje Blaak zegt ook in het hoofdstuk over de pooiers dat veel dames van plezier door een vriendje in de prostitutie zijn gekomen (volgens haar zijn dat tegenwoordig vooral Marokkanen die dat doen), maar na een paar jaar weer voor zichzelf gaan werken. Vreemd genoeg ontkent ze in haar boek wel de internationale vrouwenhandel. Ze was (in 1998!!!) van mening dat de grenzen goed waren gesloten en dat vrouwenhandelaren geen kans meer kunnen maken.
 
Metje Blaak lijkt van ideëen te zijn veranderd, in een interview een paar jaar later zegt ze:
Niet echt spijt (in 2002, 7 jaar nadat ze stopte met haar werk als prostituee, werkte van 1970 tot 1995. Interview door Tanya Wijngaarde in Maart 2002 in MUG-magazine)
(...) En tegenwoordig worden acht van de tien meisjes gedwongen. Dat ’s een ellende, daar heb je geen idee van. Die mannen eromheen worden pooiers genoemd, maar dat zijn gewoon vette criminelen. De pooiers van vroeger waren een lachertje vergeleken met wat er nu gebeurt. Je stopte ze wat toe als ze wat voor je deden, en dan dachten ze dat ze pooier waren. In feite had je ze gewoon in de hand. Maar nu worden die meisjes bedreigd met hun leven, dat is een heel ander verhaal geworden. (...)
Ze erkent dus hier impliciet dat de meeste prostituees slachtoffer zijn van mensenhandel. Ik heb hier wel het idee dat ze voor de Rode Draad veldwerk heeft verricht, wellicht in de raamprostitutie.
 
In het boekje Sekswerk (1991) door Sietske Altink zijn 60 prostituees geïnterviewd. 11 zijn er buitenlands: 3 Surinaamse, 2 Indonesische, 2 Latijns Amerikaanse, 2 Françaises, een zigeunerin en een Duitse vrouw. Het overgrote deel is dus Westers. Opmerkelijk: 26 van de geïnterviewde vrouwen hebben ooit gedwongen in de prostitutie gewerkt. Dat is 43 procent van het totaal. Er moet wel gezegd dat er veel raamprostituees meededen aan dit onderzoek. Het waren er 16 (van de 60).
 
In het onderzoek Er gaat iets veranderen in de prostitutie (2000, Liesbeth Venicz, Ine Vanwesenbeeck) zijn 24 van de 105 geïnterviewde vrouwen oorspronkelijk gedwongen in de prostitutie gekomen. Volgens de ondezoekers:
Deze ‘loverboys’ lijken een belangrijke stempel te zetten op deze jongere generatie Nederlandse prostituees. Ook de andere prostituees op de werkplekken waar zij aanwezig zijn, hebben met hen te maken. (...)
Onder de jongste generatie prostituees speelt dwang door pooiervriendjes (in recente publicaties ook wel aangeduid worden als ‘loverboys’) een belangrijke rol in hun 'keuze' voor de prostitutie. Mede onder druk van deze loverboys lijkt de jongere generatie respondenten op jongere leeftijd in de prostitutie te beginnen dan de oudere generatie.
***
 
Het lijkt overigens niet altijd zo te zijn geweest dat Nederlandse prostituees gedwongen werden door hun vriend of pooier. Majoor Bosshardt beschrijft prostituees in de raamprostitutie in Amsterdam in de jaren 60, zie het boek "De sexhandelaars" (1968) door Stephen Barlay:
op pagina 47-48:
Mijn tweede informatie dank ik aan majoor Alida Bosshardt, de organisatrice van het Nederlandse Leger des Heils, die al dertig jaar in de oude stad van Amsterdam heeft doorgebracht, in de haven- en stationsbuurt met als hoofdstraat de Zeedijk te midden van de schilderachtige grachten, kaden en talloze smalle straatjes en stegen. Binnen dit betrekkelijk kleine gebied bevinden zich ongeveer vijftig kroegen, in de omgeving waarvan de ongeveer 3000 prostituées van Amsterdam voor honderden ramen te kijk zitten.
Volgens majoor Bosshardt (die niet lang geleden prinses Beatrix door deze wijk heeft rondgeleid) gebruiken de Nederlandse bewoonsters van deze klassiek-beruchte hoerenbuurt geen verdovende middelen en houden ze zich ook de meisjeshandelaren van het lijf, 'omdat ze niet op avonturen uit zijn'.
'Nederlandse meisjes, prostituées of niet, blijven graag in hun eigen land,' zei hij. 'Een prostituée hier weet wat ze wil. Ze wil graag bij haar familie op bezoek kunnen gaan en een leven naar haar eigen smaak leiden. Haar "minnaar" is meer een huisbewaarder dan een souteneur. Hij doet boodschappen voor haar, houdt het huis netjes en krijgt de bons zodra ze ontevreden over hem is. Meestal beheert zij de kas.
Ze heeft hier dus een zekere mate van geborgenheid. De prostitutie is officieel geoorloofd, het meisje heeft dus niets te verbergen en breekt geen enkele wet, zolang ze rustig voor het raam zit en niemand uitnodigt om binnen te komen.
Het is gebruikelijk dat drie meisjes een raam (en de bijbehorende kamer) delen, waarbij ze precies weten wat dit "zitten" kost. (Ze betalen de huiseigenaar in doorsnee 20 gulden voor een zittijd van 10 tot 16 uur; van 16 tot 22 uur wordt het tarief verhoogd tot 30 gulden en 's nachts van 22 tot 4 uur kost 40 gulden. Bij de prijs inbegrepen zijn de hoofdmaaltijden en koffie en thee naar behoefte). Ze kennen de omvang van hun inkomsten die hier tegenover staan. Waarom zouden ze iets riskeren?
Met de vreemde meisjes - uit Engeland, Duitsland, Azië of Afrika - is het niet zo eenvoudig. Gewoonlijk is hun door een huwelijk verkregen Nederlandse nationaliteit een voorwaarde voor de prostitutie in Nederland. Zij zijn dus in veel grotere mate aan de meisjeshandelaren uitgeleverd.
De houding van de Nederlandse autoriteiten is een verdere reden voor de moeilijkheden van de handelaren in meisjes met betrekking tot de Nederlandse waar. Een klein land als Nederland mag zijn naam in het buitenland niet door kwade elementen in gevaar laten brengen, heet het. Prostituées, die bij de politie bekend staan, krijgen daarom geen paspoort. Wanneer een Amerikaanse GI, die met verlof uit Duitsland overkomt, een Nederlandse prostituée huwt - en er zijn er heel wat die dat doen - dan moet ze eerst nog twee jaar lang een eerzaam leven leiden, voor ze - vaak op grond van onze aanbeveling - een paspoort krijgt.'
De arts Dr. J.W. Groothuyse die jarenlang een praktijk had op de Wallen heeft twee boeken geschreven over prostitutie.
Zie "De arbeidsstructuur van de prostitutie" (1970, J.W. Groothuyse)
 
Pagina 12:
Aangezien de prostitutie op het beperkte gebied dat wij in deze studie kunnen betrekken overgegaan is van een slavernijstructuur in een steeds nuchterder arbeidsstructuur op basis van vrijwilligheid, zullen we ook kunnen vragen naar de moraal. Waar, zoals in de ons bekende omgeving, de uitwendige dwang tot prostitutie steeds meer afneemt, daar komt plaats voor vrijheid en moraliteit.
Pagina 124-125:
De prostitutie in het verleden was meer hiërarchisch en dwangmatig gestructureerd. Zelfs het kind uit de strenge opvoedingsgesticht van destijds aanvaardde de nieuwe autoriteiten c.q. machthebbers in dit souteneursmilieu. ‘Als toen een van de bekende pooiers langs kwam (en er vallen hier namen als: Buck Jonas, de Tijger, Jopie Boefie en anderen) dan leek het wel of  de vrouwen in de steeg in de houding gingen staan, maar nu lachen we ze uit bij wijze van spreken.’ Dit is waar, want de jonge hoer heeft geen respect meer voor klinkende namen, die er overigens ook nauwelijks meer zijn. We stellen dan ook, dat het gemoderniseerde hoertje een meer open vorm van opvoeding gehad heeft, ook als zij uit een tehuis komt. Daarvoor kent zij te veel van de wereld, die voor haar niet meer beperkt is tot een stukje oude binnenstad in het heden en een dorpsplein in het verleden.
Pagina 159:
Persoonlijk prefereren wij deze toestand van vrije vrouwen in een bijzonder vrij land boven de georganiseerde dwang, die de prostituées  in andere Westeuropese landen ervaren, maar willen uitdrukkelijk het volgende stellen: de conventionele vrouw zou voor de prostitutie terugschrikken om morele redenen en omdat zij er te astheen voor is (asthenie is gebrek aan durf, lef zou men hier beter kunnen zeggen) en omdat zij haar erotische macht gebruikt voor het gezin.
Een ander boek is "Het menselijk tekort van de pooier" (1973, J.W. Groothuyse)
Op pagina 16 verdeelt hij de souteneurs in drie groepen. De dupe (passieve) pooier, de werkende pooier (die gewoon een baan heeft) en de crimineel ingestelde souteneur. Het percentage dupe pooiers schat hij op 75%, de werkende pooiers op 15% en de criminele groep op hooguit 10%. Onder de criminele groep rekent hij onder andere (zie pagina 20): de actieve souteneur, de zware souteneur, de harde souteneur, de gemene meester van de vrouw, de meer geharde souteneur-vrouwenhandelaar, bloedpooier, antisociale souteneur (tegen de maatschappij gericht), de criminele souteneur, de ‘beschermer’, ‘het gevaarlijke type souteneur’.
 
Pagina 156-157:
Vooreerst een beperking: zuivere dwang tot prostitutie bij een vrouw die dat niet wil, kennen wij in Nederland nauwelijks, evenmin als vrouwenhandel. Wat ons daarvan bekend is, is afkomstig uit citaten in de literatuur en de dagbladpers.
Pagina 161:
Tot ongeveer 1970 leek het erop dat de bloedpooier aan het verdwijnen was; nu, twee jaar later, zien we echter een toename van mishandelingen, verwondingen, blauwe ogen. De voor de hand liggende conclusie, namelijk dat door import het aantal psychopaten relatief toeneemt, is fout; wat relatief vermeerdert is het aantal displaced persons en gefrustreerden.
Dwang en agressie komen onder invloed van de huidige omstandigheden op een ander niveau te liggen, alles verloopt veel harder, feller en ongecontroleerder. Toch blijven we vasthouden aan de stelling dat in een vrije gemeenschap man en vrouw in de prostitutie aan elkaar gewaagd zijn. Zolang onze samenleving zich te weer weet te stellen tegen corruptie en intimidatie, zolang ook zal de prostituée zich als ‘vrije’ sex-worker kunnen handhaven.
Groothuyse noemt ook uitspraken van prostituees en anderen die soms weer een ander beeld geven dan hij hierboven geeft:
 
Pagina 134:
[H 37-19] [hij bedoelt een prostituee van 37 die 19 jaar in het vak zit] Het ontvangen van geld door een pooier. Hij ziet niet meer dat het eigenlijk haar geld is; zij ziet het zelf ook niet, of liever, ze ziet het (en verwijt het hem natuurlijk) wel, maar zij wil het niet meer zien. Kijk dat moet je (als arts) voor de aardigheid eens doen: dan vraag je gewoon aan zo’n vrouwtje: ‘Hé wat heb je een mooie mantel’ en dan zegt ze: ‘Nou die heb ik van mijn man gehad’. Alleen als ze kwaad zijn dan zeggen ze: ‘Nou, je leeft toch van mijn geld.’ Zo vanmiddag bij voorbeeld: ‘Ik heb van mijn man een mooie trui met een col gehad. Ik had hem al zien staan in de etalage,’ zegt die vrouw. Die vrouwen, die moeten er echt om vragen als ze wat hebben willen, want uit zijn eigen geeft een man sporadisch maar wat. Wel zegt de man: ik heb mijn vrouw getracteerd op een bontjas of een armband.
Pagina 85:
[verpleegster]: Ik heb de pest aan souteneurs, de meiden zelf vind ik wel aardig en pittig. Als die kerels in het ziekenhuis liggen, commanderen ze hun vrouwen nog als die met bloemen en gebak komen. Zo van: ‘Ja, naar huis meid; je moet weer gaan zitten; het is je tijd weer.’
Pagina 58:
[H x-x] Er wordt in de buurt veel geslagen door de kerels; je ziet de vrouwen vaak met een blauw oog; maar het is geen jaloezie, want je weet het toch als man wat je doet. Maar het is van zijn kant stoerdoenerij; wat je als vrouw met de klanten doet weten ze toch nooit.
Pagina 140:
[H 22-1,5] Die pooiers zij af en toe net achterlijk. Er zijn van die periodes bij, dat je je huur niet verdient en dan heb je herrie met je man en dan gaat hij schreeuwen: ‘Je zult wel weer de enige zijn die niet verdient, daar maak ik me druk om.’
Hier een merkwaardige uitspraak van een prostituee die het heeft over het overkopen van zwarte pooiers door prostituees zelf:
 
Pagina 142:
[H x-x] (…) Die meisjes hier uit de buurt kopen die zwartjes van elkaar over; wie er het meeste voor biedt; en de meisjes tippelen erop omdat de zwarte veel mannelijker zijn; het is altijd wel ergens een kerel; het oerachtige van de kerel zit in ze.
Ook F.J.H. Wong Lun Hing had ook een dokterspraktijk in de tijd van Majoor Bosshardt en Dr. Groothuyse , maar dan in de Rosse Buurt van Rotterdam (Katendrecht). Ook hij schreef boeken over prostitutie.
Waaronder “Prostitutie” (Dr. F. J. H. Wong Lun Hing, 1962)
Pagina 121-122:
De man, die financieel voordeel heeft van de status prostitutionis en met wie de PP [puella publica=prostituee] intieme seksuele relaties onderhoudt, is de souteneur (S). De publieke opinie is geneigd in de persoon van de S de uitbuiter bij uitstek te zien. In oppervlakkige gesprekken met PP wordt deze opinie door haar zelf dikwijls bevestigd. Bij een ernstiger en diepgaander onderzoek blijken de uitlatingen van deze PP echter niet uit te komen boven de clichéopvattingen van het merendeel van het publiek. In haar rationalisatie van de door haar zelf niet doorgronde eigen situatie beschouwt zij de S aan haar zijde dikwijls als de man, die haar in deze verderfelijke situatie heeft gelokt en haar thans exploiteert ten bate van zijn eigen portemonnaie. Zij is dus niet de schuldige, zo legt zij uit, maar hij, de man, die haar ertoe bracht. Door middel van chantage en lichamelijk geweld dwingt hij haar deze inferieure rol te spelen. Tenslotte, als er geen uitkomst meer is, berust zij moede in haar harde levenslot en gaat zij voort zich te prostitueren om 's avonds laat doodop thuis te komen om haar loon af te dragen aan haar half dronken meester in ruil voor een pak slaag. Deze publieke opinie gaat van de naïve veronderstelling uit, dat als men iets te weten wil komen van verschijnselen als prostitutie en soutenage, men dit het beste aan de personen in kwestie zelf kan vragen. Door een oppervlakkig journalistiek interview, liefst in een café of bar genomen, wordt dan de algemene opinie bevestigd en in de courant verschijnt een artikel dat menigeen met afschuw vervult. Hetzelfde populaire motief vindt men ook in de en masse vervaardigde films over dit onderwerp, waarbij het zielige 'meisje van het trottoir' door de brute souteneur wordt afgeranseld. Ernstiger wordt het, als de politie in haar maatregelen volgens hetzelfde simpele procédé te werk gaat. Bij de ambtsaanvaarding van een nieuwe commissaris werden op tamelijk grote schaal souteneurs gearresteerd in de kennelijke verwachting hiermede de prostitutie in de kiem te smoren. Als men de aandrijver van het kwaad elimineert, zal degene, die zijn slachtoffer is, van zelf ophouden zich te prostitueren. Bij een enkele razzia of hoogstens twee is zo het prostitutieprobleem ineens opgelost…
Het behoeft geen betoog, dat hiermede de prostitutie in geen enkel opzicht werd beïnvloed. De brieven van de PP aan de gedetineerde S en zijn antwoord aan haar, die ik vaak lezen mocht, getuigden van niets anders dan van een verstoorde liefdesrelatie tussen twee mensen aan de zelfkant van de maatschappij, die elkaar node misten en door de arrestatie nog ongelukkiger waren dan tevoren. Het is van weinig principieel belang, of de PP de door de politie aan haar voorgehouden verklaring, die zij tekenden wel of niet begrepen. Bij velen was het puur argeloosheid, bij anderen juist onderdeel van de S-PP-relatie, dat zij zijn vonnis tekenden, maar het resultaat is in de meeste gevallen hetzelfde. Na de vrijlating van de S hetzij na maanden, hetzij na jaren, worden de relaties al of niet weer aangeknoopt en gaat het leven op de oude voet voort met slechts een droeve ervaring rijker, een ervaring, die deze mensen nog verder van een reclasseringskans heeft afgebracht dan ooit te voren.
Vergeleken met de situatie zoals Bosshardt, Groothuyse en Wong Lung Hing die beschreven, lijkt de situatie in de jaren zeventig daarentegen compleet veranderd zoals beschreven door Margot Alvarez in het boek "Live Sex Acts" door Wendy Chapkis, 1997. Margot Alvarez is één van de oprichtsters van de Rode Draad en werkte eind jaren zeventig en begin jaren tachtig ongeveer 4,5 jaar gedwongen achter de ramen (in Den Haag), zij werd door haar vriend gedwongen:
 
op pagina 202:
I had seen a lot of bruises, saw women using a lot of speed or coke to be able to work the whole night through because if they came home with less than fl. 500 they'd be beaten. Nowadays, a lot more women work independently. But back then, it was kind of unusual for a woman to work without a pimp. I think it was part of the whole idea that a woman needed a man, whores included. The women's liberation movement has really changed that perception, so now you see a lot more women living and working independently—again, whores included.
Margot Alvarez lijkt bijval te krijgen van Ceciel Brand in het tweede hoerencongres in Brussel (Oktober 1-3, 1986), zie het boek "A vindication of the Rights of Whores" (ed. Gail Pheterson, 1989):
op pagina 163:
Ceciel Brand (Netherlands): I am a social worker and I work with prostitutes in The Hague in the Netherlands. I have to say something. I am not just sitting here for the hell of it. Last year I met many women who are in prostitution. Very often they are under pressure and they experience violence. A number of these women are aware of the fact that this congress in being held and they asked me to report back because they are unable to attend themselves. I just wanted to tell that because I think it is very important to go back to them. I hope that all of us sitting here, this large group of women, can support each other and other prostitutes. I think that is of essential importance.
Margot Alvarez (Netherlands): Can I add something briefly? I once worked in The Hague and I know Ceciel as a social worker; in fact, I ended up in the center where she works. The Hague is rather an aggressive city for prostitutes. I know most of the women working there pretty well. I have also noted that many of the women who were abused came out of The Life for some years and then years later went back into the same situation and sometimes it was even worse. I think it's very difficult to save yourself from this kind of situation. I myself had to make a certain decision and say, "Look, it's just too much and I'm not going to do it anymore." Too often women are depicted as victims. I have tried to talk many women out of violent situations and they said, "Okay, fine," and then a week later they are back again. I do think there are lots of abused women in The Hague, very many.
Ceciel Brand heeft ook 12 Nederlandse raamprostituees geïnterviewd. Zij haar rapport "Hulpverlening aan prostituées in Den Haag" (Ceciel de Mol-Brand, 1983).
pagina 8:
(...) Werken ze voor zichzelf of voor iemand anders?.
In 7 gevallen is de partner de "souteneur", degene die ze tot prostitutie aanzet, 5 werken er geheel zelfstandig.
Ook de raam-exploitant "O.J. Timmer" (gefingeerd) laat zoiets doorschemeren (als wat Margot alvarez vertelt) in het hoofdstuk "Beroep: exploitant" door Liesbeth Koenen in het boek "Beroep: prostituee" door Frank Belderbos en Jan Visser (red.) (1987). O.J. Timmer heeft/had(?) een bordeel met 4 ramen in de Geleenstraat in Den Haag.
 
pagina 37:
Timmer vindt het ronduit kinderachtig van de belasting om die meisjes lastig te vallen: "Er worden bedragen genoemd... idioot. Het is onzin. Er zijn dagen dat ze niets verdienen. Bovendien gaat het allemaal naar de souteneur. Want waarom zou een meisje dat geen man heeft de hoer gaan spelen? Het is een soort hersenspoeling. Die vriend vertelt ze wat je wel niet allemaal met geld kan doen. En ze hebben allemaal een doel, een streven, maar na vijf jaar hebben ze niks. ja, een dure auto, of een mooie vakantie gehad. Dat is het dan. Ik ken er geen een die iets bereikt heeft".
"Nee, je moet ze gewoon allemaal laten inschrijven bij de zedenpolitie en dan moet je ze een bedrag per week laten betalen. Een normaal bedrag dat iedereen kan betalen. Laten we zeggen honderd gulden per week. Een vast bedrag dus. Ziekengeld en vakantiegeld hoeven ze dan niet, maar dat kunnen ze wel missen. Want als je aan het eind van het jaar komt is er toch niks meer over. Dat is dan allemaal naar die mannen gegaan."
De meeste meisjes bij Timmer werken full-time. Ook hij verhuurt per dag en per avond, inclusief "dagelijks de werkster, schoon goed en dergelijke". In de Geleenstraat in Den Haag en in de straten eromheen, gaat 'het leven' 24 uur per dag door. Het is het gebied dat de gemeente tot wandel promenade en raamprostitutiezone gemaakt heeft. Hier staat Timmers dubbelhuis (vier ramen). Het is er altijd druk, en niemand heeft er een contract. Wat Timmer betreft moet dat ook maar zo blijven.
In het boek "Van de liefde kun je niet leven — Interviews met hoeren en hoerenjongens" (Marcel Bullinga e.a, 1982) worden Koos en Coby geïnterviewd die seksshops beheren. Er werken ook prostituees, wat zij vertellen zet ook te denken over de situatie in de jaren 80:
zie pagina 30-31:
Koos zegt heel goed op te letten om wat voor redenen de meisjes willen werken. Als er sprake is van dwang, zoals Coby vroeger is overkomen, neemt hij ze bij voorkeur niet. Toch werkt hij ook samen met pooiers. De peeskamertjes in 'zijn' straatje worden alleen aan mannen verhuurd, die er dan op hun beurt weer vrouwen in zetten. 'Je moet niet alle pooiers op een hoop gooien. Er zijn er niet zoveel meer die vrouwen ronselen, zoals vroeger wel gebeurde. Vrouwen weten wel beter tegenwoordig! Ik heb in ieder geval niets te maken met pooiers die vrouwen hardhandig dwingen te werken of die jonge meisjes aan de heroine zetten.'
Maar pooiers zijn geen lieverdjes. Al mishandelen ze de vrouwen niet, ze hanteren allerlei gore trucjes. Coby: 'Ze spelen de vrouwen tegen elkaar uit. Ze spekuleren op de wens van iedere hoer om er mee op te houden. Dan zeggen ze tegen een van hun meisjes dat ze extra hard moet werken, want dan kunnen ze bijvoorbeeld samen naar Spanje om daar iets te beginnen. Dat meisje doet dat en heeft ook het idee dat die anderen min of meer voor haar werken. Ondertussen zegt die vent tegen alle meisjes hetzelfde.' Coby slaat ook de hoeren niet hoog aan: 'Ze trappen overal in, ze zijn veel te romanties en sentimenteel. En ze zoeken allemaal een vaste vent. Als ze die gevonden hebben, gaan ze hem verwennen, kado's geven, geld toestoppen en zo. Ze proberen hem over te halen op te houden met werken, want zij verdient toch genoeg. Zo maken ze een pooier van hem.'
Er zijn dus vrouwen die uit zichzelf de business ingaan. Wat voor vrouwen zijn dat en hoe gaat dat in zijn werk? Koos: 'Ze komen gewoon langs in de shops. Sinds er zoveel shops zijn met relax-mogelijkheden is de prostitutie wat meer opengegooid. De shops hebben dikwijls bordjes voor het raam met: assistente gevraagd. Een meisje dat wil, kan naar binnen stappen en zich aanmelden.' Volgens Koos zijn het allerlei vrouwen, jong en oud, sommigen met een vast beroep. Er zouden veel verpleegsters tussen zitten en meisjes van de kunstakademie. Maar Coby zegt: 'Achter iedere hoer zit een probleem. Je moet het beschouwen als een beroep, dat vind ik tenminste, maar het is niet een beroep waar je zomaar in terecht komt. Als je met ze praat hoor je van alles, de een heeft een te hoge hypotheek, de ander heeft gewoon schulden, de derde wil snel een zaak beginnen. En ze doen het allemaal maar tijdelijk, dat blijven ze jaren achter elkaar zeggen. Maar als ze eenmaal aan het geld verslaafd zijn, stappen ze er nooit meer uit.'
Die situatie in de jaren 80 lijkt ook te worden bevestigd door Ine Vanwesenbeeck in haar studie "Wiens lijf eigenlijk?" — Een onderzoek naar dwang en geweld in de prostitutie (1986):
 
op pagina 18:
Het aantal prostituées dat zonder een mannelijke partner door het leven gaat is klein. Ook al is er een klein aantal vrouwen dat zegt "niks van mannen te hoeven weten", is het grootste gedeelte op de een of andere manier betrokken in een persoonlijke 'intieme' relatie met een man. Uiteraard nemen die relaties zeer uiteenlopende vormen aan, ook met betrekking tot de plaats van dwang en geweld daarin.
Er zijn pooiers en mannen. Pooiers (in de meest extreme gevallen 'bloedpooiers' genaamd) verleiden of dwingen een vrouw doelbewust tot prostitutie, waarin zij de vruchten plukken van haar verdiensten, terwijl 'mannen' vrienden of echtgenoten van een als prostituée werkende vrouw zijn, die in de loop van zo'n relatie meer of minder pooierachtige posities in kunnen nemen. Mijn bevindingen van de afgelopen maanden wijzen er op dat het aantal vrouwen dat voor een pooier werkt nog steeds aanzienlijk is en dat geestelijk en/of fysiek geweld vaak een onderdeel vormt van deze relaties. Om met een van mijn respondenten te spreken: "Het ouderwetse pooierdom is nog steeds aanwezig en ik begrijp niet waar die geruchten vandaan komen dat dat niet zo zou zijn".
pagina 19:
Vaak zal het geweld 'beheerster' gepleegd worden dan in dit geval, er zal goed gelet worden op waar er geslagen wordt, als er een meisje met twee blauwe ogen zit dan verdient ze ook niks. Hoeveel prostituées er aan dergelijk geweld blootstaan blijft vooralsnog duister. Veldwerksters geven allemaal aan, dat percentages moeilijk te geven zijn. De schattingen die gedaan worden naar het percentage prostituées dat in hun relatie zeer regelmatig met mishandeling te maken heeft, lopen uiteen van tien tot dertig procent en nog eens dertig procent 'af en toe'. De schattingen ten aanzien van de vrouwen die een pooier hebben van veertig tot negentig procent!, verschillend per groep of per stad. Er wordt steeds nadrukkelijk aangegeven dat het om niet meer dan een schatting gaat, omdat de prostituées zelf vaak zo weinig ruchtbaarheid geven aan het geweld dat hen aangedaan wordt, met name als het om hun pooier gaat.
Dit is apart. Het lijkt dus zo dat in de jaren 60 de Nederlandse (raam)prostituees heel vrij waren, na een periode van veel dwang en slavernij. Die trend lijkt te veranderen waarin na 1970 volgens J.W. Groothuyse langzaam weer meer dwang lijkt voor te komen. In de jaren 70-80 werden prostituees vaak gedwongen, waarna volgens Margot Alvarez prostituees weer redelijk vrij werden, en nu (~1995-2007) is er dus kennelijk weer de situatie dat veel Nederlandse (raam)prostituees gedwongen worden. Aan de andere kant is het mogelijk dat er een verschil is tussen prostitutiebuurten. Majoor Bosshardt en J.W. Groothuyse hebben het over Amsterdam en Margot Alvarez en de exploitant Timmer hebben het over Den Haag.
 
In de tweede rapportage van de Profeitstudie wordt een mogelijke verklaring gegeven voor de opkomst van de loverboys.
pagina 36:
Er lijken aanwijzingen dat de pooiers van jonge Nederlandse prostituees, die in de media worden aangeduid als loverboys, profiteren van het verdwijnen van een groot deel van de buitenlandse prostituees en de leegstand die daar het gevolg van is.
zie vervolg:
 
 
Lees meer...
 
 
 
Mensenhandelaren en loverboys lijken een voorkeur te hebben voor raamprostitutie als je de opsporingsonderzoeken naar mensenhandel bekijkt. Qua omvang lijkt de mensenhandel in clubs en privé-huizen ongeveer even groot als in de raamprostitutie. Aangezien het aantal vrouwen dat in clubs en privé-huizen werkt 2 à 3 keer zo groot is als in de raamprostitutie, zou je dus kunnen denken (als alles representatief is) dat mensenhandel in clubs, privé-huizen en escortbedrijven in verhouding dus ongeveer een factor 2 à 3 keer kleiner is. Zie de De vierde rapportage van de nationaal rapporteur mensenhandel op pagina 21 tabel 3.11, daar zie je hoe opsporingsonderzoeken naar mensenhandel zich verdelen over de verschillende sectoren, alleen helaas niet hoe het per sector over het legale en illegale circuit verdeeld is. Voor de periode 2000-2003 is de verdeling ongeveer zo:
 
44% (ook) in de raamprostitutie
48% (ook) in clubs/bordelen
17% (ook) in de Escort
21% (ook) in de straatprostutitie
3% (ook) overig (Turkse koffiehuizen en schoonheidsalons)
 
Per jaartal
 
2000
2001
2002
2003
raamprostitutie
15 (60% ±19%)
22 (46% ±14%)
26 (47% ±13%)
11 (26% ±13%)
clubs/bordelen
11 (44% ±19%)
28 (58% ±14%)
30 (55% ±13%)
13 (31% ±14%)
Escort
1 (4% ±8%)
10 (21% ±11%)
10 (18% ±10%)
8 (19% ±12%)
Straatprostitutie
5 (20% ±16%)
7 (15% ±10%)
12 (22% ±11%)
11 (26% ±13%)
Overige
-
 
2 (4% ±5%)
3 (7% ±8%)
aantal opsporings-onderzoeken
25
48
55
42
 
Er moet worden opgemerkt dat zij tot de clubs/bordelen niet massagesalons rekenen. In het jaar 2002 is (slechts) één massagesalon genoemd (onder de noemer "overig"), in andere jaren worden massagesalons niet genoemd. Er zijn daarentegen veel massagesalons in Nederland. Zou je dan tot de conclusie kunnen komen dat er kennelijk weinig mensenhandel plaatsvindt in massagesalons?
 
Ook lijkt het zo dat er qua vrouwenhandel een langzame verschuiving is van de raamprostitutie en clubs richting andere vormen van prostitutie. Er moet wel bij gezegd dat de steekproefjes per jaar best klein zijn, en daarom zijn de verschillen niet significant, behalve als je het jaar 2003 vergelijkt met de voorgaande jaren.
 
Helaas zijn de cijfers van de opsporingsonderzoeken van tot en met 2003, latere cijfers zijn er niet. Pas sinds kort is de Stichting Tegen Vrouwenhandel gaan registreren in welke sectoren de slachtoffers hebben gewerkt, cijfers voor 2006 zijn beschikbaar. In die cijfers is de raamprostitutie juist veel minder sterk vertegenwoordigd dan clubs en privéhuizen (zie www.mensenhandel.nl). Hier is juist de mensenhandel in clubs en privéhuizen 2,6 keer zo groot als achter de ramen (zoals waarschijnlijk bij prostitutie in het algemeen!). De volgende cijfers heb ik overgenomen van één van hun tussenrapportages, in de laatste kolom hebben de percentages alleen betrekking op de prostitutie (dus dan tellen de percentages in dat kolom op ~100%).
 
Meest voorkomende gewerkte sectoren
2006
%
% (alleen de groep waarvan bekend is dat het slachtoffer in de prostitutie heeft gewerkt)
Bordeel/club
124
21,5
39,9
Raamprostitutie
66
11,5
21,2
Privehuis
47
8,1
15,1
Straatprostitutie
44
7,6
14,1
Escort
30
5,2
9,6
 
De overige 46,3% werkte in andere sectoren dan de prostitutie (5,5%) of er werd waarschijnlijk niet achterhaald in welke sector het slachtoffer werkte, de STV is er niet duidelijk over. De nationaal rapporteur mensenhandel noemt in haar vijfde rapportage (op pagina 70) dat de STV ook registreert dat gedwongen prostituees in de privé-ontvangst werken. In het jaar 2005 zou dat er van 424 geregistreerde cliënten 8 (2%) zijn geweest, 167 (39%) zouden er niet in hebben gewerkt van 249 (59%) is het onbekend.
 
Vergelijk de verdeling van slachtoffers van vrouwenhandel over de verschillende sectoren met de verdeling van prostituees in het algemeen over de verschillende sectoren (over 18 Nederlandse steden, dus eigenlijk niet over heel Nederland):
(zie mobiliteit in de Nederlandse prostitutie uit 1998/1999 door Lucie van Mens)
20% raamprostitutie
45% clubs/bordelen
15% escort
5% straat
5% thuis/privé-ontvangst
10% overig (waaronder massagesalons, sexbioscopen.. etc....)
 
Er zijn waarschijnlijk wel wat verschuivingen geweest sinds de legalisering in 2000. Waarschijnlijk werken er sindsdien minder prostituees in de raamprostitutie en clubs/bordelen en werken er nu meer in de escort, in de privé-ontvangst en in massagesalons. Maar als je de statistieken met elkaar vergelijkt dan valt de over-vertegenwoordiging op van de vrouwenhandel in de raamprostitutie (en trouwens ook de straatprostitutie).
 
Ik denk dat de statistieken van de opsporingsonderzoeken wel betrekking hebben op een kleine groep binnen de totale groep slachtoffers van mensenhandel. Het valt me op dat wanneer slachtoffers van mensenhandel geïnterviewd worden zij vaak aangeven dat ze niet wisten dat ze als prostituee zouden werken. In werkelijkheid is het waarschijnlijk zo dat prostituees die in een situatie van uitbuiting zitten (en dus slachtoffer van mensenhandel zijn) meestal wel degelijk weten dat zij als prostituee zouden werken.
 
Op pagina 18 voetnoot 18 van de vierde rapportage van de nationaal rapporteur mensenhandel zie je hoe de succesvol afgesloten opsporingsonderzoeken (over 2002 en 2003) zijn verdeeld over de legale en illegale seksbedrijven, alleen dan niet per sector:
Bij de succesvol afgesloten opsporingsonderzoeken mensenhandel [in 2003] waren in totaal 54 seksbedrijven betrokken, waarvan 19 zonder vergunning. In 2002 waren dat er 140, waarvan 38 zonder vergunning.
In de derde rapportage van de nationaal rapporteur zie je hoe de opsporings-onderzoeken zijn verdeeld in 2002 over de verschillende seksbedrijven maar dan ook per sector, zie pagina 160 voetnoot 66:
(...) Voor het jaar 2002 is nagegaan hoe vaak dit gebeurde. In dat jaar waren bij 46 van de succesvol afgesloten opsporingsonderzoeken naar mensenhandel in totaal 140 prostitutiebedrijven betrokken.
[uit een voetnoot:'In de overige negen opsporingsonderzoeken naar mensenhandel waren geen prostitutiebedrijven betrokken, maar ging het bijvoorbeeld om straatprostitutie.']
Van deze 140 bedrijven hadden er 38 (27%) geen vergunning (deels omdat sommige gemeenten het vergunningenstelsel nog niet op orde hebben).
[uit voetnoot 66:'De indeling van deze bedrijven naar prostitutiebranche is als volgt: 69 clubs, waarvan 16 (23%) zonder vergunning, 52 raambordelen, waarvan 12 (23%) zonder vergunning, 12 escortbedrijven, waarvan 6 (50%) zonder vergunning en 4 overige bedrijven zonder vergunning (in alle gevallen Turkse koffiehuizen). Van 9 prostitutiebedrijven (4 clubs, 3 raambordelen en 2 escortbedrijven) is onbekend of ze in het bezit waren van een vergunning.']
De mate van onvergund zijn verschilt dus niet zo gek veel per sector (behalve de escort). Opmerkelijk overigens dat in 2002 ook nog veel raambedrijven onvergund waren (ik had altijd gedacht dat dit allemaal wel op orde was.) Nu is het onduidelijk hoe het zit op dit moment. Er zijn berichten dat het overgrote deel van de bordelen nu wel vergund is. Vlak na de legalisering van prostitutie (in 2000) waren de gemeentes nog volop bezig met vergunnen en in 2003 waren ze misschien nog lang niet klaar, vandaar dus dat veel prostitutie-bedrijven in de opsporings-onderzoeken misschien nog niet vergund zijn.
 
In 2006 hebben twee verschillende onderzoeken plaatsgevonden naar illegale prostitutie. Eén vond plaats in Rotterdam en in de andere werd heel Nederland onderzocht (maar niet Rotterdam). Het zijn deze rapporten:
-Verboden Bordelen (S. Biesma, R. van der Stoep, N. Haayer en B. Bieleman, 2006)
-Prostitutie in Rotterdam (Goderie en Boutellier, 2006)
De conclusies in deze twee rapporten zijn geheel tegendraads. In de studie in Rotterdam wordt de conclusie getrokken dat het grootste deel van de prostitutie onvergund is. In de studie over de 'verboden bordelen' wordt juist geconcludeerd dat het illegale circuit juist grotendeels niet bestaat (zie pagina 103). Nu heb ik wel kritiek op beide rapporten. In het rapporten over de 'verboden bordelen' wordt de conclusie grotendeels getrokken aan de hand van wat bekend is over bordelen die adverteren (zie pagina 98). Die blijken voor het overgrote deel vergund te zijn, dus is er geen groot illegaal circuit (maar misschien dat veel illegale bordelen wel helemaal niet adverteren?!). In het rapport over de 'prostitutie in Rotterdam' wordt eigenlijk helemaal niet duidelijk gemaakt waarom de schrijvers denken dat het illegale circuit er groter is dan het legale, ze stellen het gewoon. En dat terwijl ze redelijk duidelijk kunnen maken hoeveel prostituees in het legale circuit werken doen ze dat niet voor het illegale circuit.
 
Volgens de VER (Vereniging Exploitanten Relax-bedrijven) werkt de helft van de prostituees in het illegale circuit:
De VER-directeur schat dat er in Nederland in 2005 ongeveer zes miljoen bezoekjes aan prostituees zijn geweest. Dat aantal is de laatste jaren redelijk stabiel. De helft van de klanten bezoekt een legaal bordeel; de andere helft komt in het „duistere” circuit aan zijn trekken en dat aandeel groeit volgens hem gestaag.
Maar ik heb het idee dat de VER een schatting heeft gemaakt van het aantal prostituees in de legale seksbedrijven en die heeft vergeleken met het aantal prostituees dat in heel Nederland "zouden" moeten werken.
 
Ik zou nu willen uitmaken of gedwongen prostitutie zich meer afspeelt in het legale of juist het illegale circuit. Ik wil dat doen door de gegevens over hoe gedwongen prostitutie zich verdeelt over het legale en illegale circuit te leggen naast hoe prostitutie zich in het algemeen verdeelt over het legale en illegale circuit. Maar als niet bekend is hoe groot het illegale circuit is dan is het dus eigenlijk heel lastig uit te maken. En het kan in principe ook zo zijn dat bijvoorbeeld legale prostitutie-bedrijven sterk naar voren komen in de opsporingsonderzoeken domweg omdat die het meeste gecontroleerd worden. Ik zal het proberen uit te zoeken.
 
In de periode 2001-2003 is 20% van de opsporingsonderzoeken gestart door een controle, en 80% niet (zie in de vierde rapportage op pagina 14, tabel 3.2). Het moet wel gezegd worden dat 14% van de onderzoeken wordt gestart door andere politieonderzoeken waarvan een deel weer gestart kan zijn door een controle, dus die 20% zou je kunnen optrekken tot 20%/[1-14/100]=~23%. Maar, je kunt dus niet zeggen dat het feit dat zo veel vergunde seksbedrijven in de onderzoeken naar voren komen veroorzaakt wordt omdat die zo vaak gecontroleerd worden.
Dan komt de vraag in welke bedrijven de politie controleert. Zijn dat ook de illegale bedrijven? Of is dat alleen in de legale bedrijven? Volgens het rapport Evaluatie Rotterdams Prostitutiebeleid (2004) is dat in ieder geval in Rotterdam wel zo (pagina 15):
In het evaluatierapport wordt geconstateerd dat de politie zich in het kader van bestuurlijke handhaving vooral bezig houdt met controles in de gereguleerde sector.
Waarschijnlijk is het dus wel zo dat het legale circuit in de opsporingsonderzoeken wat ondervertegenwoordigd is, maar niet in belangrijke mate. Maar het is moeilijk te zeggen ook omdat deze data verouderd is, misschien dat in de toekomst blijkt dat een aantal bordelen waar veel mensenhandel plaatsvindt inmiddels ook vergund zijn.
 
Die informatie over mensenhandel verspreid over de sectoren kun je leggen naast hoe prostituees zijn verdeeld over alle sectoren, zie "mobiliteit in de Nederlandse prostitutie" (1999, Lucie van Mens)op pagina 9. Het probleem is dus dat er geen verdeling bekend is over de verdeling over legale en illegale seksbedrijven, maar ik zal zelf toch een poging wagen. Een hint geeft "Handhaving prostitutiebranche door prostitutiebranche door Politiekorpsen, Belastingsdienst, Arbeidsinspectie en UWV/GAK"(2002) op pagina 24. Het geeft het aantal seksbedrijven in 2002 dat staat ingeschreven bij de belastingdienst over verschillende sectoren. Het lijkt dat vooral escortbedrijven ontbreken, er staan 126 escortbedrijven ingeschreven, maar ik heb er op internet meer dan 200 geteld (eind 2005). Er staan 679 clubs, privé-huizen en massagesalons ingeschreven. Hier heb ik geen idee hoeveel het er in totaal moeten zijn, dus ik weet ook niet hoeveel er illegaal zijn. Zie het TAMPEP 6 rapport uit 2002 op pagina 136. Dat aantal wordt geschat op tussen de 600 en 700, van dezelfde orde van grote als het aantal vergunde bordelen, dus je weet niks over het aantal onvergunde bordelen. Het aantal escortbedrijven wordt geschat op 260. Dat betekent dat dus de helft van de escortbedrijven ontbreekt. Wellicht dat dus de helft van de escortbedrijven illegaal is? Van dat kleine steekproefje van 12 escortbedrijven dat betrokken was bij mensenhandel was ook ongeveer de helft illegaal, maar dat is niet significant.
 
Voor de gemeente Rotterdam bestaat er een ruwe schatting hoeveel clubs illegaal zijn, zie:
Er is in dit rapport een steek proekproef (zie pagina 30) van 53 bordelen in Rotterdam die duidelijk clubs en massagesalons (of SM) zijn, waarvan er 6 niet zijn vergund. Dat is ongeveer 1 op de 6. Het is de enige steekproef van die soort die ik heb opgemerkt. Zelf heb ik namelijk geen lijst van alle vergunde bordelen en het is irritant dat die niet bestaat want dan had ik zelf ook zo'n steekproef kunnen houden (volgens het rapport over de "Verboden Bordelen" is het overgrote deel van de bordelen in 2006 vergund). In Rotterdam als geheel zijn er op dit moment (in 2006) 64 vergunde bordelen. Zie:
Ik heb zelf een lijst met 85 bordelen in Rotterdam, maar ik twijfel of een aantal daarvan nog wel bestaan. Het is heel moeilijk te achterhalen. Maar het zou betekenen dat een kwart van de bordelen in Rotterdam niet vergund is. Als de situatie in Rotterdam vergelijkbaar is in heel Nederland dan zou dat betekenen dat 11-25% (gokje) van de bordelen niet vergund is.
Over Amsterdam is bekend dat er 30 vergunde bordelen zijn (in 2006), zie het rapport Verboden Bordelen (S. Biesma, R. van der Stoep, N. Haayer en B. Bieleman, 2006) op pagina's 34-35. (Er zijn ook 25 erotische massagesalons in Amsterdam volgens het rapport, waarvan 8 staan geregistreerd als vergund bordeel.) Daarentegen heb ik een lijst met 59 bordelen in Amsterdam!!!! Dat zou betekenen dat bijna de helft van de bordelen in Amsterdam niet vergund is!!!! Maar opnieuw, er moet bij gezegd dat ik niet weet of die bordelen nog wel bestaan en dat volgens het onderzoek over de Verboden Bordelen de bordelen grotendeels gewoon vergund zijn.
Maar als mijn eigen speurwerk klopt over het percentage van de bordelen dat niet vergund is en je vergelijkt die informatie met het gegeven dat ongeveer 23% van de mensenhandel (in opsporingsonderzoeken) in clubs (, privé-huizen en massagesalons) in het onvergunde gedeelte plaatsvindt, dan concludeer ik dat er geen aantoonbaar bewijs is dat mensenhandel in het illegale circuit meer zou voorkomen dan in het legale. Het maakt waarschijnlijk niet zoveel uit. Niet dat het voor klanten uitmaakt want het is voor klanten heel moeilijk te bepalen of het bordeel dat hij bezoekt eigenlijk wel vergund is. De gemeentes scheppen ook geen duidelijkheid. In kranten staan weleens KVK- of BTW-nummers bij seksbedrijven, maar dat wil niet zeggen dat ze ook een exploitatievergunning hebben voor seksbedrijven (maar dit zou volgens het rapport over de Verboden Bordelen niet veel uit moeten maken omdat de bordelen die er zijn vaak keurig netjes vergund zijn).
Verder wil ik nog benadrukken dat ik een onderzoekje heb gedaan in kranten, in boeken en op forums (zie Casussen) om te kijken in welke type seksbedrijven slachtoffers van mensenhandel worden geëxploiteerd. Die verdeling over de verschillende sectoren komt heel aardig overeen met zoals die naar voren komen in de opsporingsonderzoeken mensenhandel die ik hierboven noemde. Ik neem dus aan dat die verdeling dus redelijk representatief is en ik geloof niet in een groot geheimzinnig illegaal circuit waar de politie en journalisten niet bij kunnen.
 
***
 
Je kunt het ook over een andere boeg gooier. Over de raamprostitutie is in vergelijking met andere sectoren van de prostitutie veel bekend, ook wat betreft mensenhandel. In deel 9 heb ik veel sterke aanwijzingen verzameld dat in ieder geval in die sector veel gedwongen prostitutie plaatsvindt. Combineer dat met de verdeling van vrouwenhandel over de verschillende sectoren zoals die naar voren komt in de opsporingsonderzoeken en de statistieken van de Stichting Tegen Vrouwenhandel en je moet ook wel tot de conclusie komen dat het in de andere prostitutie-sectoren naast de raamprositutie ook wel heel erg gesteld moet zijn. Kennelijk is het een algemeen probleem. Een kanttekening is dat de slachtoffers van vrouwenhandel zoals die naar voren komen in de opsporingsonderzoeken en bij de Stichting Tegen Vrouwenhandel waarschijnlijk maar een klein deel vertegenwoordigen van "de slachtoffers van vrouwenhandel".
 
***
 
Volgens Bovenkerk zijn souteneurs en mensenhandelaren nauwelijks actief buiten de raamprostitutie. Hij zegt dat in zijn rapport:
De zegsman van de clubs heeft overigens met zijn verwijzing naar de raamprostitutie volkomen gelijk. Weliswaar zijn in alle sectoren van de prostitutie wel meisjes aan te treffen die voor souteneurs werken, ook al vinden onderzoekers in de escortbranche of in andere sectoren ze nauwelijks (vergelijk de teleurstellende opbrengst van zulke pogingen over de escortbranche in Amsterdam van Eijsink-Smeets en Etman, 2000 en Goderie, Spierings en ter Woerds, 2002, over de prostitutie van minderjarigen na opheffing van het bordeelverbod), maar zowel de zogenaamde souteneurs zelf die we spraken als de meisjes verwijzen in de eerste plaats naar de ramen. Voor onderzoek heeft deze sector het voordeel dat ze gemakkelijk toegankelijk is.
Bovenkerk verwijst naar twee rapporten waaruit dat zou moeten blijken. Eéntje is deze van Goderie, Spierings en ter Woerds:
In dit rapport staat overigens dat:
Ook onvrijwilligheid hebben we in verschillende verschijningsvormen en in meerdere variaties (ernstige en minder ernstige vormen) gezien. We hebben hierbij de indruk dat de meest ernstige vormen van onvrijwilligheid in de escort en in de straatprostitutie voorkomen.
Dat andere rapport van Eijsink-Smeets en Etman (ES&E) heb ik gelezen. Het is dit rapport:
Escort in Amsterdam: een onderzoek naar aard en omvang van escortservices in de gemeente Amsterdam
Auteur(s): Klerks, P.; Naber, P.; Werf, J. van der,
Uitgeverij: Gemeente Amsterdam, Dienst Binnenstad, ESE, Den Haag, 2000
 
Als Bovenkerk gelijk zou hebben dan is de boodschap voor klanten duidelijk: vermijd de raamprostitutie. Overigens twijfel ik ernstig aan wat Bovenkerk zegt omdat de onderzoekers in de rapporten waar hij naar verwijst afgaan op verklaringen van prostituees zelf. Slachtoffers van mensenhandel zullen zelden zomaar aan onderzoekers toegeven dat ze slachtoffer zijn van mensenhandel (al kun je natuurlijk afvragen waarom ze dat bij hulpverleners als het Scharlaken Koord en TAMPEP wel doen, jawel.... de redenering loopt spaak..... onderzoek nog in ontwikkeling). In het onderzoek van Goderie, Spierings en ter Woerds ("Illegaliteit, onvrijwilligheid en minderjarigheid in de prostitutie een jaar na de opheffing van het bordeelverbod", 2002) kun je ook lezen dat de Oost-Europese raamprostituees (in Groningen) die ze interviewden stellig ontkenden gedwongen te zijn (pagina 22).
Wanneer we de prostituees vragen of ze wel eens te maken hebben met vervelende, agressieve klanten vertellen ze dat er op straat bepaalde mannen rondlopen, die de vrouwen in dergelijke gevallen helpen. Het zijn aardige mannen, die ook belasting betalen, zo vertellen zij ter geruststelling. De geïnterviewde vrouwen geven allemaal aan dat het werk hun eigen keuze is. Ze werken voor het geld waarmee ze thuis in Rusland, Bulgarije of elders dingen kunnen doen.
Maar eerder zagen de onderzoekers dat (pagina 22):
(...) al lopend door de straat, dat er een man rondliep die de kamers langsging en daar met een notitieboekje in de hand geld inde. Een aantal geïnterviewden vermoedt dat er sprake is van pooiers, maar dan meer in de vorm van loopjongens waarachter een organisatie zit van enkele grote criminelen. Er wordt gesproken over Joegoslavische en Bulgaarse criminele netwerken.
Het probleem is dat je in de clubs en in de escort de pooiers niet zo duidelijk kan observeren (maar dat wil niet zeggen dat ze daar niet zitten). Bovendien duiken clubs en de escort vaak juist wel op in de opsporingsonderzoeken naar mensenhandel en de statistieken van de Stichting Tegen Vrouwenhandel (zie die rapporten die ik eerder noemde).
 
En in het rapport "Escort in Amsterdam" worden maar 10 vrouwelijke prostituees geïnterviewd (naast ook wat mannelijke en transseksuele prostituees), dat is niet echt een grote steekproef. En een deel van deze vrouwelijke prostituees zijn zelfs door exploitanten zelf naar voren geschoven. Het lijkt mij niet logisch dat die exploitanten een slachtoffer van mensenhandel aanwijzen om geïnterviewd te worden.
 
***
 
Opmerkelijk: er is in een rapport naar prostituees en exploitanten gevraagd hoe groot zij gedwongen prostitutie inschatten. Zie:
Sociale positie van prostituees (een jaar na de wetswijziging, 2002, op pagina 27, 28 en 29)
 
Er werden geen grote verschillen gevonden qua antwoorden tussen verschillende prostitutie-sectoren. Dat is opmerkelijk. Je zou verwachten dat raamprostitutie dan goed naar voor zou moeten komen. Dat is dus niet zo. Wat ook opmerkelijk is dat de onderzoekers massagesalons als een aparte sector benoemen. Ook daar werden dus geen verschillen gevonden met de andere sectoren. En dat terwijl massagesalons in de politieonderzoeken naar mensenhandel nauwelijks opduiken. Er moet wel gezegd worden dat de steekproefjes per prostitutiesector niet zo groot zijn. Er werden 230 (vrouwelijke) prostituees geïnterviewd. Daarvan waren er ongeveer (er worden alleen percentages genoemd, zie tabel 5 op pagina 11) 30 raamprostituee, ongeveer 71 club-prostituee, ongeveer 76-privéhuis-prostituee, ongeveer 23 escort-prostituee, ongeveer 23-massagesalon prostituee en ongeveer 5 werkten er thuis. Wat ook moet worden gezegd is dat gevraagd naar hoe de prostituees de exploitanten de situatie inschatten in de bedrijven die ze kennen. Voor prostituees die in massagesalons zouden dat ook raambordelen kunnen zijn.
 
Volgens dit rapport zegt 9% dat dwang onder hun collega's vaak voorkomt (25% zegt soms, 30% zegt nooit en 36% weet niet), 16% zegt dat veel collega's hun verdiensten af moeten staan (32% zegt soms, 22% zegt nooit en 31% weet niet) en 18% zegt dat veel hun collega's een vriend hebben die zich bemoeit met hun werk (38% zegt soms, 18% zegt nooit en 26% weet niet). Ook in dit rapport ontkennen dus veel prostituees dat hun collega's gedwongen wordt, en dit percentage verschilt dus per prostitutiesector niet significant. Dus ook veel raamprostituees ontkennen dat een aantal van hun collega's gedwongen worden. Ik heb zelf ook een prostituee (via internet) gesproken die als raamprostituee werkte en zei nooit iets gemerkt te hebben van gedwongen prostitutie. Ook op een prostituee op een forum liet dat merken. Dat is opmerkelijk. Het is namelijk zo dat loverboys en mensenhandelaren zeer duidelijk aanwezig zijn in de raamgebieden en vaak ook de zelfstandig werkende prostitutees bedreigen en lastigvallen. Vaak oefenen zij ook openlijk geweld uit op de prostituees die voor hen werken. Ik vind het namelijk des te opmerkelijk dat veel raamprostituees dit toch ontkennen terwijl zij dit zouden moeten zien en merken. Zouden ze ergens bang voor zijn? Of proberen zij hun beroep niet in een al te kwaad daglicht te stellen tegenover de buitenwereld?
Zie over het geweld binnen de raamprostitutie:
Er gaat iets veranderen in de prostitutie (2000, Ine Vanwesenbeeck, Liesbeth Venicz) 
Pooiergeweld lijkt een belangrijke, zo niet overheersende rol te spelen in veel raamprostitutiestraten. "Zeker drie maal in de week krijgt er hier in de straat wel een meisje een tik van een vriendje of wordt door hem met de dood bedreigd", meldt een raamprostituee. Respondenten die in het raam werken, kunnen soms niet eens meer aangeven hoe vaak zoiets in het afgelopen half jaar in hun omgeving is gebeurd. Het geweld van pooiers tegen de prostituees die voor hen werken is structureel en heftig: "Er is een meisje neergestoken de laatste tijd. Een ander is door haar ex gepenetreerd met een pistool." Prostituees die met hun pooiers hebben gebroken worden vaak nog langdurig lastig gevallen door hun ex-vriendjes. "Mijn ex sloot me op in mijn werkkamer. Hij heeft me geslagen, me gebeten. Hij heeft een vaas kapot geslagen en me bedreigd met de glasscherven. En hij heeft al mijn geld af gepakt", vertelt een raamprostituee die zich nog maar kort geleden aan haar pooier heeft ontworsteld.
 
De jonge pooiers die zeer zichtbaar in de straat rondhangen zijn zeer bepalend voor de sfeer in veel raamstraten en vallen ook prostituees lastig die niet voor hen werken: "Als je geen vriend hebt, of geen vriend waarvoor zij respect hebben, dan heb je voortdurend last van jongens die willen dat je voor ze komt werken. Ze gaan je dan echt treiteren. Ik heb nu zogenaamd verkering met een jongen die hier vaak in de straat is, daarom laten ze me met rust." Daarbij maakt 5,7% van de respondenten melding van steek- en schietpartijen tussen pooiers onderling.
zie vervolg:
 
 
Lees meer...
 
vervolg van:
 
 
Slachtoffers van vrouwenhandel zoals die staan geregistreerd bij de STV komen opvallend vaak uit landen uit Oost-Europa. Jarenlang was ongeveer de helft van de geregistreerde (mogelijke) slachtoffers Oost-Europees. Uit rapporten en verhalen kun je afleiden dat heel veel Oost-Europese prostituees onder controle moeten staan van criminele pooiers. Volgens een aantal betrouwbare bronnen is dat zelfs het overgrote deel. Het gekke is wel dat Oost Europese slachtoffers van mensenhandel zoals ze staan geregistreerd bij de Stichting Tegen Vrouwenhandel veel vaker Bulgaars of Roemeens zijn dan Pools en Tsjechisch. Oost-Europese prostituees komen juist vaak veel vaker uit Polen en Tsjechië dan uit Bulgarije en Roemenië (zie Onderzoek1.6), wat zou kunnen suggeren dat mensenhandel veel minder voorkomt onder Poolse en Tjechische prostituees, en dat veel Oost Europese prostituees dus geen slachtoffer zijn van mensenhandel. Vroeger kwam het wel veel voor onder Poolse prostituees (~1994), maar of het nu nog zo is? (dat zou kunnen volgens een recent rapport uit 2006!) Tsjechische prostituees waren toen weer heel zelfstandig.
Aan de andere kant kun je natuurlijk ook weer afvragen of de slachtoffers van vrouwenhandel zoals die staan geregistreerd bij de STV ook wel een representatief beeld geven van de slachtoffer van vrouwenhandel.
 
Ik zal nu een opsomming geven van bewijzen waarom ik denk dat het overgrote deel van de Oost Europese prostituees (en zijdelings ook Afrikaanse prostituees) slachtoffer is van mensenhandel. Ik ben niet selectief. Alle betrouwbare bronnen lijken dit te melden (goed, op een paar uitzonderingen na). Daar moet bij gezegd worden dat die vaak betrekking hebben op de raamprostitutie. Verhalen over buitenlandse slachtoffers van vrouwenhandel hebben daarentegen naast de raamprostitutie vaak ook betrekking op andere vormen van prostitutie (zoals clubs en privéhuizen), dus ik denk dat wat geldt met betrekking tot mensenhandel voor buitenlandse raamprostituees, min of meer ook geldt voor prostituees in andere vormen van prostitutie.
 
De Rode Draad over Oost-Europese prostituees:
Verschillende bronnen geven aan dat 90 procent van de Oost-Europese vrouwen die legaal in de prostitutie werken op de een of andere manier wordt afgeperst of uitgebuit. Het is de vraag of dit dan ook onder mensenhandel valt of alleen onder het delict afpersing. Dit treft ook vrouwen die alle verblijfsdocumenten op orde hebben.
Zie Rapport van TAMPEP (2000-2002) (TAMPEP is een Europese hulpverlenersorganisatie voor prostituees. Zij richten zich vooral op SOA-bestrijding. Zij verrichten veel veldwerk onder raamprostituees in Nederland)
The majority of the women are between 20 and 30 years old (with the exception of the women who work longer in prostitution). They are well educated; many of them have a professional secondary education and many of them used to work in their country in their profession before they set off to West.
They usually come from big towns.
Many of them are single mothers whose children are being brought up by their grandmothers during the mother’s absence. Almost all money they earn in prostitution is sent home in order to support the family. The women come from all levels of society. (...)
Ninety percent of the women from Central and Eastern Europe are - some way or the other - in the power of pimps, madams or traffickers. Many women accept it without much protest, but some of them want to change the situation. This means that the TAMPEP worker is regularly asked for advice on how to be liberated from the power of pimps. (...)
There are different shades of trafficking and levels of dependency of the women on the trafficker. Again, we cannot put all the women coming from Central and Eastern Europe in one category of poor victims who did not know what was happening to them. While most of women coming to the West know that that they will be working as prostitutes, they do not anticipate the human rights abuses that confront them upon arrival. The women are forced to work in appalling conditions and see little of the money they earn for their boss. Held often under constant control, the women have little or no control over when and how they work.
tampep newsletter 7 (April 2005)
Changes in the sex worker population
The population of sex workers hasn’t changed significantly last times. Still, the largest group of sex workers is composed by the migrants of whom some 70% are the women from Central and Eastern Europe. As the result of the enlargement of the EU, Bulgarian and Romanian women (who until then dominated in the group of CEE women) had to leave the country (or go into hiding). Their place is taken by growing numbers of women from Poland, Hungary and Baltic States. For many of these women work in prostitution is a life option: they regularly commute between the Netherlands and their country and they are very eager to learn more about the work in prostitution so that they can earn more money in a safe way. According to the women, work in prostitution is not so profitable as before as the number of clients diminished significantly as the result of introduction of euro. They state that they have to work now more hard and have longer working days. However, there are no signals that there is more work without a condom.
 
There are also some clandestine prostitution settings, where work the women who had to leave the official circuit. These women are in complete power of the owners of these illegal brothels and the pimps. There is still a big involvement of trafficking networks in prostitution who arrange EU passports, the passage to the Netherlands and introduction to prostitution scene. There are numerous women (usually Russian and Ukrainian) with arranged EU passport of the new EU country. Most appalling is the fact that even the women from the new EU countries who can easily establish themselves as self-employed workers still come with the help of an intermediary/pimp for whom they work and to whom they have to pay every day (big) amounts of money.
 
The mobility of the women has increased significantly. Due to the fact that the women (from new EU countries) can work freely and can choose the place they work, they are continuously on move while looking for new and better places to work. Some prostitution streets/towns that are known to be quiet and safe are used as a sort of “training camp” where women new to trade get affinity in prostitution so that they can move further to better places. Women are often moved by a pimp – if a woman does not earn enough money in one place, he places her in another prostitution place.
tampep newsletter 7 (nr.2, August 2006)
Position of sex workers in the official prostitution scene:
The women who work in the official prostitution scene are either Dutch nationals or aliens in possession of residence permit with permission to work or persons from the New EU countries who registered themselves in the Chamber of Commerce as self employed sex workers. Unfortunately, this last group of women, in spite of the fact that they can freely establish themselves as sex workers, still come with the help of the intermediaries with whom they have to share or give them all their earnings. There are also many women (Russian, Ukrainian, Albanian) whose work in the prostitution is being facilitated by international trafficking networks who supply the women with EU passports and control completely their situation and their earnings. (...)
Changes in the Sex Worker Population
The largest group of sex workers (about 70%) is still composed of women from CEE countries. Since the EU enlargement, more and more women from New EU countries are arriving in prostitution in the Netherlands. Last year the biggest group of newcomers have been from Hungary (often Roma) – they work in the window prostitution in most of the cities. The municipal policy with regard to their stay varies: in Amsterdam, they receive a permission for 3 months and after this they have to leave the town (or the country); in other towns they can stay as long as they want. They usually are in a position of dependency on third parties who organise their passage to the Netherlands and who strictly control the women. Another newcomers are the Bulgarian and Romanian women who used to work in the Netherlands before the EU enlargement and who had to leave the country in 2005. Having applied for and received from the Dutch Embassy the so-called MVV (promise to receive a (temporary) residence permit) they settle themselves in window prostitution. (...)
Op de website van de Rode Draad (www.rodedraad.nl) stond als reactie op het artikel van Menno Van Dongen in de Volkskrant (4 Mei 2007, 'Driekwart raamprostituees uitgebuit'):
Drie kwart van de prostituees op de Wallen zou onder de een of andere vorm van dwang werken. Wij zijn altijd huiverig voor het geven van percentages, maar we weten wel dat er veel mis is in de prostitutie. Wij weten dat in ieder geval veel Oost Europese prostituees onder toezicht van een pooier of een andere crimineel werken. Ook hebben wij twijfels over de zelfstandigheid van Afrikaanse prostituees. Wat wij eraan doen? Wij hebben informatie in vele talen voor vrouwen die hun situatie willen veranderen. We delen dat gemiddeld een keer in de maand uit. Wij zouden dat vaker willen doen, maar wij hebben beperkte middelen. Wij geven regelmatig signalen af van misstanden in de prostitutie en zijn ook een vraagbaar voor prostituees. (...)
Zie Onderzoeksrapport:Loverboys in Amsterdam van Bovenkerk (2004), over Oost-Europese prostituees op de Wallen:
Bij Oost Europese vrouwen zijn mannen op de achtergrond aanwezig die eerder als mensenhandelaar of controleur in dienst van de mensenhandelorganisatie functioneren. Toen een van ons samen met hulpverleenster Toos Heemskerk bij Oost-Europese meisjes aanklopten en binnenstapten (zie hoofdstuk 3), viel op dat de meisjes steeds binnen de twee minuten werden opgebeld. De bellers zaten waarschijnlijk aan de overkant in het café en hielden het raam in de gaten.

Ooggetuigeverslag van een prostituee in het Spijkerkwartier, uit het boek "Verlicht kwartier, 40 jaar Arnhemse Spijkerbuurt" uit 2003 door Kees Crone:

Ze schat dat er al met al nog honderd prostituees in de Spijkerbuurt actief zijn. Van hen is de helft zelfstandig zoals zij. De anderen zijn dat niet en hebben een betaalde beschermer (...)
Ze geeft toe dat het contact met buitenlandse vrouwen moeilijk is. De taal is een barrière. Oostblokmeisjes hebben ook allemaal een pooier en krijgen nauwelijks de kans met anderen te praten. Als ze het al proberen, krijgen ze snel met hem te maken. Een grote bek is het minste dat ze krijgen kunnen. Heel vervelend, vindt ze.

Anna Ziverte vertelt in haar boek 'Valse Belofte' (haar ervaringen waren uit 1995):

In de Pascale werkten veel Oost-Europese vrouwen en zijn namen ons direct in hun kring op. (...) In de loop van die week leerden we veel over het leven dat deze vrouwen leidden, welke pooier - iedereen had er één - goed was en welke fout, en hoe je het meeste geld kon verdienen en achterhouden. (...) Door de verhalen van andere vrouwen kregen wij het gevoel dat we het hadden getroffen met Ruud. Bovendien was hij vader en hij zorgde zo te zien goed voor zijn kind, zo heel slecht kon hij dus niet zijn. In elk geval werden wij niet geslagen en ook niet door hem misbruikt.

Nieuwsbrief SRTV, December 2003 (waargebeurd verhaal zoals vertelt door Jos Hermans van de Politie Noord- en Midden Limburg)

Andere meisjes kwamen uit Polen en Rusland. Natuurlijk ook uit Nederland en Duitsland maar dat waren ‘echte hoeren‘. Ze had met hen liever geen contact. Ze waren hard en probeerden altijd klanten van haar af te pikken.
Met hen had ze eigenlijk niet veel contact. Waarom ook…? Ze waren er allemaal om geld te verdienen en zo snel mogelijk weer naar huis te gaan. Daar kwam bij dat de meeste van hen een vriendje hadden. Kerels die niet echt vriendelijk waren. Ze wist wel dat dit gewoon pooiers waren. Niet meer en niet minder. Ze zag ook vaak genoeg dat er ruzie was omdat er te weinig geld binnen kwam en er klappen vielen. Ze was blij dat ze niet zo’n vriend had…

Meer over Oost-Europese (en Afrikaanse) prostituees in het rapport Tippelen na de zone(2005):

Oost-Europese prostitutienetwerken zijn heel mobiel en het kan zijn dat deze vrouwen eerder op een aantal tippelzones in andere Europese landen, zoals België, Frankrijk, Italië, Zweden en Duitsland, hebben gewerkt. De vrouwen die we nu sporadisch tegenkomen zijn niet bekend bij de hulpverlening en zijn uiterst moeilijk of zelfs geheel niet benaderbaar. Vaak zijn ze in gezelschap van een man, mogelijk hun pooier, en spreken ze zelf geen of weinig Engels. (...)
Oost-Europese en Afrikaanse vrouwen komen soms als groep, maar ook als ze individueel naar Nederland komen, blijken ze hier vaak gedwongen onderdeel te zijn van een netwerk dat van bovenaf is opgezet. Vooral Oost-Europese vrouwen zitten niet zozeer vast aan een locatie, als wel aan een zeer mobiel netwerk. De organisatoren besluiten welke locatie (of welke vorm van prostitutie) het gunstigst is op dat moment. Onder druk of dreiging van politieacties verplaatsen dergelijke netwerken zich soepel naar elders in Nederland of het buitenland en prostituees worden snel en vaak vervangen door andere vrouwen.

Dat laatste rapport waaruit ik citeerde is een beetje wazig trouwens, over Bulgaarse en Roemeense prostituees op de Theemsweg staat:

Afgaand op gegevens van organisaties die zich bezighouden met slachtoffers van vrouwenhandel, waaronder Humanitas (o.a. BlinN, 2004), en op informatie van de GG&GD (2003) uit de periode van de Theemsweg, waren Oost-Europese prostituees voornamelijk afkomstig uit Bulgarije en Roemenië. De meesten waren 18-20 jaar en kwamen zelfstandig en standvastig over. Volgens de arts die toen op de Theemsweg werkte en door middel van een tolk met deze vrouwen sprak, deden deze prostituees elke paar maanden een rondje langs de Europese steden.
Vreemd is dat, juist deze nationaliteiten (Bulgaars en Roemeens) komen veel voor op de statistieken van de Stichting Tegen Vrouwenhandel, terwijl er eigenlijk zo weinig van zijn in Nederland.
 
Maar in het begin van het rapport zijn ze 100% overtuigd dat alle Oost-Europese prostituees een pooier hebben wat ze redeneren:
De kans dat deze vrouw daadwerkelijk liep te tippelen, is erg klein. (...)
Bovendien was ze alleen, terwijl Oost-Europese vrouwen die in Amsterdam (proberen te) tippelen bijna altijd een man om zich heen hebben hangen die de boel in de gaten houdt. 

Ook Liesbeth Venicz beschrijft Oost-Europese prostituees in haar rapport "Achter de ramen, veldwerk onder raamprostituees in Groningen" (1998) (ze had contact met 25 Oost Europese prostituees: 8 Hongaarse, 6 Russische, 3 Poolse, 3 Tsjechische, 1 Slowaakse en 4 Joegoslavische)

De meesten zijn relatief jong, begin 20. Het aantal Oost-Europese vrouwen is in het afgelopen jaar het sterkst toegenomen. De meeste Oost-Europese vrouwen komen in eerste instantie via vrouwenhandelaren. De communicatie met hen is doorgaans moeilijk, omdat ze vaak nauwelijks vreemde talen spreken en niet altijd vrijuit durven praten. Hun contacten met de buitenwereld lijken meestal via de handelaren of bepaalde exploitanten te lopen. Deze afhankelijkheid van handelaren of exploitanten wordt nog versterkt door het feit dat ze hier maar kort zijn. Er is vaak een hele tournee voor ze gepland.
De Oost-Europese vrouwen die voor een tweede keer komen lijken meer hun eigen weg te gaan. Al valt op dat zij tijdens een hernieuwd verblijf in Nederland, net als veel jonge Nederlandse prostituees, nogal eens relaties aangaan met jongens uit het milieu die als pooiers werkzaam zijn.

Over prostituees op de voormalige tippelzone op de Theemsweg in Amsterdam wordt in het rapport "Evaluatie Tippelzone Theemsweg Amsterdam 2003" door Sander Flight, Yvonne van Heerwaarden en Eric Lugtmeijer:

Uit ander onderzoek komt naar voren dat de actuele aard en omvang van de vrouwenhandel op de tippelzone ernstig is te noemen, waarbij de betrokkenheid "van zowel daders als slachtoffers uit het Balkangebied groot is" [Niesten, I. en M. Rietveld, "Georganiseerde criminaliteit uit de Balkan: mensenhandel bij de Tippelzone aan de Theemsweg", Vrije Universiteit, Amsterdam, 2003]. Hierbij moet overigens worden opgemerkt dat sommige vrouwen zich niet of nauwelijks realiseren dat ze slachtoffer zijn van vrouwenhandel. (...)
De meeste Oost-Europese vrouwen zijn via een 'boyfriend' (pooier) werkzaam op de zone en dienen een flink percentage van hun inkomsten af te dragen. Meer dan de helft van de vrouwen wist van tevoren dat ze in de prostitutie zouden gaan werken. De anderen zijn onder valse voorwendselen naar Nederland gehaald. Een vrouw vertelde bijvoorbeeld dat ze er vanuit ging dat ze in de Nederlandse bloembollenkassen zou gaan werken. Een enkeling geeft aan via een vriendin te zijn getipt over het werk op de zone en zelfstandig naar Amsterdam te zijn gekomen.
Op basis van onze gesprekken ontstaat het vermoeden dat een groot aantal van de vrouwen niet veel te zeggen heeft over hun werk: ze beslissen niet zelf waar ze staan, hoe lang ze werken en hoeveel ze moeten afdragen. De snelle doorstroom op de zone doet ook ve rmoeden dat deze vrouwen na enige tijd elders te werk worden gesteld. Overigens viel op dat bijna alle vrouwen ook economische motieven hadden om naar Nederland te komen. Het merendeel van de vrouwen die wij spraken is moeder van een of meer jonge kinderen. Zij kiezen er voor op deze manier geld te verdienen voor hun kinderen en/of hun familie. Het geloof in een betere toekomst en een sterke overlevingsdrang maakt deze vrouwen heel krachtig. Het feit dat een pooier–vaak een bekende uit de woonplaats–een percentage van de verdiensten wil ontvangen, beschouwen ze als heel normaal en nemen ze op de koop toe. Ze verkeren ook in de veronderstelling dat, wanneer ze voldoende geld hebben verdiend, ze gemakkelijk met het werk kunnen stoppen.
Er moet bij dat laatste wel worden gezegd dat het hier gaat om Balkan-prostituees (Bulgarije, Roemenië).
 
Meer over de Theemsweg:
Artikel uit de Telegraaf over de Theemsweg (2004 , "Er zitten heel veel jonkies tussen...", door Marjolein Schipper)
Heleen Driessen, ja alweer een Heleen, is vanaf het prille begin medewerkster geweest van het HVO/Querido-project ´De Huiskamer´. Hier konden de vrouwen op adem komen en kregen zij zonodig hulp en medische verzorging. Driessen schreef het onlangs verschenen rapport ´Van Oost naar West, thuis best´ en concludeerde daarin dat ruim tien procent van de hoeren werd gedwongen tot prostitutie.
´Vanwege hun illegale status en de dreiging met gewelddadige wraakacties naar hun kinderen en familieleden in Oost-Europa, is de positie van de prostituee zeer zwak.´ Van de resterende tachtig procent ´vrijwilligen´ gaf twintig procent echter aan vóór de komst naar Nederland niet geweten te hebben dat ze in de prostitutie terecht zouden komen!

Verder worden er Oost-Europese prostituees beschreven op de tippelzone in Rotterdam in het rapport:Zie het rapport "Illegaliteit en minderjarigheid in de prostitutie een jaar na de opheffing van het bordeelverbod" door Goderie, Spierings en ter Woerds (2002):

Afhankelijk van de intensiteit van de politiecontrole verschijnen er bij tijd en wijle busjes met Poolse of andere Oost-Europese vrouwen die bij de zone worden afgezet om te werken. Die vrouwen worden goed in de gaten gehouden door bepaalde personen. Ze komen weinig of niet in de huiskamer. Uit de verhalen van een aantal respondenten is op te maken dat er bij deze Oost-Europese vrouwen sprake is van signalen van mensenhandel. Zo vertelde een van de mannelijke prostituees dat de Oost-Europese vrouwen in de gaten gehouden worden door mannen bij de ingang van de tippelzone. Laatst had hij even gesproken met een Roemeense vrouw die overstuur de huiskamer in kwam en die weg wilde bij haar pooier, omdat ze door hem geslagen werd.
Dieuwke Talma had 8 jaar lang haptonomie groepen voor prostitutees (Vrouwenmantel, 2003), ze liet geen drugsverslaafde prostituees toe. Over Oost Europese prostituees schrijft ze:
pagina 290:
Er is mij wel eens verweten dat ik alleen kennis heb gemaakt met de elite uit de wereld van de prostitutie. Hoewel dat niet helemaal waar is, begrijp ik die uitspraak wel. Ik heb inmiddels dertig jaar ervaring in de hulpverlening, maar heb nooit in de verslavingszorg gewerkt. Het ontbreekt me aan kennis en inzicht om verslaafde prostituees goed te kunnen begeleiden. Soms meldden ze zich wel, maar het liep vaak al heel snel mis doordat ze zich niet aan afspraken konden hielden.
Daarnaast maakte ik kennis met vrouwen uit Oost-Europa, gekocht, verkocht en tewerkgesteld in de prostitutie. Soms kwamen ze met twee of drie tegelijk, meegebracht door een van de vrouwen uit de groep. Dat heb ik het allerergste en allerzwaarste gevonden in mijn werk met prostituees; ik voelde en voel me daar vreselijk machteloos over. Er wordt genoeg over vrouwenhandel geschreven en veel mensen, organisaties en politici zijn ermee begaan, maar er verandert zo weinig.
De economische verleiding om op deze wijze over de rug van anderen rijk te worden is kennelijk te groot. De seksuele verleiding van mooie, goedkope en vaak jonge meisjes die een deel van de bordelen en tippelzones bevolken is kennelijk te groot. De politieke verleiding om onze eigen gezondheidszorg en veiligheid, ons eigen onderwijs voorop te stellen is kennelijk te groot. Vrouwenhandel is wereldomvattend, wordt dan gezegd, en is daarom zo moeilijk aan te pakken. Maar ergens moeten we toch beginnen ons medeverantwoordelijk te voelen voor zo veel meisjes en vrouwen die als slaven worden gebruikt en uitgebuit?
Het lijkt erop dat deze vorm van prostitutie door het bordeelverbod verder ondergronds is gegaan. De vrouwen die ik sprak, waren vaak bang en schichtig. Ze waren immers niet vrij om te gaan en staan waar ze wilden? Als lijfeigene van hun pooier mochten ze hoogstens nu en dan eens winkelen met een vriendin. De werktijden en -omstandigheden zijn vaak onmenselijk. Soms zaten ze met een kapot gezicht en schorre stem tegenover me en vertelden ze over hun land, hun familie, en over prostitutie als enige mogelijkheid om geld en bestaansrecht te verwerven.
Er is ook een uitgebreid rapport over de mensenhandel genaamd "Mensenhandel vanuit Centraal- en Oost-Europa" (1997, afdeling Advies en Informatie, IRT-NON Internationaal Politie-instituut Twente, Universiteit Twente):
pagina 36:
Tabel 3 : Aantal aanmeldingen als cliënt bij STV naar land van herkomst
 
 
1990
1991
1992
1993
1994
1995
1996*
 
 
 
 
 
 
 
 
Polen
0
2
19
10
15
8
6
Tsjechië_en_Slowakije
0
7
3
7
32
37
4
Hongarije
0
0
0
2
3
2
1
Baltische Staten
0
0
0
1
2
3
21
Oekraïne
0
0
1
14
24
24
14
GOS*
0
0
1
3
24
14
4
 
 
 
 
 
 
 
 
subtotaal
0
9
24
37
100
88
50
 
 
 
 
 
 
 
 
Voormalig Joegoslavië
0
1
4
4
4
8
5
Roemenië en Bulgarije
1
0
3
5
7
13
6
 
 
 
 
 
 
 
 
Azië
?
?
12
10
13
5
?
Afrika
?
?
5
5
8
7
?
Latijns-Amerika
?
?
17
18
25
20
?
Elders
?
?
5
0
5
9
?
 
 
 
 
 
 
 
 
totaal
1
10
70
79
162
150
61
 
 
*1996 = tot en met Augustus
Bron: Register Stichting Tegen Vrouwenhandel.
 
Duidelijk blijkt dat het aantal vrouwen uit Centraal-Europa dat zich als slachtoffer aanmeldde, na 1991 snel is toegenomen; het aantal vrouwen uit Oost-Europa dat zich meldde, nam vanaf 1993 beduidend toe. De laatste jaren komt ongeveer 60% van de aanmeldsters uit deze gebieden.
Nadere beschouwing leert dat er duidelijke tijdvakken zijn (in de tabel gearceerd weergegeven [maar in dit geval heb ik de cijfers rood aangegeven omdat het arceren op punt.nl op een of andere manier niet werkt]) waarin veel vrouwen uit eenzelfde herkomstgebied zich aanmeldden. Deze periodes houden te lang aan om verklaard te kunnen worden door incidenten als politieacties. De verschuivingen sluiten aan bij de volgorde waarin de landen werden geconfronteerd met economische achteruitgang, inflatie en werkloosheid. Eerst was Polen herkomstgebied, daarna Oekraïne, vervolgens Tsjechië, Slowakije en het GOS en tenslotte de Baltische staten. Opvallend is dat de aanwas vanuit Oekraïne in tegenstelling tot die uit andere landen een duurzaam karakter heeft. Gezien de uitzonderlijke ontwikkeling van Oekraïne (vrijwel geen privatisering, hoge inflatie en minimale werkloosheid) kan dat erop wijzen dat het niet de werkloosheid maar vooral de inflatie en de daaraan verbonden daling van het levenspeil is die het in de hand werkt dat vrouwen uit deze regio slachtoffer van mensenhandel worden.
pagina 61:
de slachtoffers beschikten over vervalste reis- en verblijfsdocumenten. Zoals uit tabel 18 op pagina 63 blijkt, is het gebruikelijk dat mensenhandelaren de paspoorten van hun slachtoffers afnemen. Met name de groothandel en de ingenestelde organisaties blijken over kanalen te beschikken om de vrouwen vervolgens vervalste documenten te verstrekken. In een onderzoek kon worden vastgesteld dat Russische vrouwen systematisch voorzien werden van Poolse paspoorten met een Poolse identiteit om hen zo aan de visumplicht te onttrekken. Vit het onderzoek blijkt dat, zelfs als vrouwen over een geldig paspoort beschikken en vrijwillig met de handelaar in zee gaan, hen vaak het eigen paspoort wordt afgenomen en een vals of vervalst exemplaar wordt verstrekt. De achterliggende bedoeling is de bewegingsvrijheid van de vrouwen in te perken en hen te compromitteren.
pagina 64:
De cijfers in deze vier tabellen [tabel 13-16] weerspiegelen natuurlijk in zekere mate de activiteit van de lokale politie. Zo is duidelijk te zien dat de afgelopen jaren met name de regiokorpsen Limburg-Noord en Amsterdam- Amstelland veel opsporingsonderzoeken naar mensenhandelaren hebben verricht. Anderzijds mag aan het nagenoeg ontbreken van slachtoffers in de escortprostitutie niet de conclusie worden verbonden dat daar waarschijnlijk geen mensenhandel voorkomt: de politie heeft namelijk niet de bevoegdheid om escort bureaus te controleren.
Met inachtneming van deze beperkingen kunnen enkele voorzichtige conclusies worden getrokken. Mensenhandel komt vooral voor in de club- en raamprostitutie. De daders verkiezen niet een speciaal segment op grond van hun herkomst. Daarentegen blijken slachtoffers uit Centraal-Europa vooral in de clubprostitutie terecht te komen en slachtoffers uit Oost-Europa vooral in de raamprostitutie. In de straatprostitutie wordt alleen een klein aantal daders en slachtoffers uit Centraal-Europa aangetroffen; Oost-Europese daders en slachtoffers ontbreken daar volledig. Alleen onder de vrouwen die zich bij STV aanmeldden, waren er enkele uit Oost-Europa die op straat aan het werk waren gezet.
pagina 77:
Het is inherent aan criminaliteit dat haar omvang moeilijk kan worden vastgesteld. Een deel waarvan de grootte onbekend is, het zogenaamde dark number, onttrekt zich altijd aan het zicht van de registrerende instantie.
Met de beschikbare gegevens is geen betrouwbare schatting van de werkelijke omvang van de mensenhandel vanuit Centraal- en Oost-Europa in Nederland te maken, zoveel is duidelijk. Nalaten zou echter ook iets te gemakzuchtig zijn. Op deductieve wijze kan een schatting worden gemaakt. Dit gaat als volgt. In Nederland werken zo'n 25.000 mensen in de prostitutie. Zo'n 60% van deze prostituees werkt in de raam- en de clubprostitutie, de sectoren waar mensenhandel zich in overwegende mate voordoet, ofwel 15.000 vrouwen. Van hen komt ongeveer 40% van buiten de Europese Unie, ofwel 6000 vrouwen. Daarvan komt weer een derde momenteel uit Centraal- of Oost-Europa, ofwel ongeveer 2000 vrouwen. Het leeuwendeel van deze vrouwen werkt in de slechte arbeidsomstandigheden die in de vorige paragraaf werden geschetst. Zij hebben een relatief zwakke positie tegenover de bordeelhouder, krijgen vaak minder dan de gebruikelijke 50% van hun verdiensten en hebben meestal geen legale verblijfsstatus. Maar daarmee zijn zij nog geen slachtoffer van mensenhandel. Bij het schatten van het daadwerkelijke aantal slachtoffers onder deze 2000 vrouwen kan bij gebrek aan betere maatstaven slechts afgegaan worden op de indruk van politiemensen die de zedencontroles uitvoeren en onze eigen indrukken. Als dan het criterium van het Nederlandse vervolgingsbeleid als maatstaf wordt genomen, d.w.z. of de vrouw in een onmondige positie verkeerde toen zij in de prostitutie werd gevoerd, dan is naar onze indruk een kwart van hen slachtoffer van mensenhandel, oftewel 500 vrouwen. Als het voorts juist is dat verhandelde vrouwen gemiddeld zo'n drie maanden aan het werk worden gehouden, zou het jaarlijks in Nederland om zo'n 2000 slachtoffers uit Centraal- en Oost-Europa gaan.
Uit het "Verslag project Vertrouwensvrouw voor prostituees 2005 t/m 2007". Oké, deze quote vind ik belangrijk. Een Roemeense wordt naar eigen zeggen door "handelaren" naar Nederland gebracht, die elke dag het geld komen ophalen, maar toch krijgt ze fifty/fifty? Dwang en vrijwilligheid liggen dicht bijelkaar.
pagina 4:
Sunny is een Nederlandse, van oorsprong Roemeense vrouw van 30 jaar.
Zij vertelt: ”ik was 13 toen ik wegliep van huis en ik ging niet meer naar school. Ik had allerlei (geheimzinnige) baantjes en was al jong met mannen bezig. Twaalf jaar geleden kwam ik via een netwerk van handelaren in Den Haag werken. Ik voelde mij geen slachtoffer, wij hebben de grote baas nooit gezien, wij kenden alleen zijn naam. Zijn hulpjes kwamen elke dag het geld ophalen Wij werkten in een straat in Den Haag waar destijds alleen Latijns Amerikaanse vrouwen werkten. Dus wij, als enige jonge Roemeense vrouwen in die straat, verdienden geld als water. Wij hadden een fiftyfifty deal met de grote baas, maar hielden dan toch nog heel veel geld over voor ons zelf. Op een dag kwam de politie in de straat en die heeft ons allemaal meegenomen naar het politiebureau. Daar waren nog 20 andere Roemeense vrouwen. Ik wilde geen aangifte doen. Op het bureau hoorde ik dat de grote baas was opgepakt en ik moest huilen. Wij werden op het vliegtuig gezet en terug naar Roemenie gevlogen. Toen ik daar twee weken was en mij rot verveelde en geen geld kon verdienen, ben ik met een vriendin opnieuw uit Roemenie weggegaan en via via in Amsterdam aangekomen want wij durfden niet meer naar Den Haag. Ik heb een man leren kennen en ben met hem getrouwd. Ik heb een kind gekregen en ben inmiddels weer gescheiden. Mijn ex liet contracten van leningen op mijn naam laten tekenen toen ik nog niet goed Nederlands kon lezen, waardoor ik nu met een enorme schuld zit. Ik werk om mijn schulden af te lossen maar dat gaat langzaam want het werk verdient niet meer zo goed als vroeger, ik verdien nu veel minder en betaal veel belasting. Ik wil dit werk nog een tijdje blijven doen want ik wil mijn kind het beste geven en van een negen tot vijf baan kan ik niet leven”

Uit het archief van www.nrc.nl (zonder aanhalingstekens!):
Pezen voor je leven; Vrouwenhandel neemt toe, vooral vanuit Oost-Europa
Alfred van Cleef
Zaterdag 17-06-1995
(...)
 
Het komt vaak voor dat een buitenlandse prostituée van haar verdiensten de helft of meer moet afdragen aan een 'vriend' of beschermer. Otten: ["]Veel clubeigenaren hebben het liefst meisjes met een pooier. Want die werken tenminste. Hebben ze geen zin, dan krijgen ze een dreun, zo zit dat.["] Zelf wil hij geen pooiers over de vloer. ["]Je weet gewoon wat voor kerels dat zijn, het straalt ze van de bek af. Zeg nou zelf, hoe veel fatsoenlijke pooiers zijn er nu? Als mijn meisjes toch onder de plak van een pooier zitten, gaan ze eruit. Onherroepelijk. Toch is het makkelijk om de kerels altijd de schuld te geven. Kijk, je hebt drie categorieën meisjes: gisse, domme en zeer domme. Ik heb pas nog meegemaakt dat een van de meisjes hier eindelijk van zo'n kerel af was. Gaat ze een week later toch weer naar hem terug en grijpt hij dat mokkeltje bij de strot. Dat meisje moest van mij weg.["]
 
(...)
 
Prostitutie is allang niet meer geconcentreerd in de grote steden. ["]Alleen al in Noord-Limburg bevinden zich 58 geregistreerde bordelen, tegenover 63 in Amsterdam["], aldus projectleider J.H. Hermans van het team Onderzoek Mensenhandel van de regiopolitie Limburg-Noord. ["]En dan heb ik het nog niet eens over escortservices, raamprostituées, huisvrouwen, tippelaars en homo's["]. Hermans' team doet gerichte invallen in Limburgse bordelen waarvan een vermoeden bestaat dat er vrouwenhandel in het geding is. Wat hij bij die invallen aantreft noemt hij buitengewoon alarmerend. ["]Ik durf te beweren dat zeventig procent van de prostituées in Noord-Limburg slachtoffer is van vrouwenhandel. Meisjes die gedrogeerd in de kofferbak zijn gestopt, minderjarigen, Russinnen met valse Poolse paspoorten.["]
In veel clubs zijn de prostituées volgens Hermans totaal geïsoleerd. ["]Ze wonen daar intern: soms met twintig vrouwen in een pand met maar zes kamers, waar ze ook nog hun klanten moeten afwerken. Ze spreken alleen maar een Litouws dialect of Slowaaks, mogen nooit naar buiten, worden steeds overgeplaatst en moeten permanent werken, ongesteld of niet. Condooms worden vaak niet gebruikt, steeds meer van die vrouwen lopen geslachtsziektes op. Bij ziekte worden ze gewoon gedumpt: weg, opdonderen. Ze worden als vee behandeld, als gebruiksvoorwerpen. Het merendeel zit met gigantische schulden: de afbetaling van hun zogenaamde visum en het transport. Ik heb voor dit alles maar één woord: slavernij.["]
 
(...)
 
Een twintigtal vrouwen deed aangifte van vrouwenhandel in de zaak tegen de Nederlander H.B., die inmiddels in een Tsjechische cel zit. 'De zaak H.B.' is het paradepaardje van Hermans en zijn team. H.B., voormalig eigenaar van sexclub Paradiso in het Limburgse Haelen, wordt ervan verdacht vele tientallen vrouwen uit Tsjechië en Slowakije te hebben geronseld, met als bestemming bordelen in Nederland, Duitsland en Italië. Tussen neus en lippen laat Hermans zich ontvallen dat H.B. vice-voorzitter was van de Vereniging van Exploitanten van Relaxhuizen. Voorzitter Klein Beekman: ["]Geen vice-voorzitter, wel bestuurslid. Dat klopt. Nu is hij geroyeerd. H.B. was ook ex-politieman["], kaatst Klein Beekman de bal terug. Hetgeen bevestigd wordt door de regiopolitie Limburg-Noord. ["]Maar dat was wel lang geleden["], zegt de woordvoerder.
 
(...)
Uit het archief van www.nrc.nl
IND: prostituees niet zelfstandig
Door een onzer redacteuren 
Donderdag 15-10-1998
(...)
 
Acht van de tien Oost-Europese prostituees die op de Amsterdamse Wallen werken, zijn het slachtoffer van vrouwenhandel. Dat stelden twee politieambtenaren gisteren voor de Amsterdamse rechtbank tijdens de behandeling van het beroep van zes Oost-Europese prostituees tegen de afwijzing van hun verblijfsvergunning door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). De vrouwen willen zich in Nederland vestigen als zelfstandig ondernemer, maar de IND gelooft niet dat ze daadwerkelijk zelfstandig zijn. Daarom weigerde de IND tot twee keer toe een verblijfsvergunning. Volgens rechercheur H. Florie van het Sfinx-team dat de afgelopen maanden onderzoek deed naar vrouwenhandel op de Amsterdamse Wallen, komen de meeste Oost-Europese prostituees met valse papieren naar Nederland. "De meisjes zijn meestal laag opgeleid en naief en zijn een gemakkelijke prooi voor vrouwenhandelaren. Ze hebben vaak schulden, omdat ze de handelaren moeten terugbetalen voor een vals paspoort en de reis naar Nederland', aldus Florie.
 
Volgens de politieman is het moeilijk om bewijs te verzamelen tegen de vrouwenhandelaren omdat veel slachtoffers geen verklaring durven af te leggen. "Niet alleen de vrouwen zelf worden bedreigd, maar ook hun familieleden in het buitenland', zei Florie. Ook zijn chef, commissaris T. Eeken, betwijfelt of de vrouwen daadwerkelijk zelfstandig werken. Volgens hem hebben ze haast nooit geld, terwijl ze toch vijfhonderd tot duizend gulden per dag verdienen. Bovendien zijn er volgens Eeken altijd `beschermers' in de buurt. Daarom gaat hij ervan uit dat de prostituees hun verdiensten moeten afdragen.
 
(...)

zie vervolg:
Lees meer...
 
Ik wil in deze log al mijn kansrekeningtrucs laten zien.
 
Eerst de symbooltjes:
 
Ik gebruik het symbool * voor vemenigvuldigingen.
 
/ gebruik ik voor delen.
 
√ betekent het wortel-teken. Let goed op de haken. Als ik schrijf
√(x*y*z/2) dan bedoel ik dat je eerst x*y*z/2 moet uitrekenen en dan de wortel eruit moet trekken.
 
is een optel-afkort-symbool. Als ik schrijf:
 N
(Ai)
 i=2
 
Dan bedoel ik dat je de verschillende elementen van A bijelkaar optelt vanaf element 2 tot en met element N. Let ook hier goed op waar ik de haakjes zet.
 
∂is het symbool dat ik gebruik voor de afgeleide. Als ik schrijf:
∂Y/∂X dan bedoel ik wat de verandering is van Y per een oneindig kleine verandering van X. Als het verband tussen Y en X zo is dat:
Y=X
dan is ∂Y/∂X=1
 
Als
Y=X2
dan is ∂Y/∂X=2*X
 
Als
Y=Xb
dan is ∂Y/∂X=b*Xb-1
 
Als ik eerst deel en dan vermenigvuldig bijvoorbeeld in:
A / B * C
dan bedoel ik dat ik dus ook eerst A deel door B en dan het getal dat daaruit voorkomt vermenigvuldig door C.
 
Waar ik veel gebruik van maak is de standaarddeviatie. Stel je hebt een steekproef N en je heb een reeks van getallen Ai. En Am is het gemiddelde van de reeks Ai. Dan is de standaarddeviatie gelijk aan:
 
Standaarddeviatie=
     N
√((Ai- Am)2 ) / √(N-1)
      i=1
 
waarin
         N
Am= Ai / N
           i=1
 
De standaarddeviatie is de mate van spreiding. Het zegt feitelijk dat voor ongeveer 68 procent van de gevallen de waardes van Ai liggen tussen:
Am - standaardeviatie en
Am + standaardeviatie.
 
Wanneer je wilt weten wat de foutwaarde van het gemiddelde is dan neem je:
1,96 * standaarddeviatie/ √(N)
 
Dit getal houdt in dat er een waarschijnlijkheid van 95 procent is dat het werkelijke gemiddelde ligt tussen:
Am - foutwaarde en
Am + foutwaarde.
  
Wanneer je een steekproef hebt van N en je constateert dat van die N er een aantal van B een bepaald kenmerk hebben dat is het percentage van N dat dit bepaalde kenmerk heeft gelijk aan:
  
B/N * 100%
  
De foutwaarde hierin is bij zeer goede benadering gelijk aan:
  
1,96/2 * √(1 – 4*(B/N – 0,5)2 ) / √(N) * 100%
  
Dus er is een 95 procent waarschijnlijkheid dat de waarde ligt tussen:
B/N*100% - foutwaarde en
B/N*100% + foutwaarde
 
Stel, je hebt de functie:
Z=f(X1,X2,X3....XN)
 
En je weet van alle X'en de foutwaardes, die noem ik σXi. Dan is de foutwaarde van Z gelijk aan:
            N
σZ = √((∂Z/∂Xi * σXi)2)
              i=1
 
...en dan de p-waarde....
 
hééé, eigenlijk heb ik die tot nu toe nooit gebruikt. Stel je hebt 2 getallen met ieder hun eigen foutwaarde. Dan wil je weten of het verschil significant is. De p-waarde is de kans dat zeg maar het getal dat het hoogst is door de foutmarges van beide getallen onder het andere getal komt te liggen, of omgekeerd, de kans dat het laagste getal door de foutmarges van beide getallen boven het andere getal komt te liggen (geloof ik). Het is heel simpel om dat uit te rekenen. Gewoon het verschil van elkaar nemen, de foutwaardes kwadrateren en bijelkaar optellen, en de wortel eruit trekken. Dan dat getal dat eruit komt delen door het verschil, en in een tabel kijken .........
 
 
In ieder geval dit gedeelte op mijn weblog is zinloos, gewoon nooit nadenken en op internet googlelen op het trefwoord statistiek.
Lees meer...   (1 reactie)
 
Op deze pagina staat de lijst met casussen die ik heb bestudeerd. De resultaten van mijn analyses staan in:
 
De Casussen
#1:Slowaakse X. (2003?), 8 maanden geëxploiteerd, bron:3de rapportage van de nationaal rapporteur. bron (pagina 116)
#2:Poolse Z. (2003?),  1,5 maanden geëxploiteerd, bron:3de rapportage van de nationaal rapporteur. bron (pagina 116)
#3:Latijns Amerikaanse R. (2003?),  enkele weken geëxploiteerd, bron:3de rapportage van de nationaal rapporteur. bron (pagina 127)
#6:Brabants dagblad (14 Maart 2006), raam en tippelzone, werkte 6 jaar, voor een loverboy, begon op haar 19e, cocaine, was tandartsassistente, moslim? (heeft het ook over een lotgenote), sporen van geweld, Bron:Bericht uit Brabants Dagblad, door Fleur Besters, Dinsdag 14 maart 2006 - Den Bosch
#7:Lydia ("Uit het leven", Rob Verhulst), Kroatië, nu 26 (1993), sinds 1987 raamprostituee in Amsterdam. Werkte 2 jaar voor pooier.
#8:Anna Ziverte. 22 jaar in 1997. 3 maanden geëxploiteerd. Club en escort. Rechtenstudente. "Valse Belofte" en is dezelfde als Catya in Nieuwsbrief SRTV, Dec 2002 en ook dezelfde als Maria in dit artikel. Trouwens ook dezelfde als in dit artikel. Zie trouwens ook: radio-interview en dit andere radio-interview.
#9:"Loverboy draait door na coke". 21 (Januari 2005). Zwolle. 10.000 euro per maand. Thuis-prostitutie. Bron is onbekend. bron
#10:Tatjana, 23(2004), Bulgarije (volgens het boek 'Valse Belofte' van anna Ziverte), drie maanden geëxploiteerd. bron Tatjana werkt bij Atalantas.
#12:Eva (nu 30), escort, 19 (jaar onbekend, 4 jaar geleden gestopt, 11 jaar voor 2005?), dus 7 jaar erin, Scharlaken Koord. bron en andere bron
#13:Paula (andere meisjes gebruiken cocaïne), clubs, bron SRTV
#14:Irena, OE, Leeuwarden, ramen, 18 November 2003, op 15 jarige leeftijd gedwongen in de prostitutie, op 19-jarige leeftijd eruit, 4 jaar erin. bron:Friesch Dagblad, 18 November 2003. bron
#15:Marina (niet die van Hopkins), Rotterdams bordeel, 24-3-2005, Bulgarije, 19 jaar. bron
#16:Marina (van Ruth Hopkins), raam, 13 September 1995, in 23-9-2002 35 jaar, Oekraïne, Spuitstraat Amsterdam, anderhalve maand (volgens radiouitzending). Bron: Trouw, 2002-9-2002
#17: ("mijn neef bracht me hier, mijn man werd mijn klant", Nederlands Dagblad, 7 Mei 2005), Anita (25), Litouwen, clubs, een aantal jaren
#18: ("mijn neef bracht me hier, mijn man werd mijn klant", Nederlands Dagblad, 7 Mei 2005), Yvonne, clubs
#19:PTSS Mariëlle, in 2004 15 jaar, in Februari 2003 gedwongen tot prostitutie, enkele maanden. bron
#20:Mimie, straat, 14 jaar, enkele maanden (minstens 2), 2 April/Mei 2004. bron
#21:Sanne, 18, 1998, club (paar dagen in België),raam, paar weken. Staat in scholieren-rapport. bron Haar moeder heet: Mineke van der Flier. Zie ook: Telegraaf, 4-10-2006, "Wat een horrorfilm". bron en "Almeerse deelt loverboy ervaring", Almere-vandaag, 29-9-2006. bron. Zie ook PREMtime aflevering 25 20-1-2004: zie hier. Zie ook uitzending op omroep MAX:bron
#22:Svetlana, vanaf haar 15e in het buitenland, 16e zwanger, hierna verder als straatprostituee in Nederland, jaren voor haar loverboy gewerkt, onbekend hoe lang, in 17-12-2003 is ze 25. Bron:'Ik was 15 en wist niet dat hij me misbruikte'. Algemeen dagblad, 17-12-2003
#23:'Gevangenisstraf voor loverboys'. maart-2003, 16 jaar, NL?, Bron:ANP 24 Februari 2004
#24:'Gevangenisstraf voor loverboys'. maart-2003, 17 jaar, NL?, Bron:ANP 24 Februari 2004
#26:Irvana, Wit Rusland, Minsk, nu 23, 28 Juni 2002, wanneer?, voor 2000, bron: Tribune (SP), 28 Juni 2002. bron
#27:Katka, nu 21(Januari 2000), Tsjechië, toen 18 (11-2-1996),club,bevrijd in Januari 1997. Artikel van Femke van Zeijl, Opzij, Januari 2000. bron
#28:Maria ("ga je mee schat?", van Bart Voskuil en Henk Ruigrok), artikel van 1998 (toen begin 20), een paar jaar daarvoor (Gok 1996),Polen, werkte achter ramen in Den Haag
#29:Sara (zorg na mensenhandel, van Prostitutie Maatschappelijk Werk), 2 jaar voor 2003, Nigeria, tippelzone, $50.000 schuld, 3 maanden. bron
#30:Brigitte,NL,raam,nachtclub,van haar 18e tot haar 24e in sekswereldje, eerst strippen, na half jaar in de prostitutie, 1e loverboy nachtclub, 2e en 3e loverboy raam, boekje 'verslingerd aan een man' uit 2001. bron
#31:Katya, Engelstalig artikel, raamprostitutie, jarenlang gedwongen (eerst in Duitsland, begon in de zomer van 1996), Tsjechië. bron en een andere bron op humantrafficking.com (polaris project) bron. Wordt ook genoemd in Cape Cod Times "Humans for Sale - United Nations should follow U.S. lead in reducing the trafficking in human persons" (9-2-2004), bron, en in "Ik haatte de mannen die bij me kwamen", Reformatorisch Dagblad, Boekbespreking over het boek "Hoop - het verhaal van Diana" (2007, Fouchina Catherina) bron.
#32:Kirsten, op haar 18e, raam, NL, aantal jaren voor 2 pooiers. Zie "Rode Lantaarn"
#33:antislavery-rapport, Katya, Oost Europa, aantal maanden. bron
#34:antislavery-rapport, Anna, Oost Europa, aantal maanden. bron
#35:antislavery-rapport, Natasha, Oekraïne, club. bron
#36:antislavery-rapport, Angelina, Oekraïne, club. bron
#37:antislavery-rapport, Masha, vml Sovjet unie, vier maanden, club. bron
#38:"Jeugdprostitutie, een publiek geheim" (van Anke van Dijke en Linda Terpstra), Felice, NL, 17 (boek van 2004), tippelzone, 2 dagen
#39:Publiek geheim, Sjama, net 18, een maand, (boek van 2004, negen maanden daarvoor), Marokkaans,raam
#40:Publiek geheim, Lile, toen 17, 3 jaar geleden, Kameroen, 4 maanden, maar het grootste deel in Kameroen, zelf, een week in Nederland
#41:Publiek geheim, Miranda, toen 17, 1,5 jaar lang (eerst 1.5 jaar alleen relatie, op 18,5 pas in prostitutie),tippelen,raam,club, NL
#42:Publiek geheim, Jennifer, nooit gewerkt!!, bijna in een club en bijna als escort, 15, NL
#43:[geheime prostituee], was 7 jaar voor 2005, 14 jaar erin, raam, toen 21
#44:Lovergirl op hookers.nl, 2 jaar gedwongen op de Wallen, verschijnt ook op lover-boy.nl, had 3 jaar een relatie. bron
#45:CarmenElectra. 19-7-2005 (op hookers.n), korte periode in verschillende clubs
#46:Natiba, Guinee, artikel van 2005, toen 21 (2005), was 18 toen ze 3 jaar geleden naar Nederland kwam, huisprostitutie? Ik weet het niet. bron
#47:Patience, in 2005 uitgezet (10 maart 2005 werd ze aangehouden), was 22 toen ze hier kwam (in 8 December 2000), Nigeria, raam, club. bron Nieuw Revu, 4-10 Januari 2006, nr. 4, "Illegaal in Nederland, van sexslavin tot paria"
#48:Rechtenstudente, eerstejaars (dus 19?), waarschijnlijk 2003, NL, Wallen, raam. bron: Jaarverslag Scharlaken Koord 2003
#49:"Jaar cel geëist tegen Eindhovense loverboy", medio 2002, 18, 15 dagen, Wallen, raam, Eindhovense. Bron: Woensdag 6 April 2004. Eindhovens Dagblad. bron
#50:voorjaar 2002, Wallen, Antwerpen, raam, "24 maanden voor loverboy". bron: Eindhovens Dagblad 2004. bron
#52:15, tippel, Tussen 18 maart en 27 april [2004], 40 dagen dus. bron: "Loverboy achter de tralies", bron: AD. bron volgens mij rechtszaak LJN: AR3536, zie www.rechtspraak.nl
#53:16, tippel, Tussen 18 maart en 27 april [2004], 40 dagen dus. bron: "Loverboy achter de tralies", bron: AD. bron (eigenlijk dezelfde casus als 52)
#54:nu 25(boek "I never thought this would happen to me" uit Juni 1998 door Molina Fanny Polanía en Marie-Louise Jansen) Colombia, club, eerst Den Haag, 1 jaar, minstens 2 jaar geleden, want zolang zit ze nu in haar huidige raam.
#55: Het begint net ja de jaarwisseling 2002 (uitzending van 26 Januari 2006). Maria, Rusland, Netwerk, 26 jaar, uit het Zuiden van Rusland, na 3 maanden wordt ze bij een controle door de politie in de club opgepakt, na 30 dagen cel weer op straat gezet, dit keer moest ze op de tippelzone werken. bron: Netwerk, 26 Januari 2006. bron
#56: Ilse, raamprostitutie Alkmaar, boek uit 2006, een jaar geleden, toen 18, nu 19, bron:"Loverboys en moderne pooiers" van Frank Bovenkerk e.a.
#57: Mieke, thuis (huis van pooier), twee jaar geduurd (inclusief prostitutie), eindigde 1 jaar terug, bron:"Loverboys en moderne pooiers" van Frank Bovenkerk e.a.
#58: Larissa, is 20 (artikel uit 2005), was 14, …..5 jaar lang (eerste 4 maanden geen prostitutie), illegaal privé-huis. bron
#59: Barbara, is 22 (artikel uit 2005), was 14, bij hem thuis, parkeergarages, 2 jaar lang. bron
#60:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Zarita, Joegoslavië, club(Den Haag, 3 weken?), raam(Geleenstraat, duur???), proces in Augustus 1992
#61:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Tip, Da, Tina, 5 verschillende vrouwen, maar ik behandel ze als 1 omdat hun verhalen sterk op elkaar lijken.(club,uit Thailand, Januari '91 bevrijd, maanden geëxploiteerd)
#62:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Theresa(Colombia,sexclub,later voor zichzelf zwanger achter raam, na 7 maanden zwanger gestopt, bar cinderella)
#63:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Conchita(domicaans,raam/club, 27 jaar, achter het raam - een aantal maanden - , 2 weken in de club)
#64:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Ana, 26 (boek uit 1993, moet toen 18 zijn geweest), Dominicaans, 3 jaar geduurd, Sietske sprak haar in 1988, gebeurde in 1985 (in het buitenland nog), eerst seksclub (buitenland), deels ook in buitenland, in Nederland alleen achter raam (Poeldijksestraat) en in hotels
#65:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Marcia, 27, Colombia (daar al prostituee), trek van haar leeftijd ook maar 6,5 jaar af)
#66:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Victoria, 27 (1993), Oktober 1989 rechtszaak, Dominicaanse, raam
#67:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Kasha, 22 (toen) club (miljardair), twee maanden, rechtszaak op 6-9-1991
#68:"Dossier Vrouwenhandel NL" van Sietske Altink (1993) - Nedya, Marokkaans (geen Nederlands staatsburger), 1 jaar, 27 (boek uit '93), club
#69:Anne, 16 (Rapport uit 2005), tippelzone, NL, bron: "Inzicht in de Uitbuiting", ECPAT. bron
#70:Roemenie, 15 (rapport uit 2005), club (opmerkelijk, zegt 19 te zijn en uit Spanje). bron
#71:Wicky's weblog, Liliana, Moldavië, 1,5 jaar, eind jaren 90, ik weet de oorspronkelijke bron niet: Wicky's weblog
#72:"Bossche rechtbank:Recordstraf voor Eindhovense loverboy", NL/Colombiaanse (geadopteerd), club in Woensel, 2002 en 2003, 17 jaar, bron: Eindhovens Dagblad, 15 September 2005. bron Zeer waarschijnlijk dezelfde als in "Loverboys, een publieke zaak" (2005). Samir D. buit een minderjarig geadopteerd Colombiaans meisje uit in de prostitutie. Het meisje werkte eerst in een club, daarna ook achter raam en op straat. Hij zit 5 maanden in voorarrest. Volgens Samir werkte het meisje al in de prostitutie.
#73:'Ik laat je nooit meer gaan' van Ruth Hopkins (2005), Silda, Albanië, in 1998 ontvoerd uit Albanië, in België, Italië en Nederland aan het werk gezet,  17 Mei 2001 ontsnapt (ontvoering in scène gezet) is dan 19, was 14 toen ze voor het eerst werd ontvoerd (naar Griekenland, 6 maanden in een koffiebar), sinds begin 1999 in België, sinds november 1999 in Nederland (toen 17), eerst tippelzone Theemsweg, raamprostitutie (Zandpad, Italiaans paspoort)
#74:'Ik laat je nooit meer gaan', Yulia, April 2004 5 maanden zwanger (was 15), Bulgarije (Roma), toen ze werd verhandeld was ze 14, in (o.a.) Juli 2003 op tippelzone, werkte ook in het huis van haar pooiers. Sinds April 2003 in huis. Ontsnapte September 2003
#75: 'Ik laat je nooit meer gaan', Raisa, bordeel kwam in aanmerking voor een vergunning, club, 19 (in November 1999 toen ze werd verhandeld), op 10 Augustus 2000 kwamen ze weer onder controle van pooiers (daarvoor 2 maanden zelfstandig gewerkt), Oekraïne
#76: 'Ik laat je nooit meer gaan'. Stella, Roemenië. In mei 1998 aan Sony geleverd, club, werkte vanaf 15 Juni 1998 tot 31 Juli 1998
#77: 'Ik laat je nooit meer gaan'. Lisa, 2 weken voor haar 19e verjaardag ging ze dood. Overleden, 11 September 2003(?). Op haar 17e verkracht door haar neef die haar op straat dwong te werken. Woonde een jaar met Achmed (loverboy) samen. Voor verschillende loverboys op de Wallen.
#78: DVD Scharlaken Koord (Jong), Fiona, 7 à 8 maanden gedwongen als prostituee op de "tippelbaan". Tippelzone. 2 jaar voor 13 Februari 2003 (uitzending over Muriël en Daniëlle)
#79: DVD Scharlaken Koord, Theresa, achter ramen, Den Haag, was 17. In zelfde uitzending als Fiona.
#80: Muriël, op 18e achter een raam in Den Haag gezet (ook op Wallen), 7 maanden gedwongen prostitutie, artikel 13 Februari 2003 (was 18, nu 20, op 19 Maart gevlucht, moet in 2002 zijn geweest). Ook op DVD Scharlaken Koord. Opmerkelijk: ze vertelde in Den Haag tussen allemaal dertigjarige prostituees achter de ramen te hebben gestaan. bron
#81: Boekje Scharlaken Koord, 'Geliefd Kind', Verhaal over de Uruguayaanse  Maria die in haar thuisland in handen viel van een loverboy-pooier 15 jaar voor hem werkte, en ook met hem in Nederland heeft gewerkt (raamprostitutie). Ze werkte uit vrije wil voor hem maar droeg alles aan hem over. (daarom reken ik haar als slachtoffer van mensenhandel.)
#82: Rechtszaak LJN: AA4639, slachtoffer A, Slowakije, van 1 Februari 1998 tot 9 Juli 1998. bron:website www.rechtspraak.nl ... bron
#83: Rechtszaak LJN: AA4639, slachtoffer B, Slowakije, van 1 Mei 1998 tot 18 Mei 1999. bron
#84: Rechtszaak LJN: AA4639, slachtoffer C, Slowakije, van 1 Februari 1999 tot 18 Mei 1999. bron
#85: Rechtszaak LJN: AB1701, slachtoffer 1, 1 Augustus 1999 tot 13 Oktober 2000 bron
#86: Rechtszaak LJN: AB1701, slachtoffer 2, 7 Oktober 2000 tot 9 Januari 2001 bron
#87: Rechtszaak LJN: AB1701, slachtoffer 3, 1 Mei 2000 tot 9 Januari 2001 bron
#88: Rechtszaak LJN: AB1701, slachtoffer 4, 20 Augustus 2000 tot 20 November 2000, alles is vaag, maar er zijn geronseld uit Tsjechie, Slowakije en Duitsland, aantal zijn er tewerkgesteld in een club. Tsjechie, Slowaakse en Oekraïnse vrouw genoemd. bron
#89: uitzending 2vandaag (21 November 2005), Anna (Bulgarije), 40.000 euro verdiend, Wallen (raam), 7 jaar geleden rechtszaak (eerst 1,5 jaar recherchewerk), bende nu vrij, familie gevlucht. bron
#90: Bulgaarse prostituee, op haar 17 geronseld door jongens in het uitgaanscircuit. Uitzending 2 vandaag, 13 September 2002. bron
#91: Nigeriaanse, 6 maanden, (in een huis, ook samen met meisjes uit Pakistan), minderjarig, uitzending 9 December 2002 (subsidie liep 2 jaar) bron
#92: Nigeria, raam, 16 (wallen, ook 1 van 12), uitzending Netwerk 9 December 2002 (subsidie liep 2 jaar) bron
#93:boekje "Whom to trust" van het Scharlaken Koord. Grace. Op haar 21e weggegaan. Op haar 26 weer naar huis. Daarvoor paar jaar voor zichzelf gewerkt. Boek uit 2003. Nigeria. Raam & straat, moet een paar jaar verhandeld zijn geweest.
#94:op oude website Scharlaken Koord. Slachtoffer van een loverboy, na 8 jaar ervanaf.
#95:op oude website Scharlaken Koord. Slachtoffer van een loverboy, tippelzone
#96:op oude website Scharlaken Koord. Slachtoffer van een loverboy , nu 23(20-6-2005), net 15, 3 jaar erin
#97:op oude website Scharlaken Koord. Slachtoffer van een loverboy
#98:Irene. Ze moest achter het raam. bron: EO. 13 Juli 2006. bron
#99:boekje "Verslingerd aan een man" (2001), Tanja,waarschijnlijk op haar 18e bij pedagoog wonen, bijna 3 jaar lang wonen, 1.5 jaar lang voor pooier gewerkt in escort en in clubs (alles naar hem), ik schat dat ze toen 21 was, daarna nog een jaar therapie. bron
#100:"Nieuwe Revu", begin 2005, uit het geheugen (ik heb geen kopie van het artikel), tweeluik loverboy-slachtoffer, Nederlands meisje, 18 jaar, economie studeren [stopte in het eerste jaar], 8 (?) jaar lang achter raam voor Marokkaanse loverboy. Ik schrijf die 8 jaar niet op. quote:"Als hij me had gevraagd naakt door het park te rennen dan had ik dat gedaan". Hij stelde voor aan haar dat andere vrienden van hem ook vriendinnen hadden die in de prostitutie werkten en dat ze met het verdiende geld een huisje konden kopen en trouwen. Ze kon haar eerste klant niet meer herinneren, het geld werd meteen door loverboy ingenomen. Loverboy had vele vriendinnen "Ik leek wel een hond", aan 10 vroeg hij of zij voor hem wilde werken, alleen dat meisje deed het.
#101:Panorama, begin 2005, ook uit het geheugen (geen kopie van het artikel), "Ik moest mijn haar blonderen. Ik leek wel een kanarie; de Kanarie van Ali", ook iets van 8 jaar lang (schrijf dit ook niet op), achter raam en op straat (even in het begin). Nederlands meisje. Ook iets van 18. Vond het leuk werk, hield van sex, na een paar maanden was de lol eraf. Ze werd veel geslagen, ze dacht dat het door de Marokkaanse cultuur kwam, maar ook de andere meisjes vertelden dat ze geslagen werden. Na vele jaren kwam ze erachter dat hij nog veel meer meisjes voor zich had werken, zag ook prostituees met een armband met de naam van Ali, "toen pas gingen mijn ogen open". [In hetzelfde artikel komt ook Sanne aan het woord]
#102:Marokkaans meisje uit een 1 of ander blad, lang geleden (uit het geheugen), werd gedwongen in een appartement en later ook op de bootjes in Utrecht. Zei dat alle vrouwen gedwongen werden behalve een vrouw die een boot voor zichzelf had. Zedenpolitie kwam nooit. Kwam ook een stel langs, vond ze wel leuk. Ze vertelde: je hebt klanten die houden van borsten, of ze houden van billen, dan willen ze dat je speciaal voor ze gaat dansen, en raad eens welk standje zij willen? Op zijn hondjes. Ze werd wel weer door haar familie opgenomen. Ze leed aan overgewicht. Haar pooiers hadden ook bankfraude gepleegd op haar naam waardoor ze op een zwarte lijst staat en nooit meer leningen kan afsluiten.
#103:"Trukendoos", Metje Blaak,1998, 2 prostituees die zich laten slaan door hun partner op pagina 34, werkten in club
#104:"Trukendoos", Metje Blaak, 1998, vlak voor het schrijven van dit boek. Een 45-jarige vrouw (pagina 181). 15 jaar in het leven. Een deel voor een bikker. Was dus 30 toen ze erin ging. Een oude slachtoffer van een loverboy dus.
#105:website Blixum, zus van het meisje had 2 jaar in Amsterdam gewerkt voor een Tunesische pooier, het meisje (niet het slachtoffer zelf) is 17 (in Oktober 2005), was 2 jaar na haar 8e toen het gebeurde. bron
#106:website Blixum, Lisa, 15 jaar, ontvoerd, verkocht, raamprostitutie (nu 19, December 2005). bron
#107:website Blixum, Aniem, 9 maanden lang geëxploiteerd, is nu 16(11-2-2006), 6 maanden er vanaf (was 15/16), sexfilms(!!!!). bron
#108:website Blixum, Lin, straatprostituee, December 2005, is nu 16, (was 14), moet een jaar eerder zijn geweest want zo oud is haar kind. bron
#109:website Blixum, Nadia, 23 (Juni 2006), 6.5 geleden verliefd op loverboy, na een tijdje (inmiddels ook kind), 3 jaar lang achter ramen en bordelen. bron
#110:slachtoffer achter ramen in vooral Haarlem. bron (pagina 8), oorspronkelijk artikel uit Haarlems Dagblad 2-9-2002
#111:2 Thaise vrouwen in een club/escortservice (Thai privé), in 2001. bron: SRTV nieuwsbrief. bron (pagina 8-9), artikelen oorspronkelijk uit Januari 2003
#112:Tsjechische vrouw, eerst vrijwillig, later gedwongen in een club, Noord-Midden Limburg. bron: SRTV Nieuwsbrief. bron (pagina 8-9)
#113:Sonja, Letland (niet Anna!!!!), club. bron: SRTV Nieuwsbrief. bron (pagina 4-5)
#114:getuigenis van de exploitant Escapade in Enschede op hookers.nl over een slachtoffer van een loverboy die er even werkte. bron
#115:uit Wageningen, door een autochtone pooier, Claudia, nu 32(14-2-2004), 7 jaar achter raam, sinds een jaar van pooier verlost. bron:het Parool, Zaterdag 14-2-2004/pagina 4
#116:Chantal, raam Alkmaar, was toen 15, weet niet wanneer. bron
#117:Nadia, werkte voor Mo, was toen 17, werkte ongeveer 4 maanden in een (illegaal?) privé-huis, ze is nu 20 (25-5-2006). bron: een Marokkaans forum. bron Opmerkelijk, ze beschrijft een waarschijnlijk illegaal privéhuis en een illegale club waar voornamelijk criminelen komen. In een rapport over jeugdprostitutie wordt op pagina 37 vermoedens uitgesproken over het bestaan van zulke bordelen die hoofdzakelijk worden gebruikt door Marokkaanse drugsdealers.
#118:een moeder op een forum over haar dochter, nu 19(23-1-2006), 4 maanden terug, 6 maanden uitgebuit op de Wallen. bron
#119:onbekend artikel (staat nog op hookers.nl), "Vier jaar geëist tegen Venlose loverboy". Zeeuwse, 17, start Juli 2001, Wallen, tot September 2002 (ze ontdekte dat pooier vader was van een zoon en toen gingen ogen open)
#120:"Jaar celstraf voor escortduo". 15 jarige moeder, escort Diabolo (illegaal), van Februari tot November 2003, Roemenie
#121:Natasja, nu 22(2-12-2005), op 16 door een loverboy gedwongen, 1 jaar voor hem gewerkt. bron: "Werkplekforum". bron
#122:verhaaltje Scharlaken Koord (ik twijfel aan de echtheid), 1 dag gewerkt achter raam, datum onbekend. Over een meisje en haar loverboy Driss. Stond op oude website Scharlaken Koord.
#123:Danielle, te weinig informatie. DVD Scharlaken Koord (uitzending is 2 jaar na die van Fiona en Theresa). De uitzending moet rond 13 Februari 2003 zijn geweest. 
#124:"Vrouwenmantel" van Dieuwke Talma, Geri, boek uit 2003, praatgroepen tussen acht jaar geleden en 2003. Was 16 toen ze door een loverboy in de prostitutie en heeft vele jaren voor hem gewerkt. Pas toen ze erachter kwam dat er meer meisjes voor hem werkte gingen haar ogen open.
#125:"Vrouwenmantel", Milla, boek uit 2003, praatgroepen tussen acht jaar geleden en 2003. Werkt in clubs voor haar vriend.
#126:Fatima, 12!!!, Wallen, Somalië,artikel 15-1-2004. bron (zie pagina 6)
#127:Litouwse bevrijd uit een escortservice, een artikel van 9 Juni 2006. bron
#128:Blessing, Nigeria, enkele jaren voor 2002, nooit geëxploiteerd maar werd bijna achter een raam gezet. bron: IKON-RTV, uitzending op precies 2 jaar na opheffing bordeelverbod. bron
#129:Bulgarije, 3 maanden geëxploiteerd. bron: rapport BLINN "Een weg terug?", Juni 2004. bron
#130:Roemenië. BLINN-rapport, tippelzone, "Een weg terug?" bron
#131:Moldavië, 2 maanden geëxploiteerd. BLINN-rapport "Een weg terug?" bron
#132:Bulgarije, ook in Duitsland, 2 jaar geëxploiteerdm, achter ramen in Nederland. BLINN-rapport "Een weg terug?". bron
#133:Roemenië, 2 vrouwen, op een tippelzone, meer dan 2 jaar in B9-procedure. BLINN-rapport "Een weg terug?" bron
#134:Nigeria, 6 jaar geleden (voor Juni 2004) naar Nederland, 3 maanden geëxploiteerd. BLINN-rapport "Een weg terug?" bron
#135:Albanië, nu 24 (Juni 2004), toen 17, jarenlang gedwongen. BLINN-rapport "Een weg terug?" bron
#136:Suriname, tijdje terug (voor 2003), meer dan 8 maanden, massagesalons, club. bron:"dagboek van een hoerenloper" bron
#137:Linda van Goch, NL, geboren in 7 September 1963, gebeurde op haar 19e, 7 maanden achter raam op de Geleenstraat gewerkt. bronnen: bron1 en bron2
#138:NL, het "derde meisje", raam, tippel, 6 jaar lang relatie, bron:Persbureau Argos, 8 Oktober 2003
#139:Rusland, raamprostitutie, ruim een jaar, bron
#140:zelfde geval als boven, 3 maanden bron
#141:zelfde geval als boven, 4 maanden bron
#142:zelfde geval als boven, 3 maanden bron
#143:Thaise vrouwen, club. bron
#144:Roemeense vrouwen, ééntje licht ik er uit, 3 maanden. bron
#145:Joegoslavische vrouwen, 9 maanden. bron
#146:Ghana, wipperceel. bron
#147:op hookers.nl, 15 jaar geleden (21-4-2005), was toen 14. Geleenstraat. 13 jaar lang niet gesproken (suggereert 2 jaar gedwongen). bron
#148:Nederlands, 16 jaar, eerst in privé-ontvangst, 2 dagen na haar 18de achter ramen, datum onbekend, bron:"Illegaliteit, onvrijwilligheid en minderjarigheid" (2002). bron
#149:Russische vrouw (nu 25), half jaar in de prostitutie, ook in Duitsland, verkocht aan Albanezen door Koerd in Nederland, tippelzone, datum onbekend, rapport 2002, bron:"Illegaliteit, onvrijwilligheid en minderjarigheid" (2002). bron
#150:"Loverboy of gewoon een lieve jongen", NRC 8 Augustus 2006. Esmeralda was 19 (nu 23 in 2006) toen ze voor Ali E. 2 jaar lang als prostituee ging werken, in een 'privéhuis' van een Turkse vriend. bron
#151:Europees onderzoeksrapport met een casus (zie pagina 313) over een Bulgaarse vrouw die in Nederland 8 maanden achter de ramen in Amsterdam werkte. bron
#152:Casus 1 uit scriptie van Averdijk in de bijlage. Litouwen, seksclub in Twente. Eerst ook in Duitsland. 4 maanden geëxploiteerd. bron
#153:Casus 2 uit scriptie van Averdijk. Tsjechische. Club in Twente. 15 jaar oud. Van zomer 2001 tot September 2001. Club. bron
#154:Casus 4 uit scriptie van Averdijk. Tsjechische. Club in Twente (eerst als straatprostituee in Tsjechië, ook een jaar in Neurenberg als escort). Van Juni tot November 2001 in Nederland. bron
#155:Casus 6 uit scriptie van Averdijk. Estse vrouw wordt korte tijd gedwongen als prostituee te werken. Locatie onbekend. bron
#156:MTV-exit. Inhuman traffic. Moldaavse Tatiana werd 6 maanden gedwongen als prostituee te werken in Amsterdam. bron
#157:uit "Loverboys, een publieke zaak" (2005), door Linda Terpstra, Anke van Dijke en Marion van San.... Hamid B., exploiteerde een 22-jarig meisje op de Wallen. Raamprostitutie. gevangenisstraf 2 jaar, over paar maanden vrij.
#158:"Loverboys, een publieke zaak". Rachid B. Had 2 jaar lang Kelly voor zich werken in de raamprostitutie door het hele land. In 1998 aangifte.
#159/160:"Loverboys, een publieke zaak". Regi M. had 2 meisjes van 15[#150] en 16[#160] (kort) achter de ramen. 1997. Had daarvoor al Isabelle voor zich werken.
#162:"Loverboys, een publieke zaak". Stanley P. Exploiteerde verschillende vrouwen (20 of zo). o.a. een meisje (#162) van 19 toen hij nog 14 was. Nu is hij 24. Die Stanley P. was actief in de raamprostitutie maar ook in de escort.
#163:"Loverboys, een publieke zaak". Martijn de J. Had een meisje 3 jaar voor zich werken. In de privéontvangst en in een bordeel (club?/privéhuis).
#164:"Loverboys, een publieke zaak". Murat F. 4 jaar geleden. was actief in de raamprostitutie op het Zandpad en op de Wallen. Exploiteerde een meisje (Mireille) van 18.
#165:"Cel geëist tegen mensenhandelaar in Bergen", BN, 11 Januari 2005, Vif Janssen, omstreeks April-Juni 2002 in sexclub de Rimboe handel in Bulgaarse en Poolse vrouwen. andere bron
#166:"OM:Afrikaanse asielzoeksters gruwelijk vernederd en mishandeld in 'seksloods'". Trouw, 11 Januari 2005. 3 Afrikaanse vrouwen van 22 tot 27 jaar oud mishandeld in seksloods waar ze seks moesten hebben met dieren. (Ze werkten ook in de escort). Moet omstreeks April 2005 zijn geweest.
#168:Tatiana uit Wit-Rusland, nachtclub, 4 maanden, datum onbekend. bron
#169:ecpat-rapport, case 3. Maria, al vanaf 11de in prostitutie (in thuisland). later in Nederland in club, verkocht aan een Griek en nu in een bar. Op 16e ontsnapt. Op November 1998 aangifte (na een tijdje), In April 1999 aangifte. bron
#170:ecpat-rapport, case 2. Tatjana, Roemenië, datum onbekend, club in Nederland. Dochter waarschuwde haar vader die haar in huis opnam. Drie dagen in club. bron
#171:ecpat-rapport, case 1. Nikita, Tsjechië, werkte al als prostituee, werd ontvoerd,datum onbekend, club. bron
#173:ecpat-rapport, case 9. Tsjechië, 16 jaar, voor 2000, bordeel. bron
#174:Albanië,bijna 17, ook in het buitenland (Marseille bijna een jaar etc...), in Amsterdam in een koud kamertje met drugsverslaafden waar ze klanten moest ontvangen, jaar onbekend. Website ex-oriente-lux.org. bron
#175:4 Braziliaanse vrouwen in een escortservice in Marum en De Wilp, 10-12-2003, neem de 30-jarige Braziliaanse vrouw. bron
#176:Natalia wordt beschreven in 'Valse Belofte'(2005) en in de "Rode Lantaarn". Nr. 5 Oktober 2004/Januari 2005. In 'Valse Belofte' is ze Roemeens, maar in de 'Rode Lantaarn' is ze Moldaavs en werkt ze in de straatprostitutie. Het artikel is waarschijnlijk uit 2004, toen was ze 23 en de winter daarvoor werd ze bevrijd (toen was ze dus waarschijnlijk 22) van een tippelzone. Natalia werkt(e) ook voor Atalantas en is niet dezelfde als Tatjana. Ook in "Valse Belofte" is ze door "een goede vriend" verkocht. In Valse Belofte heet ze trouwens Natalie. Atalantas opgericht op 30 December 2003
#177:Yvette in 'Valse Belofte'(2005) op pagina 144-145. Ze is een Letse die in Alkmaar achter de ramen werkte. Anna Ziverte kwam haar tegen toen ze werkte voor de advokaat Arie van Driel. Ze begon op 2 September 2002 voor hem te werken (moet omstreeks die periode zijn geweest).
#178:Sanne in 'Valse Belofte' (2005) op pagina 134-135. Ze werd door de Turkse Serkan naar Nederland gehaald. Ze was verliefd op hem en wilde zijn schulden afbetalen door voor hem als prostituee te werken. Haar vriendin Lize kwam ook naar Nederland en werkte ook voor Serkan en was onder de dope. Het moet tussen April 2000 en September 2002 zijn geweest want toen ging ze op veldwerk als tolk voor de 'Belangenorganisatie voor migranten en prostituees' (waarschijnlijk TAMPEP).
#179:Bulgaarse in 'Valse Belofte' (2005) op pagina 131. Veldwerkperiode van Anna Ziverte.
#180:Tweeling uit Moldavië in 'Valse Belofte' (2005) op pagina 134. Ze werkten in de escort. Veldwerkperiode.
#181:Oekraïnse in 'Valse Belofte' (2005). In veldwerkperiode.
#182:Zie op pagina 49 over een Marokkaanse die gedwongen wordt achter een raam te werken in rapport over minderjarigenprostitutie uit 1998
#183:Artikel Nieuwe Revu 24, 2005, "Steeds meer moslima's in de Nederlandse prostitutie". Marokaanse Boutane 25 jaar. Op haar 16de in de Geleenstraat achter het raam door haar Marokkaanse pooier die ook haar vriend was.
#184:Artikel over raamprostitutie op de oude website van de Rode draad. 'De laatste jaren was een belangrijk punt van discussie het gebrek aan veiligheid in de raamgebieden, ontstaan doordat vooral jonge criminelen klanten en prostituees beroofden. Ook werden prostituees door deze lieden afgeperst. Zo vertelde een vrouw uit Den Haag: "De vrouw naast me werkt voor een Marokkaan. Hij kwam pas naar me toe om te zeggen dat ik mijn prijzen omlaag moest doen. Deed ik dat niet, dan moest ik hem het verschil betalen.' datum onbekend, nationaliteit onbekend
#185:"er gaat iets veranderen in de prostitutie". Pagina 46. Een raamprostituee gedwongen door haar pooier. Te weinig info. voor 2000. bron
#186:Utrechtse in het artikel in de 'Nieuwe Revu' van begin 2005. Hetzelfde artikel als van casus #101. Deze roodharige Utrechtse werkte volgens Lou Repetur op de bootjes in Utrecht en had zich volledig geïslamiseerd, ze sprak met een Marokkaanse tongval (vroeger sprak ze met een Utrechtse tongva), droeg een tatoeage met de naam van haar vriend en verfde haar haar zwart (ze had rood haar). Wanneer ze niet werkte droeg ze een sluier. Volgens Repetur zijn het beschadigde personen. datum onbekend
#187:Libelle, 29 Mei t/m 24 Juni 2006, Nr.22, "Anna's dochter viel in handen van een loverboy". zij is nu 18 (Mei 2006?), op haar 12de in de gedwongen prostitutie. Ze werkt nog steeds. Nu achter de ramen. Daarvoor in (waarschijnlijk) illegale bordelen. "Er bestond een vermoeden dat er in het huis prostitutie plaatsvond en dat mijn dochter in de val was gelopen van een loverboy. Haar verhaal staat ook in de Esta nr. 19 (2005). En ook in de Linda (September 2007): Moniques dochter viel in handen van loverboys ‘en de politie doet niets’. In dat artikel heet de dochter Debby.
#188:Panorama, 23 Augustus-30 Augustus 2006, nummer 34, Mandy (18) werkt in Amsterdam en in Den Haag (drie weken volgens SBS 6-uitzending) achter de ramen voor een Surinaamse pooier. Ze is nu (2006) achttien als ze in de Dominicaanse Republiek achter de tralies zit voor drugssmokkel. Andere bron: SBS 6-actueel, 7 Mei 2007, "Mandy Pijnenburg: 18 jaar en gevangen in het buitenland" bron
#189:hookers.nl, Jane de Overijsselse wordt 2 jaar lang op het Spui geëxploiteerd. recensie is van 7-2-2005. bron
#190:Marie Claire, September 2006. "Ik ben rechtenstudent en escortgirl". Een madam van een luxe escortbureau (die zelf ook als prostituee werkt) vertelt dat:"Bij het afnemen van sollicitatiegesprekken let ik vooral op de uitstraling van een meisje en op de sociale vaardigheden, want dat is een absoluut vereiste voor dit vak. Je móet een conversatie gaande kunnen houden. Daarnaast is het belangrijk dat de vrouwen weten hoe ze zich presenteren, maar dat leer ik ze als ze door de eerste ronde heen zijn. Ook moeten meisjes dit werk vrijwillig doen. Ik heb één keer een meisje in dienst gehad van wie ik vermoedde dat ze gedwongen werd. Toen ik haar ernaar vroeg, bleek inderdaad dat haar vriend erachter zat. Ik heb de politie ingeschakeld, want dat is niet de bedoeling." Ze heeft het bureau al drie jaar, is nu 22, en begon op haar 19 als callgirl en na drie maanden had ze een eigen bureau. Ik neem aan dat het slachtoffer Nederlandse is.
#191:Volg het verhaal van de Russische Irina, na de legalisering van prostitutie in Duitsland werd ze verhandeld naar Duitsland en daarna naar Nederland in de club genaamd Diplomat. Waarschijnlijk is dit Club Baccara Diplomat in Winschoten op de Rozenstraat 2, 9671BM KVK: 02094391 0000. Dit moet allemaal na 2002 zijn gebeurd. bron
#192:website lover-boy.nl, Painstory, op haar 14de erin, half jaar achter de ramen, ook een kindje van hem. bron
#193:website lover-boy.nl, José, werkte eerst zelfstandig, later voor pooier, dan weer voor zichzelf, te weinig info. bron
#194:website lover-boy.nl, Halima, waarschijnlijk een Marokkaanse Nederlander, 8 maanden deed ze het voor geld voor een loverboy. bron
#195:website lover-boy.nl, Daisy, 1.5 jaar lang slachtoffer geweest. bron
#196:website lover-boy.nl, gOudmOkkeltsJ, 2 maanden achter raam. bron
#197:website lover-boy.nl, Student vertelt dat ze een meisje van 19 kent die voor haar vriend werkt, te weinig info. bron
#198:website lover-boy.nl, Eline vertelt over haar vriendin die het ook heeft meegemaakt, ze was 15. Nu is ze 16 (bericht van 14-2-2006) Is voor pooier achter de ramen gaan werken. bron
#199:website lover-boy.nl, Rianne's vriendin is dit ook overkomen, deed het 3 maanden voor geld. bron
#200:website lover-boy.nl, Rian is nu 20 en heeft 2 jaar lang hiermee te maken gehad. bron
#201:website lover-boy.nl, Tiana, was net 19, heeft 2 dagen achter raam gestaan. bron
#202:website lover-boy.nl, Sasja, heeft 8 jaar van haar leven weggegooid. Ze was toen 14. bron
#203:website lover-boy.nl, Kelly, is nu 25 (op 19-5-2005), en werkt al vanaf haar 14de, door een loverboy. bron
#204:website lover-boy.nl, Esma(ralda), drie jaar gewerkt voor loverboy, van 2001 to 2003. bron en bron
#205:website lover-boy.nl, Kaatje, werkte 1.5 jaar voor een loverboy achter een raam. bron
#206:AD, 2-3-2006,"verloren in een wereld die Deetman verkocht". Douzia (26) werkte vanaf haar 16 voor een loverboy. Ze werkte op de Theemsweg, of feestjes en in sleazy privé-huizen (waarschijnlijk illegaal). bron ander artikel AD, 19-5-2006, "Prostituee vindt een échte baan". bron
#207:Trouw, 26-5-2003, "Seksueel misbruik / Veilig heenkomen na leven met loverboy". Nancy werd op haar 15de gedwongen om in de prositutie te werken. Ze is nu 19 en net een paar maanden uit dit leven. (gok, volgens mij werkte ze 4 jaar in de prostitutie) Onbekend waar. bron
#208:Website bewareofloverboys.nl. Gina schrijft haar verhaal bij de reacties. Ze is in Nigeria geboren, maar heeft een Nederlandse moeder. Ze werd door haar ouders overgedragen en een 1 man en 1 vrouw, en in Nederland doorverkocht aan een pooier. Ze was 14 toen ze aankwam uit Afrika. Ze was 17 toen ze ontsnapte uit het bordeel ("best een groot huis met heel veel ramen"). Ze moest af en toe ook tippelen. Ze was trots dat ze een hoer was.
#209:De Gelderlander, datum onbekend, "Arnhemse loverboy moet jaren de cel in". De loverboy exploiteerde een meisje als escort in de wijde omgeving in Arnhem maar ook in de raamprostitutie in Amsterdam. Ze werde gerecruteerd toen ze nog minderjarig was. Hij mishandelde haar stelselmatig. bron
#210:Reformatorisch Dagblad, 16-4-2004, "Illegale Bulgaarse vrouw 'verkocht' voor 50.000 euro". Een 36-jarige Bulgaarse madam dwingt 3 vrouwen om voor een escort-bureau te werken in Gemert. Ze verkoopt een 20-jarige Bulgaarse aan een verliefde klant voor 50.000 euro. bron
#211:Reformatorisch Dagblad, 10-3-2004, "Vier jaar cel voor Roemeense vrouwenhandelaren". 7 Roemeense vrouwen worden geëxploiteerd in de de seksclubs Casa Grande in Gieterveen en La Gare in Assen. bron
#212:Het boek “Handel in harststocht” van Sietske Altink (1995) op pagina 52/53

De thuiswerkster Diane. Sietske Altink bezoekt haar en haar man in hun woning. Ik heb over dit geval lang naggedacht of ik deze zou opnemen als een geval van mensenhandel in de prostitutie. Lees eens dit citaat voorzien van uitroeptekens:

“ ‘De buitenwereld snapt niets van onze relatie. De mensen vinden dat hij de grote pooier uithangt. Ik werk twaalf uur per dag [!!!!]. Hij is er dan steeds [!!!!]. Hij gaat drie keer per dag met de hond uit. ’s Morgens drinken we eerst koffie in bed. Om acht uur zegt hij dat ik mijn bed uit moet [!!!!]. We zorgen met zijn tweeën dat de boel aan de kant is. Boodschappen doen we samen. Als ik geen zin heb, gaat hij alleen.’ Diane werkt om de schulden van haar man af te betalen [!!!!]. ‘Door mijn ex-vrouw gemaakt’, voegt hij er met een grafstem aan toe.”

Ik reken dit geval toch mee als gedwongen prostitutie. Ten eerste dwingt hij haar om aan het werkt te gaan. Ten tweede zijn haar werkuren onmenselijk lang, en ten derde draagt zij al haar inkomsten over, wat een oneerlijke arbeidsrelatie is. Ten vierde is het voorwendselen van het hebben van schulden een standaard-truc van pooiers om potentiele slachtoffers over te halen voor hen als prostituee te werken.

Ik vraag me af of dit geval uniek is. Als je een loverboy-verhaal hoort dan hoor je meestal over gevallen waarin allochtone jonge mannen Nederlandse meisjes exploiteren in de raamprostitutie. In het geval van Diane gaat het waarschijnlijk om een oer-Hollandse man die zijn oer-Hollandse vrouw dwingt als thuiswerkster te werken. Zou dit geval uniek zijn? Of komt dit veel vaker voor? Waarom hoor je daar zo weinig over?

#213:Parool, 20-10-2005, "'Loverboy' Gino (23) verleidde Cecile; OM eist jaar cel en tbs". Cecille wordt op haar 14de een paar dagen gedwongen achter het raam te werken en verdiende tot duizend euro per dag. Ze werd bijna doorverkocht voor 15.000 euro. Het gebeurde allemaal in Augustus-September 2004. Ze werde 2 September opgegepakt, ze een tijdje in de jeugdgevangenis en zat weer een dag achter het raam. bron
#214:"Onderzoeksrapport: loverboys in Amsterdam", Frank Bovenkerk, 2004. Eenzelfde geluid komt van ervaringsdeskundige Jenny, 51-jarige prostituee die al meer dan dertig jaar op straat werkt en die tegen De Volkskrant op 23 november 2004 over vroeger vertelt. 'Ze ziet ze vaak genoeg op de (Utrechtse) Europalaan: de achttienjarige meisjes die door hun zogenoemde vriendjes worden gedwongen zich daar te prostitueren. (…) Loverboys heten dat soort vriendjes nu. Maar een nieuw fenomeen? Laat Jenny niet lachen. Ze steekt een nieuwe sigaret op. 'Ik was zeventien jaar toen ik van mijn vriendje achter het raam moest gaan zitten op de Wallen.' bron
#215:Sekswerk (Sietske Altink, 1990). Ina werd door haar pooier gedwongen achter het raam te werken.
#216:Sekswerk (Sietske Altink, 1990). Leonie werkte voor drie pooiers. Ze had haar eerste pooier toen ze als minderjarige achter het raam zat.
#217:Sekswerk (Sietske Altink, 1990). Judy werkte het eerste jaar voor haar vriend.
#218:Parool, Amsterdam, 30-4-2005. 'Ik moest geld voor hun verdienen'. Gabriëla, 27, Bulgarije. In Amsterdam op de tippelzone. Ook escort. Dan weer tippelzone. 4 weken gingen voorbij. bron
#219:Toos Heemskerk in het boek "Loverboys en moderne pooiers" door Frank Bovenkerk. Toos Heemskerk had een ervaring met een Tsjechische prostituee die in de jaren negentig werd gedwongen op de Wallen voor een pooier te werken.
#220:Lucy gedwongen door een loverboy in de Havenmond 2006 (Stichting de haven). Achter de ramen in Den Haag. bron
#221:Volkskrant Magazine, 22-4-2006. "Ik was kwaad op de wereld". door Aimee Kiene. Romy Banjo (17). Op haar 4de verhuisde ze van Ghana naar de Bijlmer. Op haar 13de kreeg ze een relatie met Wesley. Hij zat in een Surinaamse Kaboela-band. Hij begon haar met zijn familie-leden te delen. Ze leed een wild en losbandig leven. Ze ontmoette de Ghanese pooier Stefano die meisjes voor zich had werken. Hij stelde voor dat zij ook voor hem ging werken, ze spraken af 50/50, 20 euro per klant. 5 maanden heeft ze voor hem gewerkt. Hij bleek alles te hebben gehouden. Ze komt uit een Islamitisch gezin, maar bekeerde zich tot het Christendom. Ze werkte in het huis van de klanten maar ook in die van de pooier.
#222:"Op het schoolplein lonkt de loverboy, Onder dwang achter het raam" door Rene Kooijman, 0|25 Mei 2001, Tijdschrift voor Jeugdhulpverlening. Ellie is slachtoffer van een loverboy. Ze was 17 toen ze verlief werd op een Antilliaanse jongen. Ze werkte 2,5 jaar voor haar loverboy. Ze kreeg ook een kind van haar loverboy.
#223:Multined, 20-11-2002. "Loverboys blijven actief in Nederland". Loverboy-slachtoffer Miranda. 'Binnen twee weken stond ik achter het raam'. Ze zit nu 5 weken in het opvangcentrum. Daarvoor werkte ze 5 maanden achter het raam door een Marokkaanse loverboy.
 
vervolg op:
 
Lees meer...
Categorieën
Onestat
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl